Wetenschapper Sander Otte zag een grafiek over de opwarming van de oceanen en ‘het koude zweet brak me uit’. Sindsdien is hij ook activist
Hij loopt naar het blackboard, pakt een krijtje en begint te tekenen. Eerst een cirkel, daarna drie steeds kleinere taartpunten. „Iedere burger mag zich uitspreken, dat is de cirkel. De drie kleinere stukken omvatten eerst alle academici, dan de bètawetenschappers en ten slotte mijn vakgebied, de kwantumfysici. Ook als een maatschappelijke vraag buiten mijn vakgebied valt, moet ik me kunnen uitspreken als academicus of bètawetenschapper. Ik vind dat dat hoort bij mijn academische verantwoordelijkheid.”
De vraag was waarom hij zich als hoogleraar natuurkunde aan de TU Delft zo nadrukkelijk uitspreekt. Vaak als eenling, over de klimaatcrisis en tegen ‘militarisering’ van de wetenschap door de oorlog in Oekraïne. Een actuele vraag, want deze week verschijnt een nieuw advies van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen over de vrijheid van meningsuiting van wetenschappers, ook als ze buiten hun strikte vakgebied activistisch opereren.
Dat geldt zeker voor Sander Otte. Op zijn sobere werkkamer aan de TU Delft vertelt hij gloedvol over zijn werk („We hebben beneden in het lab een microscoop staan waarmee studenten atomen kunnen bestuderen en rangschikken. Dat is echt heel bijzonder, geen mens kan kleiner bouwen dan dat”). Maar naast de quantumformules op het blackboard hangt een affiche dat niks aan duidelijkheid te wensen overlaat: „Samen tegen fascisme.” Otte lacht: „Ik heb dat daar expres laten hangen, om collega’s aan het denken te zetten. Wetenschappers moeten het grotere plaatje van deze tijd niet uit het oog verliezen.”
En wat is dat grotere plaatje? „We leven in ontzettend gevaarlijke tijden, de bedreigingen zijn enorm, de klimaatcrisis voorop.” Hij herinnert zich hoe dat besef als een bliksem bij hem toesloeg. „Het was drie jaar geleden hier in deze kamer. Ik zag een grafiek van de opwarming van de oceaan en het koude zweet brak me uit. Ik heb twintig minuten naar adem staan happen. Ja, andere mensen hebben het misschien bij beelden van rampen, ik had het bij een grafiek.”
Militarisering is een groot risico, net als het techno-optimisme dat nu ook in het klimaatdebat hoogtij viert
Sindsdien is Otte (46) betrokken bij Extinction Rebellion, deed hij mee aan acties op de snelweg en schrijft hij een kritische column over klimaat en andere actuele kwesties in het universiteitsblad Delta van de TU. „Je ziet het onderwerp uit de politiek wegzakken, ook bij de voormalige ‘klimaatdrammer’ Jetten. Maar wij wetenschappers moeten erop blijven wijzen. Daarom schrijf ik ook die column.”
Hoort hij daar veel op? „Te weinig. Ik probeer discussie los te maken, maar dat lukt niet echt. Mensen zijn toch vooral bezig met hun directe werk, niet met de bredere maatschappij. Dat zou wel moeten vind ik, want dat hoort bij een universiteit – en dat is de TU óók. Aan de andere kant, ik ondervind ook geen weerstand.”
In zijn column waarschuwt hij voor de risico’s van dual use, onderzoek dat een civiele én militaire toepassing kan hebben. De vereniging van Nederlandse universiteiten tekende dit jaar een overeenkomst om meer te gaan samenwerken met Defensie, de TU Delft deed dat zelf al een jaar eerder. Defensie opende in juli het MIND Tech Centre (Military Innovation by Doing) op het terrein van de TU.
Otte ziet het met lede ogen aan. „Het gebeurt achter gesloten deuren, ik vind niet dat dat hoort aan een universiteit. Militarisering is een groot risico, net als het techno-optimisme dat nu ook in het klimaatdebat hoogtij viert, het idee dat technologie alles kan oplossen. Dat gaat volgens mij ook op voor dit conflict.” Deze week gaat hij aan de TU in debat met Joris Luyendijk over de rol die de universiteit zou moeten spelen in de verdediging van Oekraïne.
We zijn zo goed als in oorlog met Rusland. Moet de wetenschap daar dan niet ook een handje in helpen, in het landsbelang?
„Dan definieer je landsbelang wel heel smal, er zijn veel meer grote problemen. Ik ben geen pacifist, ik ben ook niet tegen steun aan Oekraïne. Maar om nou alle kaarten te zetten op militaire escalatie lijkt me onverstandig. Is Rusland echt onze grootste bedreiging? Dan vergeet je weer het grotere plaatje, het klimaat of de ondermijning van de democratie en van de onafhankelijke wetenschap.”
Ook hier in Nederland dus?
„Ik vind de huidige politieke situatie bij ons heel zorgwekkend. Welke effecten gaat die militarisering van wetenschappelijk onderzoek en van de hele samenleving hebben als de oorlog in Oekraïne eenmaal voorbij is? Ik vind dat universiteiten zich als kritische instellingen met zulke vragen moeten bezighouden, ook de TU. Daar ontbreekt het nu aan. Die poster hangt er ook niet voor niets. Militarisering gaat vaak hand in hand met fascisme.”
Ja, Rusland is daar bij uitstek het voorbeeld van. Oekraïne steunen is dus ook antifascistische strijd, kun je zeggen.
„Ja maar hoe ver ga je daar in? Is dat alleen maar door zelf ook te gaan militariseren en vechten? Binnen de Partij voor de Dieren, waar ik lid van ben, is die discussie ook gevoerd. Met puur pacifisme red je het niet, was ook daar de conclusie. Ik wil al helemaal geen Poetin-Versteher zijn. Maar je moet toch ook je eigen maatschappij en instellingen als universiteiten beschermen? Het is nog niet zo ver in Nederland, maar ik maak me er grote zorgen over. We leven in enge tijden.”
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.