Charlène von Saher, kleindochter van Jacques Goudstikker: ‘Ik voel me beledigd als mensen zeggen dat het erfgenamen om geld gaat bij claims op roofkunst’
Eind september bracht Charlène von Saher een bezoek aan Nederland. Samen met haar 6-jarige zoon was ze bij de plaatsing van een Stolperstein, een kleine gedenksteen, voor de Herengracht 458 in Amsterdam. Op dat adres was tussen 1929 en 1940 de kunsthandel van haar grootvader Jacques Goudstikker gevestigd, waar zich verzamelaars van over de hele wereld meldden. Ze vergaapten zich aan de gotische, Italiaanse en oud-Hollandse stijlkamer en de imposante zeventiende-eeuwse plafondschildering van Gerard de Lairesse.
Von Saher was ook bij de presentatie van Gestolen geluk, een roman over haar grootouders, waarvoor zij persoonlijke archiefstukken ter beschikking stelde aan auteur Elle van Rijn. Het boek werd uitgereikt op Kasteel Nijenrode, dat ooit eigendom was van haar grootvader, die daar verkooptentoonstellingen organiseerde met optredens van beroemde musici als Pablo Casals en Jo Vincent. In 1937 wist Goudstikker de Oostenrijkse sopraan Désirée (‘Dési’) von Halban-Kurz te strikken voor een ‘Weense Avond aan de Vecht’. Het was liefde op het eerste gezicht. In 1939 werd hun zoon Edouard geboren.
In een Zoom-gesprek vanuit het Amerikaanse Greenwich (Connecticut) kijkt Charlène, dochter van Edouard, terug op een jaar vol ontwikkelingen rond door haar familie ingediende restitutieclaims: een Argentijnse rechter dwong de teruggave af van een schilderij dat, zo ontdekte het Algemeen Dagblad, in de woonkamer van de dochter van een naar Argentinië gevluchte nazi hing. De nazaten van een Nederlandse collaborateur gaven een schilderij van Toon Kelder terug. En na een advies van de Restitutiecommissie kan de familie weer beschikken over een werk van Jan van Goyen uit de Rijkscollectie, dat zich in het Mauritshuis bevond.
„Betekenisvol en productief”, noemt Von Saher haar bezoek aan Nederland. Ze hoopt dat mensen door de gedenksteen en het boek stilstaan bij het lot van haar Joodse grootvader, die in mei 1940 met Dési en Edouard naar de VS probeerde te vluchten. Niet lang nadat ze in IJmuiden aan boord van een vrachtschip waren gestapt, stierf Jacques na een val in het ruim tijdens een nachtelijke wandeling. Hij werd onderweg in Engeland begraven.
In zijn borstzak trof Dési het zwarte, leren notitieboekje aan waarin Jacques 1.113 kunstwerken had genoteerd, zowel die uit zijn eigen collectie als die van zijn kunsthandel. Ze nam het boekje mee naar haar nieuwe thuisland, dat zij in 1965 verruilde voor Nederland. Ze bleef daar wonen tot haar dood in 1996. Haar zoon Edouard overleed een paar maanden na haar.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/12130326/121026CUL_2037318029_boekje.jpg)
Het befaamde zwarte boekje waarin Jacques Goudstikker zijn kunstaankopen bijhield.
Foto MARCEL ANTONISSE / GEMEENTE ARCHIEF AMSTERDAM / ANPDe Duitse zakenman Alois Miedl zorgde er na Goudstikkers dood voor dat Goudstikkers personeelslid Arie ten Broek tijdens een aandeelhoudersvergadering tot directeur werd benoemd. Een onwettige benoeming, omdat hoofdaandeelhouder Dési ontbrak. Ook bij wat volgde werd zij buitenspel gezet: Ten Broek ondertekende twee verkoopovereenkomsten, één voor Miedl en één voor rijksmaarschalk Hermann Göring. Voor 550.000 gulden kocht Miedl de handelsnaam ‘J. Goudstikker’ en diens onroerend goed, waaronder het pand aan de Herengracht en Kasteel Nijenrode. Göring verwierf voor 2 miljoen gulden de rechten op alle kunst van Goudstikker in Nederland, waaronder acht schilderijen van Rembrandt en twee van Vermeer – een fractie van de werkelijke waarde.
Zeven jaar na de bevrijding trof Dési (met tegenzin) een schikking met de Nederlandse staat. Voor zo’n 500.000 gulden kocht ze een aantal panden terug die voor de oorlog op naam van haar man stonden, en zo’n driehonderd voorwerpen die Alois Miedl zich had toegeëigend. De schilderijen van de Göring-transactie bleven buiten beschouwing, al behield Dési het recht ook die te claimen.
Na haar dood claimde Marei, de weduwe van haar zoon, alle kunstwerken uit de oude handelsvoorraad van Goudstikker die onvrijwillig (want zonder toestemming van Dési) aan Göring waren verkocht en na de oorlog terechtkwamen bij de Nederlandse staat. Dat bleken er 267 te zijn, waarvan 202 gerestitueerd werden na een advies van de Restitutiecommissie in 2005. Meerdere musea moesten afstand doen van 17de-eeuwse meesters die ze van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in bruikleen hadden gekregen.
De 82-jarige Marei von Saher leeft tegenwoordig in de luwte. Haar dochter Charlène voert namens de familie het woord over restitutiezaken van de erven-Goudstikker.
Dési vertelde ongelooflijk romantische verhalen over Jacques, hun liefde was groots en meeslepend
U heeft uw grootvader Jacques nooit gekend, maar wat weet u van hem en Dési?
„De liefde tussen hen was groots en meeslepend. Ik heb vaker oude fotoboeken bekeken met mijn grootmoeder. Dan volgden ongelooflijk romantische verhalen. Over de dood van Jacques sprak Dési weinig: te pijnlijk. Ze is na zijn dood hertrouwd, maar in onze gesprekken had ze het alleen maar over Jacques. Ik ben ervan overtuigd dat haar jaren met Jacques in Nederland de gelukkigste van haar leven waren. Hij was veel meer dan een kunsthandelaar: hij was een echte homo universalis. Zo organiseerde hij niet alleen tentoonstellingen met muziekoptredens, maar bracht hij ook prachtige catalogi uit. De handel in kunst – en het verzamelen van kunst – tilde Jacques naar een hoger niveau.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/08144015/121026CUL_2037318029_staand.jpg)
Charlène von Saher, kleindochter van Jacques Goudstikker.
Foto Merlijn DoomernikUw familie voert al ruim driekwart eeuw strijd over werken die tot zijn collectie behoorden. Hoe typeert u die strijd?
„Toen mijn grootmoeder zijn eigendommen na de oorlog terug probeerde te krijgen omdat de verkoop onder dwang had plaatsgevonden, hield de Nederlandse overheid de deur potdicht. Maar die houding is gelukkig veranderd, zeker sinds onderzoek uitwees dat het Nederlandse teruggavebeleid voor roofkunst te formalistisch en weinig empathisch was.”
Los van de claim op kunst die na de oorlog eigendom werd van de Nederlandse staat, heeft u ook claims ingediend bij particulieren en culturele instellingen, zoals die op het schilderij in Argentinië en het schilderij van Van Goyen. Om hoeveel restitutiezaken gaat het in totaal?
„Met hulp van een team juristen en researchers hebben we restitutieclaims ingediend voor zo’n honderd kunstwerken. Op dit moment gaat het vooral om claims in de VS en Europa. De ene helft gaat om kunst bij musea, de andere om door particulieren verworven kunst. Meestal willen mensen geen geroofde kunst aan de muur, maar er zijn uitzonderingen. Zoals de dochter van de hooggeplaatste nazi in Argentinië, die weigerde het schilderij terug te geven. Nu het Argentijnse Hooggerechtshof heeft bepaald dat het terug moet, zijn we aan het kijken of het voor een half jaar tentoongesteld kan worden in een Argentijns museum.”
Aanvankelijk leek het om een schilderij van de 18de-eeuwse Italiaanse schilder Giuseppe Ghislandi te gaan, maar nader onderzoek wees uit dat het werk van zijn tijdgenoot Giacomo Ceruti is – wiens werken op de markt doorgaans minder opbrengen.
Ze haalt haar schouders op. „Dat is niet relevant, het maakt ons niets uit.”
Nee?
„Nee. Voor ons is de maker of waarde van een geroofd kunstwerk niet van belang. We willen dat werken gerestitueerd worden, zodat de nalatenschap van mijn grootvader in ere wordt hersteld. Zie het als een puzzel die we aan het leggen zijn.”
Voor de Argentijnse zaak was wereldwijde belangstelling. Hoe verklaart u dat?
„Ik vermoed dat dat te maken heeft met de manier waarop het vermiste schilderij, dat sinds de oorlog nooit van eigenaar is gewisseld, werd ontdekt: via foto’s op een Argentijnse makelaarssite. Wie verzint zoiets? Het leek wel een filmscript.”
Zo heeft u het niet eerder meegemaakt?
„Nee. Het is ook onze eerste claim in Zuid-Amerika.”
U bedoelt: er gaan meer claims volgen?
„Ja, want veel nazi’s zijn zoals we weten naar dat continent gevlucht. Wie weet inspireert deze zaak eigenaren van roofkunst in Zuid-Amerika om die terug te geven.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/12130956/121026CUL_2037318029_ceruti.jpg)
Damesportret van de Italiaanse schilder Giacomo Ceruti, zoals het in 2025 werd aangetroffen in een huis in Argentinië.
Foto Christian Heit / APHangt er nog Goudstikker-kunst in Nederlandse musea op dit moment?
„Ja.”
Daar worden gesprekken over gevoerd?
„Daar doe ik geen uitspraken over, maar kunst in Nederlandse musea is meestal eigendom van de overheid. Een museumdirecteur kan zich verzetten tegen teruggave, maar uiteindelijk gaat de overheid erover. En zoals ik zei: die neemt een welwillender houding aan dan voorheen. De deur zit niet meer op slot.”
Wat doet u als die tóch weer in het slot valt?
„Dat weet ik niet, maar ik zie dat in de nabije toekomst niet gebeuren.”
Hoeveel werken uit het zwarte boekje van uw grootvader worden nog vermist?
„Minstens vijfhonderd. En dan hebben we het niet over andere zaken die behoorden tot de inventaris van Kunsthandel J. Goudstikker N.V, zoals meubels en glaswerk. Mijn grootvader bezat veel meer dan alleen schilderijen.”
Dit voorjaar adviseerde een commissie de overheid om verweesde objecten die zijn ondergebracht in de Nederlands Kunstbezit-collectie, zoals bestek, meubilair en wandkleden, aan de Joodse gemeenschap over te dragen, omdat de herkomst waarschijnlijk niet meer achterhaald kan worden. Een goede ontwikkeling?
„Hoewel ook na overdracht aan de Joodse gemeenschap claims kunnen worden gedaan, vind ik het te vroeg daartoe over te gaan, want er zijn nog steeds Joodse families die proberen objecten terug te krijgen die voor hen van grote betekenis zijn.”
Meer herkomstonderzoek was beter geweest?
„Nou, ik begrijp dat je niet eeuwig kan blijven onderzoeken, dat kost de overheid ook veel geld, maar het voelt te vroeg om te beslissen: we geven het aan de Joodse gemeenschap.”
Wanneer wél?
„Dat vind ik moeilijk om te bepalen. Onze familie beschikt over het zwarte boekje van mijn grootvader, daardoor weten we wat te claimen. Maar veel Joodse families hebben hun goederen niet gedocumenteerd. Voor hen is het veel moeilijker om te bewijzen dat het om geroofde goederen gaat.”
Zonder het zwarte boekje was het onbegonnen werk geweest?
„Het boekje vormt de sleutel in onze zoektocht naar gerechtigheid. Ik heb me altijd afgevraagd wat mijn oma dacht toen ze het op het lichaam van mijn opa aantrof. Ze besefte waarschijnlijk dat het heel moeilijk zou worden om zonder dat boekje terug te krijgen wat aan Jacques toebehoorde.”
Waar is het boekje nu?
„In het stadsarchief van Amsterdam. Daar worden veel historische documenten bewaard, en dat leek ons een veiliger plek dan thuis.”
De familie verkocht in de loop der jaren gerestitueerde kunst voor enkele tientallen miljoenen euro’s. Niet iedereen begrijpt waarom tachtig jaar na de oorlog nog roofkunst wordt geclaimd. ‘Het gaat erfgenamen om geld, niet om rechtvaardigheid’, is vaker gehoorde kritiek. Raakt dat u?
Haar gezicht betrekt. „Ik voel me beledigd als mensen dat zeggen. Zó oneerlijk. Als het aan ons had gelegen was al die geroofde kunst veel eerder gerestitueerd. Dan hadden we geen researchers en advocaten hoeven inhuren, die allemaal gecompenseerd moeten worden. Maar goed, laten we vooral niet vergeten dat het om een van de meest gruwelijke perioden uit de geschiedenis gaat. Alles wat hersteld kán worden, zou hersteld móéten worden.”
In de roman over uw grootouders wordt een fragment geciteerd uit het dagboek van Dési, enkele maanden voordat ze met Jacques en Edouard vluchtte: ‘Früh Nijenrode. Keller werden zugemetselt’. Hebben zij kunst achter een keldermuur van het kasteel verborgen?
„Dat is de grote vraag, maar onmogelijk is het niet.”
U heeft daar contact met Nijenrode over?
Ze knikt. „Ik hoop op een niet-invasieve kijkoperatie, om te beoordelen of er iets achter die muur zit. We willen weten hoe het zit, want aan Dési kunnen we het niet meer vragen. Ik vertrouw erop dat Nijenrode het goede doet.”
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.