Home   2026-10-22 19:56:51

←

Laat managers honderd dagen stage lopen in de gehandicaptenzorg

Original article

Nicolaas Veul stopte na 86 dagen met zijn stage in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Voor de VPRO-serie Zoals het komt: 100 dagen in de gehandicaptenzorg was hij van plan honderd dagen mee te lopen op een zorgpark. ‘Juist zijn onvermogen maakt hem tot een empathische, oprechte verslaggever’, schreef tv-recensent Simoon Hermus in de Volkskrant van 17 september.

Veul is bepaald niet de enige die deze zorg voortijdig verlaat. Tussen het eerste kwartaal van 2024 en 2025 verlieten 16.480 medewerkers de gehandicaptenzorg en volgens de prognoses loopt het personeelstekort op van 7.300 in 2025 tot ruim 20 duizend in 2035. Voor mensen met een verstandelijke beperking, die afhankelijk zijn van anderen, verdwijnt met iedere vertrekkende medewerker opnieuw een vertrouwd gezicht.

Management

Waarom vertrekken zij? Pensioenfonds Zorg en Welzijn vroeg het in 2024 aan zo’n 6.500 vertrokken medewerkers. Een derde van hen vertelt, net als Veul, dat het werk niet bij hen past. Maar een even grote groep, 35 procent, noemt iets anders: het management of de organisatie. Zij vertelden over wisselende leidinggevenden, afspraken die weer ongedaan werden gemaakt en top-down genomen besluiten.

Hoe gek het ook klinkt: dat is ook goed nieuws. Hoe leidinggevenden medewerkers aansturen en bij besluiten betrekken, kunnen we namelijk veranderen. Een ander onderzoek, de Landelijke Monitor Zeggenschap uit 2024, laat zien dat medewerkers die meer invloed ervaren, minder vaak overwegen te vertrekken. Bij een zorgorganisatie waar het bestuur medewerkers echt liet meebeslissen, daalde de vertrekwens in een jaar van 18,3 naar 7,9 procent.

Misschien moeten we daarom iedere nieuwe manager, directeur en bestuurder in de zorg aan mensen met een beperking eerst hetzelfde laten doen als Nicolaas Veul: honderd dagen stage lopen in de directe zorg, tussen de mensen over wie zij later besluiten nemen. Dan ervaren zij wat hun besluiten betekenen voor bewoners en medewerkers.

‘Doodeng’

Wie deze zorg van binnenuit leert kennen, gaat er anders naar kijken. Zo vertelde een student orthopedagogiek onlangs hoe ze een jaar geleden ging werken op een woongroep voor mensen met een verstandelijke beperking. In het begin vond ze het doodeng. Vooral één bewoner vond ze spannend: een grote, sterke man die steeds aan haar haar wilde zitten.

Ze wilde stoppen. Haar moeder zei: ‘Je moet iets eerst een half jaar volhouden. Dan weet je pas of het bij je past.’ Nu twinkelen haar ogen als ze over ‘haar’ bewoners vertelt. Haar vriendinnen horen de verhalen zo vaak dat ze het gevoel hebben dat ze hen inmiddels ook kennen.

Vooral die ene man heeft ze in haar hart gesloten. ‘Hij wil gewoon liefde geven, maar heeft weinig andere manieren om dat duidelijk te maken.’ Ze heeft geleerd verder te kijken dan het gedrag dat haar eerst zo bang maakte. Het is dat ze haar scriptie nog moet schrijven, anders had ze wat ons betreft haar diploma al gehad.

Werk goed kunnen doen

Maar een manager of bestuurder is toch geen begeleider? Dat klopt, maar de stage is ook niet om het vak te leren. Hij is er om te zien wat een bewoner nodig heeft en hoeveel daarbij afhangt van de mensen om hen heen. Bestuurders beslissen over personeel, geld en locaties, en daarmee over het dagelijks leven van mensen. Zij moeten ervoor zorgen dat begeleiders hun werk goed kunnen doen.

In Engeland moeten zorgbestuurders zich houden aan de Code of Governance for NHS Provider Trusts. Deze code schrijft voor dat bestuurders regelmatig contact hebben met cliënten en medewerkers, en dat nieuwe bestuurders cliënten en medewerkers bij hun inwerkperiode betrekken. In Nederland hebben we de Governancecode Zorg uit 2022. Daarin staat dat laatste niet, maar wel dat wat cliënten nodig hebben en ervaren richtinggevend is voor de zorg en dat professionals invloed moeten hebben op beleid dat hun werk raakt.

Veul liep tijdens zijn stage tegen zijn eigen grenzen aan. Maar hij maakte wel een respectvol portret van een sector die veel mensen niet kennen. Diezelfde sector raakt nu medewerkers kwijt omdat ze ontevreden zijn over de aansturing en de organisatie. Laten we nieuwe bestuurders en managers daarom ook die honderd dagen gunnen, zodat zij beter begrijpen wat bewoners en begeleiders nodig hebben en samen met hen keuzes maken over de zorg. Dat geeft begeleiders meer reden om te blijven.