Liefhebbers zoeken op de beurs in Houten hun nieuwe wurg- of gifslang, terwijl ‘75% van de gehouden reptielen binnen één jaar sterft’
Wie deze zondagmiddag de evenementenhal van Expo Houten binnenloopt, wordt overweldigd door de geur van levende cavia’s, konijnen en muizen. Dat terwijl het ‘Snakeday’ is, een beurs voor slangenliefhebbers georganiseerd door de Europese Slangen Vereniging.
‘Zijn deze bedoeld als voedsel of kun je ze ook houden?’, vraagt een klant aan een verkoper van een groothandel in knaagdieren. ‘Om te houden’, is het antwoord. Daarover blijken de meningen verdeeld, want even later kopen een moeder en dochter uit ogenschijnlijk Oost-Europa een vrouwtjeskonijn voor 15 euro. Plaats van bestemming voor het knuffelige beestje? ‘Food, for the snake.’
Jaarlijks trekken duizenden bezoekers, vaak te herkennen aan hun tatoeages, zwarte kleding, en de mannen aan hun lange baarden, naar volgens de organisatie de grootste slangenbeurs van de wereld. Te horen aan de gesproken talen zijn zij vooral afkomstig uit Nederland, Frankrijk, België en Duitsland. Op de beurs staan nationale en internationale slangenkwekers. Zij verkopen onder meer honderden pythons en boa’s, in allerlei kleuren en maten. De slangen worden veelal gepresenteerd in kleine maaltijdbakjes.
De prijs van een slang hangt vooral af van de grootte en de zeldzaamheid van de kleur- en patrooncombinatie. Daar worden slangen op gekweekt door genen te combineren. Zo is er voor 150 euro een vrouwtjesbalpython te koop, in de kleur- en patrooncombinatie ‘champagne clown’. Een exclusievere boa constrictor ‘hypo jungle albino’ kost 1.250 euro.
Kans op verbod
Dierenrechtenorganisaties leveren al jaren kritiek op dergelijke beurzen en pleiten voor een verbod. Inmiddels is ook de Tweede Kamer om. Die nam in maart een motie aan voor een totaalverbod op de beurzen. Daar wil het ministerie van Natuur nog niet aan. Staatssecretaris Silvio Erkens (VVD) stelt dat een verbod zonder goede argumentatie mogelijk niet standhoudt bij de rechter. Ook zegt hij te vrezen dat de reptielenhandel verder in de illegaliteit verdwijnt als de beurzen worden verboden.
Wel werkt de staatssecretaris aan een beleidsregel die het welzijn van de dieren op beurzen moet verbeteren, en daarnaast aan een ‘positieflijst’, met soorten die geschikt zijn als huisdier. Zo’n positieflijst bestaat al langer voor zoogdieren.
Een onafhankelijke raad van experts gaat ruim duizend soorten beoordelen, waaronder meer dan driehonderd slangen. Nu mogen vrijwel alle reptielen nog worden gehouden, ook extreem giftige slangen zoals de groene mamba.
Ongeveer 1 procent van de Nederlanders heeft een slang of ander reptiel als huisdier, toont een peiling van Ipsos. Daaruit blijkt ook dat 55 procent van de Nederlanders tegen de reptiel als huisdier is. Slechts 16 procent van de respondenten vindt het houden van slangen een goed idee.
Instapslang
Slangenhouder Bas de Visser (43) kijkt met argusogen naar de ontwikkelingen. Hij heeft zojuist met zijn partner Telenn Roeting (39) een rondje over de beurs gelopen. De twee zitten buiten, zodat De Visser een sjekkie kan roken. Hij houdt al ruim twintig jaar slangen. Dat begon met een rattenslang, volgens De Visser een goede ‘instapslang’. Inmiddels heeft hij koningspythons en boa constrictors in huis.
‘De beurzen zijn er om mensen op een veilige manier met slangen in contact te brengen’, zegt De Visser. ‘Leken’ zouden volgens hem verontwaardigd zijn over het feit dat slangen op de beurzen in ‘een heel klein bakje’ worden gestopt, ‘maar dat geeft de dieren juist de minste stress’. Daarbij vinden ze dat de vraag net zo goed kan zijn of honden en katten goede huisdieren zijn. ‘Want geen enkel dier hoort eigenlijk in huis te zijn.’
‘Onderzoek toont dat 75 procent van de gehouden reptielen binnen één jaar is overleden’
Onzin, als je het de Britse bioloog en reptielenexpert Clifford Warwick vraagt. Hij doet sinds de jaren tachtig onderzoek naar het welzijn van reptielen en heeft honderdvijftig studies gepubliceerd. Warwick, die als kind zelf reptielen hield, concludeert dat deze dieren vrijwel nooit geschikt zijn als huisdier.
Dat heeft alles te maken met hun biologie. ‘Anders dan zoogdieren worden reptielen niet opgevoed door ouders. De dieren kunnen voor zichzelf zorgen op het moment dat ze uit het ei komen. Dat betekent dat ze de specifieke behoefte hebben aan een leven in het wild. De mens kan met een terrarium nooit aan al die behoeften voldoen.’ Het gaat dan om ruimte en beweging, temperatuurwisselingen en het volgen van het jachtinstinct.
Hond in een terrarium
Veelzeggend is volgens de bioloog dat ‘75 procent van de gehouden reptielen binnen één jaar sterft’, terwijl bijna alle honden en katten hun natuurlijke leeftijd halen. ‘Ik toon mensen tijdens mijn presentaties vaak een foto van een hond in een terrarium. Dan vraag ik mijn publiek of het dit zou accepteren. Vervolgens zegt iedereen nee. Waarom accepteren we dan wel dat een python in zo’n plek wordt gehouden?’
Warwick zegt zo veertig stresssignalen te kunnen noemen bij reptielen die in gevangenschap leven. Mensen die het met hem oneens zijn, zouden ‘geen goede kennis van zaken’ hebben. Bijvoorbeeld: ‘De meeste reptielen leven ’s nachts. Dat betekent dat onze activiteiten botsen met die van hen. Dat benadeelt de gezondheid van de dieren in grote mate.’
Die argumenten zullen er niet ingaan bij slangenliefhebber De Visser. Hij overwoog juist om ook een gifslang in huis te halen. Daar zag hij toch van af, vanwege het potentiële gevaar. Voordat ze de beurs weer betreden, zegt hij: ‘Ik zou het eventueel wel toejuichen als ze zeggen: ‘Jij wilt een slang houden? Volg dan deze cursus.’’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie