Het maakt haast niet uit wie er in dit kabinet zitten. Als ze maar een poosje blíjven zitten
In de afgelopen tien jaar heeft Nederland acht staatssecretarissen voor belastingen gekend. Tien ministers van Volksgezondheid. En veertien ministers van Buitenlandse Zaken, alle tijdelijke vervangers meegerekend.
Gelukkig is er in de wereld niet zoveel aan de hand.
Toch goed om even bij stil te staan, mochten mensen in hun ergernis over de strapatsen van het minderheidskabinet alweer naar een verlossende wissel verlangen. Je kunt met deze omloopsnelheid geen land regeren. Echt niet.
Komende week mag ik in gesprek met de Tweede Kamercommissie Binnenlandse Zaken over de vraag hoe de overheid slagvaardiger kan worden (jaja, uw columnist is niet van de straat). Van tevoren wordt dan gevraagd of je een stuk van maximaal twee pagina’s wilt inleveren (zou alleen zijn gelukt met lettergrootte 8) en of je een kort woordje wilt voorbereiden. Het is dus scherp kiezen geblazen.
Als ik tegen iemand zei dat ik deze uitnodiging had gekregen, was de reactie steevast iets in de trant: je gaat zeker zeggen dat de Haagse politiek zélf de overheid in de prut heeft geholpen? Een bestuurder van een middelgrote stad begon direct te fulmineren over de vele bewindslieden met wie hij de afgelopen tijd te maken had gehad, waardoor er geen afspraak te maken viel. Het was telkens opnieuw beginnen.
Toch had ik besloten de effecten van de Haagse politiek grotendeels buiten beschouwing te laten en me te richten op wat er moet worden versleuteld aan het ambtelijk apparaat. Omdat ik daar tenminste wel binnen afzienbare termijn reële kansen op verbetering zie.
De destructieve werking van perverse politieke prikkels op het openbaar bestuur ontgaat me niet. Integendeel, het zou een verschil van dag en nacht zijn als de politiek zich meer op de lange termijn richtte, zorgvuldiger was in wetgeving en vaker bereid was om mensen te overtuigen van moeilijke maar noodzakelijke stappen. Maar dat aankaarten, voelt alsof je op hoge toon van wolken eist dat de regen stopt.
Welke politicus brengt dat gedrag op, wetend dat je bij de ene verkiezing van nul naar twintig zetels kunt gaan en bij de volgende alweer van twintig naar nul? Onder die omstandigheden is het best logisch dat je in paniek gouden bergen belooft en zo lang mogelijk de schijn ophoudt. Totdat je bedrog wordt doorgeprikt en de volgende weer aan de beurt is.
Aan noeste politieke arbeid die tegen de verdrukking in nog wordt verricht, is weinig eer te behalen. Van de week werd een baanbrekend wetsvoorstel door de Tweede Kamer aangenomen dat verschil kan maken voor mensen met geldzorgen. Voortaan mogen grote uitvoeringsorganisaties gegevens van elkaar gebruiken om deze Nederlanders te wijzen op hun rechten. Zij maken nu vaak geen gebruik van ondersteuning, omdat ze niet weten dat die bestaat, omdat die te ingewikkeld is of omdat zij bang zijn dat ze een fout maken en terugvorderingen of boetes zullen moeten betalen.
Aan deze wet is hard gewerkt op ministeries en in de Tweede Kamer. Maar de aandacht is nihil. Terwijl ik wil wedden dat u wél heeft meegekregen hoe Kamerleden voor een hoofdelijke stemming moesten terugrijden om te bepalen of dit weekend op hun gebouw de regenboogvlag wordt gehesen.
We benaderen politici alsof zij het systeem besturen, maar ze zijn in de eerste plaats het product daarvan. Een dreigende wereld, veel onzekere mensen en door algoritmen gecorrumpeerde informatiestromen? Tja, dan is dit zo’n beetje wat er komt bovendrijven. Je kunt nóg feller op ze afgeven. Maar totdat big tech is verslagen en wij allemaal weer een beetje kalm aan doen, weet ik niet hoe je een systeem moet bouwen waarin constructieve krachten veel kans maken.
In de tussentijd is de ‘stilstand’ van dit kabinet heus belabberd, maar bij lange na niet het slechtste dat ons kan overkomen. Eén kabinet terug werd nog de sloophamer ter hand genomen en op de democratie ingebeukt. Vergeleken daarbij is impasse verbetering.
Die stilstand is bovendien niet totaal. Dit kabinet maakt, in lijn met een wijdverbreide wens onder de bevolking, zeer streng migratiebeleid en doet dat binnen de grenzen van de rechtsstaat. Voor de enorme investeringen in defensie – volgend jaar 29 miljard euro op de begroting – is brede steun.
Daarbij kun je het op momenten ronduit heilzaam vinden dat het kabinet wordt teruggefloten. Wanneer een meerderheidscoalitie het in haar hoofd had gehaald om die kosten voor defensie te laten ophoesten door werkenden met een laag- of middeninkomen, was dat er waarschijnlijk doorgedrukt. Nu worden zulke haastig in elkaar geflanste maatregelen nog weleens gerepareerd. En het afschieten van de bezuinigingen op de sociale zekerheid heeft ertoe geleid dat werkgevers, werknemers en overheid weer met elkaar aan tafel zitten. Aan die polder dankt Nederland sommige van zijn grootste successen.
Ik zag het ook allemaal liever ambitieuzer en voortvarender. Maar bedenk wat de alternatieven zijn. Ik snap niets van linkse mensen die verheugd vaststellen dat Pro de grootste in de peilingen is. Ze moeten toch in diezelfde peilingen zien hoe klein links in totaal is en dat er geen levensvatbare meerderheidscoalitie te vormen zou zijn?
Bovenal: in die afgelopen tien jaar zaten we een derde van de tijd met een demissionair kabinet. Over stilstand gesproken. Willen we dat weer? Het begint een verdedigbare positie te worden om te zeggen: maakt niet uit wie er zitten, als ze maar een poosje blíjven zitten.
Lees ook
Geselecteerd door de redactie
- OpinieKustaw Bessems
Tijd om premier te worden, meneer Jetten. En te zeggen dat het een béétje kan. Op den duur. Met moeite. Hopelijk
- v-plusColumnKustaw Bessems
De overheid die de nieuwe coalitie zegt te willen, zou baanbrekend zijn. Maar de zuigkracht van de Kamer is sterk
- ColumnKustaw Bessems
Een minderheidskabinet instabiel? Alleen als partijen buiten de coalitie het per se uit evenwicht willen brengen
- v-plusColumn
Verantwoordelijkheid nemen is je kleuren tonen én samenwerken met een minderheidskabinet
- v-plusColumn
Moesten die twee niet gewoon door? Die twee met die ‘ambitieuze agenda’? Geen links erbij, geen rechts?