Topfotograaf Mads Nissen: ‘Cocaïne is ongezond, maar veel en veel meer mensen sterven door en lijden onder de handel’
De Deense fotograaf Mads Nissen (46) was in 2022 mee met een helikoptermissie van een Colombiaanse legereenheid om cocavelden te ruimen. ‘Onzichtbare schutters in de bomen kunnen de soldaten beschieten. Er liggen landmijnen. Boeren zijn opstandig omdat hun oogst wordt vernietigd. En kartels kunnen verrassen met een tegenaanval.
Na de missie kwam een boer naar de soldaten toe. Beschroomd vroeg hij: ‘Mag ik de verse zaden houden van de planten die jullie hebben vernietigd?’ Dan zou hij aan een volgende oogst kunnen werken. Het had iets aandoenlijks. Ook de soldaten beseffen dat zo iemand niet tot de échte criminelen behoort, en dus lieten ze hem de zaden oprapen. Dat voorval illustreert wel hoe ingewikkeld de strijd tegen cocaïne is.’
Wit bloed
Het interview met Nissen vindt plaats in zijn appartement in Kopenhagen, waar hij vertelt – de Volkskrant heeft zijn bevindingen niet bij betrokkenen kunnen verifiëren – over de tien jaar waarin hij zich als frontfotograaf heeft begeven in de war on drugs, de door de Verenigde Staten aangevoerde oorlog tegen, vooral, cocaïne. De weerslag: het net verschenen boek Sangre blanca, ‘Wit bloed’ – de titel weerspiegelt het geweld dat kleeft aan het roesmiddel.
‘Het is het gevaarlijkste project dat ik tot nu toe heb ondernomen’, zegt Nissen, die in zijn loopbaan voornamelijk voor de kwaliteitskrant Politiken werkte in crisisgebieden als Sierra Leone, Afghanistan en Soedan. ‘De oorlog tegen drugs is geen metaforische benaming, het is een strijd waarbij meer slachtoffers vallen dan in menige conventionele oorlog.’
Zo vielen in Colombia, ’s werelds grootste cocaïneleverancier, minimaal 260 duizend doden door drugsgerelateerd geweld, terwijl bijvoorbeeld bij de oorlog in voormalig Joegoslavië begin jaren negentig in Bosnië-Herzegovina volgens het Internationaal Strafhof ruim honderdduizend militairen en burgers omkwamen.
Profiteurs
In Colombia was het de gekozen president van 2010-2018 Juan Manuel Santos die het tij wist te keren. Hij reikte de hand naar guerrillabewegingen als de Farc en voerde een humane politiek ten aanzien van cocaboeren. Hij probeerde de cocateelt niet terug te dringen door de inzet van geweld en het vergiftigen van de velden, maar bijvoorbeeld door boeren te verleiden tot het kweken van andere gewassen. En het vizier vooral te richten op de grote spelers. Nissen: ‘Hij zei: als je echt iets wilt bereiken, stuur het leger dan af op de clubs in Europa, de Zwitserse banken en Dubai. Daar zitten de echte profiteurs.’
In 2016 werd Nissen, tweevoudig winnaar van de World Press Photo van het jaar, benaderd door het Nobel Vredescentrum. Of hij de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede wilde portretteren. Hij zei ja, nog onwetend wie de laureaat zou zijn. Dat bleek president Santos te zijn, geëerd vanwege diens moedige inspanningen om de burgeroorlog te beëindigen. ‘Een geluk dat juist hij won’, zegt Nissen, want de fotograaf heeft een band met Colombia. ‘Ik had er veel gewerkt en sprak al Spaans.’
Tegen de organisatie zei Nissen: ‘Prima om even in het presidentieel paleis te werken, maar het is nog interessanter om me te verdiepen in waarom Santos die Nobelprijs heeft gekregen. In Colombia heerst enorme economische ongelijkheid en het telt talloze ontheemden. Dat moet ik tonen. Maar ik wil ook de mensen een gezicht geven die in verband met cocaïne altijd de badguys worden genoemd.’ Succes, had het Vredescentrum geantwoord: je hebt twee maanden, dan is de prijsuitreiking en moet je expositie klaar zijn.
Drugsketen
Het was de aanzet tot Nissens grote project om de héle keten, van de cocaboeren, via de laboratoria, de kleine smokkelaars, de grote kartels, de drugsbestrijders van politie en legereenheden, en ja, ook de afnemers zoals de partybeesten in de Europese nachtclubs en op festivals, in beeld te brengen.
‘We kennen de tv-series over de kartels. Media plaatsen vaak geënsceneerde stockfoto’s van een onherkenbare gebruiker die met een opgerold bankbiljet een neplijntje snuift. De politie publiceert foto’s van drugsvangsten. Maar eerlijke, onafhankelijke, context biedende fotojournalistiek die het proces van bron tot gebruiker inzichtelijk maakt, is er nauwelijks. Zie je wel eens een foto van iemand uit de Europese middenklasse die openlijk cocaïne gebruikt? Nee, zelden. Die leemte wilde ik invullen.’
En zo groeide Sangre blanca uit tot een imposant geheel. ‘Vergelijk het met kijken naar een olifant. Iedereen weet hoe groot die is. Maar als je er eenmaal onder staat weet je pas echt hóé groot. Een soortgelijke ervaring moet mijn fotografie oproepen: informeren en betrokkenheid creëren.’
De jonge seriemoordenaar die poseert met, vermoedelijk, zijn zusjes. De vermeende kartelleider die de deur niet meer uit durft en daarom thuis zijn kapper ontvangt. Spelende kinderen bij het cocapasta-laboratorium van hun vader. Een stampvolle cel met Colombianen, van alle machismo ontdaan.
Alle foto’s stralen empathie uit. ‘Ik probeer me te verdiepen in de structuren van een samenleving die het mogelijk maakt dat mensen zo worden. In mijn jeugd heb ik marxisme bestudeerd en ik geloof nog steeds dat het essentieel is, of je nu links of rechts bent, de economie te begrijpen om de grote maatschappelijke problemen te doorgronden. Mensen die te maken hebben met cocaïne veroordelen lijkt aantrekkelijk. Maar op jacht naar een monster tref je uiteindelijk toch een mens aan.’
‘Zij belichaamt de hoop van een nieuw generatie’
De 12-jarige Alexandra Mazo kijkt op haar mobieltje terwijl ze onderweg is van school naar huis in Pueblo Nueva in Colombia. Nissen: ‘Zij woont in de zogenoemde Rode Zone in Colombia, een gebied met uitgestrekte cocaplantages, vergeven van illegale gewapende groepen. Toenmalig president Santos, die me als fotojournalist steeds heeft gesteund waar het kon, was erg gecharmeerd van die foto, omdat het meisje de hoop van een nieuwe generatie belichaamt. Hij heeft zelfs een printje aan me gevraagd.
‘Het vredesakkoord dat onder Santos tot stand is gekomen, werd door de partijen getekend met een pen die gemaakt was van een .50 kaliber kogel, waarop stond: ‘Kogels schreven ons verleden. Onderwijs zal onze toekomst schrijven.’ Die hoop spreekt uit de foto. Als president weet hij dat scholing fundamenteel is om de cyclus van armoede en cocaïneproductie te doorbreken. Ik heb een replica van die pen gekregen, die staat in mijn boekenkast.
‘Het raakte Santos dat ik het menselijke gezicht laat zien van cocaboeren en hun gezinnen, dat ik ze niet afbeeld als harde criminelen, maar als gewone mensen, die niet rijk worden van de teelt, maar meestal voor de keuze staan: doe ik mee, zodat mijn kinderen een opleiding kunnen volgen? Of doe ik niet mee, en leiden we een leven in armoede?’
‘Ze doen gruwelijke dingen, moorden is niet genoeg’
‘In de bergen van Michoacán, in Mexico, heb ik het Jalisco-kartel, oftewel CJNG, ontmoet, een van de gewelddadigste en machtigste criminele organisaties. Samen met het Sinaloa-kartel hebben ze volgens de Amerikaanse drugsbestrijding DEA zeker 45 duizend manschappen en opereren ze in meer dan honderd landen.
‘Ik werd geïntroduceerd door een lokale fotograaf; het is gekkenwerk om je zonder betrouwbare introductie in deze wereld te begeven. We moesten naar een dorpje komen. Dagen wachten op, verwachtten wij, een paar jongens op de motor die ons zouden aanspreken. Uiteindelijk kwam er een grote groep kartelleden, met een stel pick-uptrucks en enorme geweren.
‘De leider schudde me de hand en verontschuldigde zich dat ze zo laat waren: ze waren opgehouden door gevechten in de omgeving. Afijn, ze verzekerden zich ervan dat we geen traceerbare apparatuur bij ons hadden. We moesten onze telefoons inleveren: die werden uitgeschakeld, in aluminiumfolie verpakt en in het dashboard opgeborgen. Toen gingen we de bergen in.
‘Een van de mannen vertelde me dat hij had geprobeerd het hart op te eten van iemand die hij had gedood. Ik was in shock en flapte eruit: ‘Écht?’ Hij veranderde van toon en begon heel kalm in detail te vertellen hoe hij de borstkas openbrak, het hart eruit haalde, erin kneep en het bloed opdronk. Ik wist niets meer uit te brengen. Ik zweeg, en wilde hem niet het plezier geven te laten merken wat ik ervan dacht.
‘Zo zijn sommige bendeleden geworden, zo bewijzen ze hun mannelijkheid. Ze doen gruwelijke dingen, omdat moorden alleen onvoldoende indruk maakt. Ze verminken lijken, hangen ze op met hun geslachtsdeel in de mond. Ze filmen het en delen het online om te intimideren.
‘Het Jalisco-kartel werkte mee aan de foto omdat het wilde laten zien hoe groot, belangrijk en machtig het is. En dat was natuurlijk ook mijn journalistieke belang. Ze zijn zwaar bewapend, zo zwaar dat ze een helikopter kunnen neerhalen. Ze hebben drones en een zelfgebouwde tank, die ze het monster noemen. Ik ben voor zover ik weet de enige internationale fotojournalist die van de CJNG zo’n groepsportret heeft gemaakt.’
‘Mensen als Agosta, die opstaan tegen onrecht, zijn helden’
‘Toen de Colombiaanse mensenrechtenactivist Gerson Agosta werd vermoord, was ik aan de andere kant van zijn land’, vertelt Nissen. ‘Hij was pas 35 en nam het als inheemse leider op tegen gewapende bendes in het Kite Kiwe-territorium. Hij had al meerdere doodsbedreigingen gekregen toen hij in 2017 bij zijn huis onder vuur werd genomen. Hij kon nog net zijn zoontje waarschuwen om te vluchten. Ik was net op tijd voor zijn begrafenis.
‘Mensen zoals Agosta zijn mijn helden, net als de leraren, politici en vakbondslieden die hun leven wagen om op te staan tegen onrecht, en die ook bereid zijn dat met de dood te bekopen. Zij bewijzen dat er altijd een keuze is. Dat moeten we blijven benadrukken, hoezeer ik me hier in Kopenhagen ook bewust ben van mijn eigen geprivilegieerde positie.
‘Ik sprak een Colombiaan die op weg naar Spanje bij de douanecontrole op het vliegveld van Bogota was betrapt met cocaïnebolletjes in zijn lichaam. Hij had een bedrijfje opgericht dat trouwerijen organiseerde. Dat ging goed totdat in 2020 corona uitbrak. Hij kon de schulden die hij had gemaakt niet meer afbetalen, en werd voor de keuze gesteld: of je slikt die capsules en smokkelt ze naar Spanje, of er zal iets naars met jou of je familie gebeuren. Iedereen weet wat dat in Colombia betekent.
‘Een man met een cocalab (waar van cocabladeren met chemicaliën het halffabrikaat cocaïnepasta wordt gemaakt, red.) vertelde dat hij zich ervan bewust is dat hij bijdraagt aan geweld en verslaving. Maar hij vindt ook dat gebruikers een keuzevrijheid hebben die hij ontbeert. ‘Ik doe het omdat ik wil dat mijn dochters naar de universiteit gaan’, zei hij. En: ‘Ik kreeg ook kritiek van de priester, die me verweet dat ik op een verkeerde manier mijn inkomen verdiende. Waarop ik antwoordde: ‘Waar denkt u dat het geld vandaan komt dat ik op zondag aan uw kerk doneer?’
‘Cocaboeren zitten vaak klem tussen illegale groepen. Onder vorige regeringen kregen ze financiële steun als ze wilden overstappen op de kweek van cacaobonen of bananen. Maar denken we echt dat de kartels in de binnenlanden akkoord gaan als een boer bananen kweekt in plaats van coca? Uiteindelijk volgt de onvermijdelijke vraag: waar is mijn kilo?’
‘Laten we onze verantwoordelijkheid onder ogen zien’
De 27-jarige Victoria Barbo uit Kopenhagen is sinds haar 20ste verslaafd aan cocaïne en probeert af te kicken. Toen ze 20 was, vertelde ze Nissen, nam ze voor het eerst een speedball, een mengsel van heroïne en coke. Het eerste dat ze zei toen ze ontwaakte uit haar overdosis was: ‘Ik wil meer.’ Nu gebruikt ze de drugs in een veilige omgeving, onder medisch toezicht.
Talrijk zijn de voorbeelden die Nissen, gestut door onderzoek van de Verenigde Naties, noemt van het sterk toenemende cocaïnegebruik in Europa, met de daarbij behorende zware criminaliteit. Zoals de zaak van de Madrileense politiechef, hoofd van de afdeling die witwassen bestrijdt. In 2024 werd zijn woning doorzocht nadat hij werd gelinkt aan drugstransporten in de haven van Algeciras. Verstopt in zijn woning werd 20 miljoen euro aangetroffen, in een kluis op kantoor nog een miljoen.
Dichterbij wijst Nissen op drugsgerelateerd bendegeweld in het Zweedse Uppsala en het vermeend excessieve cokegebruik van de onlangs voor verkrachtingen veroordeelde zoon van de Noorse koningin Mette-Marit. ‘Ik heb me er bij de berichtgeving over verbaasd hoe genormaliseerd het cocaïnegebruik in die hoogste maatschappelijke kringen klaarblijkelijk is.’
Foto’s uit Nederland komen in Sangre blanca niet voor, wel een tekening van de container van cocaïnesmokkelaars die de politie in het Brabantse Wouwse Plantage aantrof. Volgens Nissen exemplarisch voor het extreme geweld waartoe bendes bereid zijn. De container was ingericht als geluiddichte martelkamer, er werden scalpels en andere potentiële gruwelwerktuigen aangetroffen, en in de ruimte prijkte een voor mishandelingen aangepaste tandartsstoel.
Volgens de Verenigde Naties is de productie van cocaïne in het afgelopen decennium verviervoudigd, tot een ‘ongeëvenaarde’ 4.100 ton. Moet de conclusie niet zijn dat het beter is de handel en het gebruik van cocaïne te reguleren, zoals ook met het eveneens schadelijke tabak gebeurt?
Het is geen kwestie die Nissen intensief bezighoudt. ‘De gebruikers interesseert het niets of hun coke al dan niet legaal is. En de vraag of legalisering van het gebruik en misschien ook de verkoop in onze samenleving zinnig is, is behoorlijk eurocentrisch. Het consumentenperspectief is belangrijk, maar toch mijn minste zorg, omdat alle schakels in de keten aandacht verdienen. Het gevaarlijkste aan het middel is de handel: het ondermijnt democratieën in Latijns-Amerika en destabiliseert de samenleving.
‘Als je een oorlog wilt voeren, val dan de kwetsbare schakels aan: de witwaspraktijken, de politieke en financiële machten die de keten in stand houden. Vraag je af wat er mis is in onze maatschappij, in ons werk en onze vrijetijdsbesteding, wat zoveel Europeanen ertoe brengt steeds meer cocaïne te gebruiken. En laten we onze verantwoordelijkheid onder ogen zien: de Europeanen zijn niet alleen slachtoffer van verslaving en bendegeweld, ze zijn er zelf de scheppers van. Cocaïne is slecht voor de gezondheid, maar veel en veel meer mensen sterven door en lijden onder de handel.’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie