Het echte gevaar is de intellectuele en emotionele luiheid van buitenstaanders
Het was mij een genoegen deze zomer voor u te mogen schrijven. Vandaag, woensdag 7 oktober, verschijnt online mijn laatste bijdrage aan deze columnreeks. Terwijl miljoenen mensen in de regio nog altijd zoeken naar woorden voor wat hun sinds die dag is overkomen, richt ik mijn laatste woorden tot u.
Wij zijn drie jaar verder. De situatie in het Midden-Oosten blijft angstaanjagend. Dat voel ik als Iraniër van wie de familie gevangen zit in een absurde geopolitieke tang. Aan de ene kant een despotisch regime, geleid door een onzichtbare schim in Teheran. Aan de andere kant de verwoestende gevolgen van een oorlog ontketend door een luidruchtige politieke illusionist in Washington. Die angst laat zich niet tegenhouden door grenzen. Als Nederlander voel ik hem hier ook. De geopolitieke schokgolven leggen de wereldeconomie lam. Onze tankstations zijn getransformeerd tot de graadmeters van een mondiaal conflict. De oorlog is niet ver weg; we voelen hem elke dag aan de pomp.
De Israëlische historicus Yuval Noah Harari waarschuwde een paar weken na 7 oktober voor een veel destructiever gevaar, namelijk de intellectuele en emotionele luiheid van buitenstaanders. Hij attendeerde ons op een collectief trauma waarbij zowel Israëliërs als Palestijnen opgeslokt worden door een allesverzengende pijn die hen totaal onmachtig maakt om het lijden van de ander nog te zien. Hij vroeg de westerse toeschouwers om niet lui te zijn. Om het leed van zowel Israëliërs als Palestijnen onder ogen te zien, ook wanneer dat niet past bij het eigen gelijk.
Drie jaar later moeten we toch concluderen dat we die waarschuwing massaal in de wind hebben geslagen. Wat ik in Nederland om me heen zie, is precies de intellectuele gemakzucht waar Harari voor vreesde. We zien het bij een pro-Palestinademonstrant op de Dam die volgens het Openbaar Ministerie de Holocaust vergoelijkte met de woorden: „Ik zou bijna zeggen: Jammer! Jammer dat het toen niet afgemaakt is.” We zien het bij de ingang van het D66-congres, waar twee demonstranten met gezichtsbedekkende kleding openlijk Hamas steunen. En we zien het, misschien wel op de meest perverse wijze, bij een docent die een morele zuiverheidstoets als toelatingseis hanteert voor zijn taalschool. Een Israëliër die Nederlands wil leren, moet erkennen dat er een „genocide” gaande is in Gaza. Het is de totale morele capitulatie. We gijzelen het individu voor de misdaden van zijn staat. Dit hoort niet thuis in Nederland.
Ik ben ervan overtuigd dat die vrede er ooit komt, hoe utopisch dat vandaag ook mag klinken
De diepe morele en politieke betrokkenheid bij de catastrofale situatie in Gaza rechtvaardigt geen discriminatie van mensen hier vanwege hun nationaliteit of afkomst. Evenmin mag kritiek op de regering-Netanyahu omslaan in vijandigheid tegenover Joden. In Nederland vormen Joden minder dan 0,3 procent van de bevolking, maar is antisemitisme goed voor ruim een kwart van de discriminatiefeiten die het OM registreert. Deze cijfers van de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding zijn zorgwekkend. De politie registreert jaarlijks ruim achthonderd antisemitische incidenten. Wie hier Joden bedreigt of Israëliërs alleen vanwege hun nationaliteit buitensluit, laat geen ruimte voor de toekomstige vrede.
Op het geweld in het Midden-Oosten hebben we weinig invloed. Dat is frustrerend. Wat we wel in de hand hebben, is hoe we hier met elkaar omgaan. Laten we weigeren om de polarisatie verder vrij spel te geven. Ik ben ervan overtuigd dat die vrede er ooit komt, hoe utopisch dat vandaag ook mag klinken. De geschiedenis leert ons dat zelfs de diepste wonden ooit stoppen met bloeden. Harari herinnerde ons eraan dat Duitsers en Joden na de onvoorstelbare gruwelen van de Holocaust uiteindelijk bondgenoten en vrienden zijn geworden. Als dat mogelijk is gebleken, mogen wij Israëliërs en Palestijnen een andere toekomst niet bij voorbaat ontzeggen.
Met die overtuiging neem ik afscheid van u. In een tijd waarin onze hoofden dagelijks worden volgepropt met het absolute gelijk van onze eigen kring, is een kritische, open en empathische geest harder nodig dan ooit. Het helpt om te durven twijfelen, ook aan onze eigen morele verhevenheid. Het was voor mij een privilege om deze zomer uit mijn eigen wereld te stappen en een tijdje in de uwe door te brengen. Ik hoop dat iets van die ontmoeting blijft, ook nadat u deze krant hebt dichtgeslagen.
Nederig tredend in de voetsporen van Shakespeare besluit ik dan met zijn wijze woorden: „Als we elkaar weer ontmoeten, zullen we glimlachen. Zo niet, dan hebben we goed afscheid genomen.”
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.