Home   2026-10-22 19:56:51

←

Zijn klimaatwetenschappers naïef over de invloed van hun onderzoek?

Original article

Terug naar de krant

Dit najaar bestaat het instituut waar ik werk zestig jaar. Om dat te vieren hadden we vorige maand een leuk lustrumfeest met lezingen, verhalen uit de oude doos en veel leuke, gepassioneerde collega’s van vroeger en nu. Het was een viering van de nieuwsgierigheid die heeft geleid tot ons huidige begrip van het klimaatsysteem. Wat we zestig jaar geleden wisten over het klimaat is niets vergeleken bij de kennis van nu.

Maar er hing ook een grauwsluier over de feestelijkheden, vond ik. Ik hoorde verschillende sprekers verzuchten dat wij klimaatwetenschappers de problemen zo langzamerhand wel genoeg duidelijk hebben gemaakt. Maar dat er desondanks niet genoeg gebeurt. Die frustratie wordt in mijn bubbel van klimaatwetenschappers heel breed gevoeld. Heeft ons onderzoek dan nog wel zin?

Het Instituut voor Marien en Atmosferisch onderzoek aan de Universiteit Utrecht begon halverwege de jaren 60 met de aanstelling van een hoogleraar meteorologie, een vakgebied waar in die tijd steeds meer aandacht voor kwam. In de zestig jaar die volgden is het instituut uitgegroeid tot een autoriteit op het gebied van ijskappen, zeespiegel, plastic soep, de Atlantische golfstroom en de chemie van de atmosfeer.

Precies over dat laatste hoorde ik op het lustrumfeest iets dat ik nog niet eerder wist, maar wat wel model staat voor bovengenoemde frustratie: in de jaren 70 en 80 werd op ons instituut de basis gelegd voor ons moderne begrip van stikstofdepositie. Er ontstond binnen het instituut een kleine onderzoeksgroep die zich bezighield met depositie van stikstofverbindingen zoals ammoniak, een onderwerp waarvan de maatschappelijke relevantie tot in de stikstofcrisis van nu doorechoot. De pionierende groep onderzoekers, onder wie Willem Asman en Ed Buijsman, maakte met engelengeduld de eerste Europese emissie-inventarisatie voor ammoniak, met behulp van honderden pagina’s aan tabellen met het aantal geregistreerde stuks vee voor iedere gemeente in Europa. Met een eenvoudig model werd toen al duidelijk dat de Nederlandse vlees- en zuivelindustrie Europees kampioen ammoniakvervuiling was.

Asman en Buijsman schreven er een boek over, Hun tijd ver vooruit, waarin ze opmerken dat het stikstofprobleem veertig jaar geleden al bekend was en opgelost had kunnen worden, omdat de schadelijke effecten toen al bekend waren, en duidelijk was dat vee de belangrijkste uitstoter was. Toch is het voor mij de vraag of je daarmee wel kunt zeggen dat ze hun tijd ver vooruit waren. Is het niet eerder zo dat Asman en Buijsman, zoals veel meer wetenschappers, naïef optimistisch zijn over de invloed die wetenschappelijke kennis heeft? Verwachtten ze niet te veel nadat ze hun onderzoeksresultaten hadden gerapporteerd?

Maar hoe meer wetenschappelijke kennis er wordt gemaakt, hoe vaker die tegenover andere belangen komt te staan

Het is duidelijk dat de kennis die zestig jaar klimaatwetenschap heeft voortgebracht niet zonder meer door de gehele samenleving wordt aanvaard. Sterker nog, die wordt in de politieke arena, in de lobbykamers en in de rechtbank zwaar bevochten. Vanuit de klimaatwetenschap is allang aangetoond dat onze vraag naar grondstoffen, water en energie de planetaire grenzen ruimschoots overschrijdt, en het huidige verdienmodel niet langer houdbaar is, en ook nooit is geweest. Maar hoe meer wetenschappelijke kennis er wordt gemaakt, hoe vaker die tegenover andere, vaak financiële belangen komt te staan.

Voor klimaatwetenschappers is er in zestig jaar iets wezenlijks veranderd. In het begin schoot beleid tekort doordat er simpelweg te weinig kennis was over oorzaken en gevolgen. De wetenschap vervulde de nuttige rol om meer kennis op te doen, zodat er beter beleid kon worden gemaakt. Uit die periode stammen klinkende successen zoals het Montrealprotocol dat cfk’s in de ban deed en de ozonlaag redde. Voor een wetenschapper was het doen van onderzoek daardoor niet alleen razend interessant, maar ook voelde het onderzoek evident nuttig.

Maar inmiddels is het niet meer zo eenvoudig. Er is nu vaak meer dan voldoende kennis voor adequaat beleid, maar dat beleid blijkt te botsen met tegengestelde belangen. Dat roept bij wetenschappers persoonlijke vragen op. Heeft het nog zin wat ik doe? Luistert er wel iemand? Of wetenschappers activistisch mogen zijn is tegenwoordig een levendig academisch debat: het is een begrijpelijke uitlaatklep voor frustratie.

Toch ben ik overtuigd dat de klimaatwetenschapper nog lang niet is uitgespeeld. Sterker nog, ik denk dat ons werk belangrijker is dan ooit. We blijven ook na zestig jaar onderzoek bouwen aan een corpus van wetenschappelijke kennis dat steeds moeilijker terzijde te schuiven is. Dankzij wetenschap vindt tegenwoordig 85 procent van de Europeanen klimaat een belangrijk thema, en ruim 80 procent steunt het doel van een klimaatneutraal Europa in 2050. Dankzij wetenschap hebben we tegenwoordig klimaatattributie, waardoor we bloot kunnen leggen dat veel extreem weer dat burgers raakt rechtstreeks door klimaatverandering komt. Het is een voorbeeld van de vele kennis die de wetenschap aanreikt om duidelijk te maken dat een duurzame wereld de betere optie is. Fossiele bedrijven zien de bui van aansprakelijkheid hangen en treiteren wetenschappers in de VS met Woo-verzoeken. Dat is een goed teken, de wetenschap wordt serieus genomen. De invloed van kennis neemt nog altijd toe. Klimaatonderzoek blijft nuttig en belangrijk. En is ook nog eens het leukste vakgebied dat er bestaat.

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie

Kies NRC als voorkeursbron Melding voorkeursbron sluiten
Kies NRC als voorkeursbron

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Artikel delen

  • Je kunt deze maand nog cadeau geven.
  • De link is geldig.

De link is nog geldig.

Je hebt al eerder van dit artikel een cadeaulink aangemaakt, de link is nog geldig.

Leuk dat je onze journalistiek deelt met anderen. Vanaf kun je weer artikelen cadeau geven.

Sorry, het lukt op dit moment niet om een cadeau-link te maken. Probeer de pagina opnieuw te laden of probeer het later nog eens.

Deel dit artikel via sociale media.

Hoe werkt het delen van artikelen?

Als cadeau

Als NRC-abonnee kun je elke maand artikelen cadeau geven aan een willekeurige ontvanger.

  • De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
  • De cadeaulink is geldig.
  • Het saldo wordt verminderd met 1 zodra er een cadeaulink wordt aangemaakt.

Standaard delen

Kies je voor standaard delen, dan kan iedereen met een NRC-abonnement de door jou gedeelde artikelen lezen. Niet-abonnees krijgen een betaalmuur te zien.