Walging van de doodstraf
Voor of tegen de doodstraf? De vraag dook onvermijdelijk weer op na de mislukte executie van de ter dood veroordeelde Amerikaanse Christa Pike. Ik wil er nog een vraag aan toevoegen: maakt het voor je standpunt wat uit of je ooit zelf een executie hebt meegemaakt?
Ik verwijs naar de ervaringen van enkele belangrijke schrijvers. Ruim twintig jaar geleden schreef ik al eens over de Russische schrijver Ivan Toergenjev, die in januari 1870 op eigen, nieuwsgierige verzoek getuige mocht zijn van de executie in Parijs van Jean-Baptiste Troppmann, een jonge man die een gezin van acht personen had uitgemoord. De terechtstelling via de guillotine vond om zeven uur in de ochtend plaats in de aanwezigheid van tienduizenden schreeuwende toeschouwers.
Toergenjev was erbij toen Troppmann in zijn cel werd opgehaald door een politiechef en een geestelijke. ”Mijn zoon, du courage!”, zei de ontroerde geestelijke. ”O, ik ben niet bang”, zei Troppmann. Toergenjev zag Troppmann het schavot beklimmen ”en hoe zich van links en rechts twee mannen op hem stortten als twee spinnen op een vlieg, hoe hij eensklaps voorover viel en hoe hij met zijn voetzolen spartelde…”
Aan een vriend schreef Toergenjev later dat hij ”die vreselijke nacht een definitieve walging” van de doodstraf had gekregen.
Een andere befaamde schrijver, Truman Capote, verging het bijna een eeuw later niet veel anders toen hij de executie bijwoonde van Richard Hickock en Perry Smith, plegers van een viervoudige moord. Capote schreef er in 1965 een bestseller over: In Cold Blood. Op verzoek van de daders, die hij goed had leren kennen, was hij bij de verhanging aanwezig. ”Ik huilde tweeënhalve dag lang daarna. Ik kon er niet mee ophouden, het waren een soort stuiptrekkingen.” Hij verklaarde zich tegen de doodstraf, maar ik weet niet of dat altijd zijn standpunt is geweest.
Zelf heeft de onomkeerbaarheid van de doodstraf mij altijd het meest tegengestaan. Een gerechtelijke dwaling kan niet meer worden gecorrigeerd
In Nederland hadden we een schrijver, Gerrit Krol (1934-2013), die voor de doodstraf was en er in 1990 een opzienbarend en omstreden essay over schreef: Voor wie kwaad wil. Met de cruciale zin: ”Wie met opzet onschuldigen heeft gedood verdient – dat is de consequentie – geen ander lot dan die dood te delen.” Of dat lot ook de doodstraf behelsde, hield hij nog enigszins vaag, maar op een vraag hierover van een interviewer zei hij tien jaar later: ”Ja. Oog om oog.”
Krol heeft bij mijn weten nooit een executie bijgewoond, maar misschien zou dat voor zijn standpunt geen verschil hebben uitgemaakt.
Zelf heeft de onomkeerbaarheid van de doodstraf mij altijd het meest tegengestaan. Een gerechtelijke dwaling kan niet meer worden gecorrigeerd, een van de belangrijkste redenen waarom de doodstraf dan ook in veel landen werd afgeschaft.
Toch wilde ik in 2006 op tv de videobeelden zien van de executie van de wrede dictator Saddam Hussein in Irak. Was het sensatiezucht of wraakzucht, of een combinatie van deze zuchten? Hoe het ook zij, ik had het niet moeten doen, want ik zal die gruwelijke beelden nooit vergeten: een weerloze man die in doffe gelatenheid door gemaskerde beulen naar het valluik wordt geduwd, waar de dood op hem wacht.
Ik voelde zowaar mededogen met Saddam Hoessein – en dat kan nooit de bedoeling van de doodstraf zijn geweest.
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.