Home   2026-10-22 19:56:51

←

Imkers de deur gewezen in natuurgebieden: ‘Het is een soort intensieve veehouderij’

Original article

In imkerpak wijst Wilfred Muis vanaf het Flevo Nice-terrein weemoedig naar Spijk-Bremerberg, waar volgens de aanprijzing van Staatsbosbeheer ‘op een bodem van zeeklei en zand Flevolands meest afwisselende natuurgebied ontstond’. Dat heeft de bijenhouder geweten. Wilgen, esdoorns, bramen en groenbemesters op naastgelegen akkers; in alle seizoenen bleven zijn volken maar nectar aanslepen. ‘Ik slingerde drie keer per jaar grote hoeveelheden honing.’

Slingerde, want met één brief van de terreinbeheerder was het na bijna vijftig jaar opeens voorbij en mocht Muis zijn bijenkasten komen ophalen. Staatsbosbeheer wees hem ook de deur bij de Oostvaardersplassen, Defensie gaf Muis te kennen dat hij na decennia niet meer welkom is op Artillerie Schietkamp ’t Harde.

Alle grote terreinbeheerders nemen afscheid van imkers. Natuurmonumenten heeft ze al ‘teruggedrongen’ en de provinciale landschappen doen aan ‘uitfaseren’; imkers die ermee stoppen worden niet vervangen. Overal om dezelfde reden. De honderden, veelal bedreigde wilde Nederlandse bijensoorten leggen het af in de concurrentiestrijd om nectar tegen één soort: de grotere, met suiker gevoede honingbij.

Imker Wilfred Muis trekt zijn beschermende kleding aan.Bron Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Niet per definitie bedreiging

‘Het is niet zo zwart-wit’, zegt Muis als hij zijn roker aanmaakt voor een kastinspectie. ‘De honingbij is niet per definitie een bedreiging. Op genoeg plekken kan het in bepaalde seizoenen echt nog wel.’

De Nederlandse Bijenhoudersvereniging zegt dit ook en benadrukt dat honingbijen belangrijk zijn voor de bestuiving van gewassen in de fruitteelt. Zij vrezen dat er straks, bij gebrek aan ruimte in de natuur door het jaar heen en imkers die moeten stoppen, niet genoeg volken zijn voor die bestuiving.

De ‘wilde-versus-honingbij-discussie’ sleept al jaren. In 2018 werd die aangezwengeld door de resultaten van drie jaar onderzoek op Tenerife. Daar werd in de natuur een aantoonbaar negatief effect door de aanwezigheid van honingbijen waargenomen. Een jaar later zette een boswachter in de Biesbosch de Nederlandse discussie in gang. In het Natura 2000-gebied wemelde het destijds van de honingbijen tijdens de weelderige bloei van de reuzenbalsemien.

Op het hoogtepunt ging het daar om duizenden bijenkasten. Die werden uit het gebied verbannen, maar boeren stelden grond pal ernaast beschikbaar aan wat ‘honingcowboys’ zijn gaan heten. Overal doken kasten op van (buitenlandse) ‘imkers’, geregeld zonder de verplichte vermelding van contactgegevens erop.

De provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland lukt het maar niet dit fenomeen volledig uit te bannen. Met soms ‘meer dan zestig miljoen honingbijen’ spreekt de boswachter er nog steeds van ‘een soort intensieve veehouderij’.

Actieradius van 3 tot 5 kilometer

Muis is geen cowboy, met een kast of zestig van zijn Imkerij ’t Haagje. Eerder ‘een liefhebber, die de natuur op één zet en niet uit is op zoveel mogelijk honing’, zeggen ze bij de bijenhoudersvereniging. Maar ook Muis doet wat verbannen imkers langs de Biesbosch en andere gebieden doen: een plek ernaast zoeken. Die vond hij op evenemententerrein Flevo Nice, vanwaar de vorige verblijfplaats Spijk-Bremerberg zichtbaar is. Muis weet: met een actieradius van ‘3 tot 5 kilometer’ halen zijn bijen daar nog altijd nectar.

Rook maakt de bijen rustig tijdens het inspecteren van de kassen.Bron Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Entomoloog Theo Zeegers van EIS Kenniscentrum Insecten is dan ook voor een totaalverbod op bijenkasten in de natuur én in een ruime bufferzone eromheen. Hij deed onderzoek naar de honingbij-draagkracht van Nederlandse natuurgebieden.

Op schietterrein ’t Harde, waar Muis stond, trof hij 320 kasten. ‘Onze aanbeveling was 27, dus ruim 90 procent paste daar niet’, zegt de insectenkundige via de telefoon. ‘Dat Defensie ze er nu allemaal uit zet, daar heb ik geen bezwaar tegen na al die overvloedige jaren.’

Een woordvoerder van Defensie laat weten dat het ministerie de afspraken met alle imkers beëindigt om ‘wilde bijen weer op de been te helpen’ met als doel ‘een zo hoog mogelijke biodiversiteit’ op hun terreinen. Preciezer uitzoeken waar en wanneer er wel bijenkasten kunnen staan, zoals Muis hoopt, noemt ze ‘te ingewikkeld’ en ‘niet passend in onze taak’.

Wilde bestuivers

Zeegers is van oordeel dat honingbijen houden in Natura 2000-gebieden, zoals op ’t Harde, in feite verboden is. In deze Europees beschermde gebieden moet bij iedere activiteit worden aangetoond dat die geen negatief effect heeft.

‘Voor mij is het evident dat de imkerij volledig in strijd is met dit voorzorgsbeginsel’, zegt hij. ‘Uit alle literatuur blijkt: hoe verder kasten weg staan, hoe meer wilde bestuivers er zijn.’

De bijenhoudersvereniging vindt onderzoeker Zeegers, met wie het al jaren niet botert, ‘te rigide’ in zijn conclusies. Zijn eigen onderzoek maakt ze verdacht, omdat dit in opdracht van Defensie was. Zeegers kan er weinig mee: ‘Ik heb niet drie jaar in de bloedhitte over de hei gelopen om mijn rapporten ongefundeerd en zonder kennis van zaken te laten wegzetten als onzin. Met commentaren die niet verder komen dan: ik was zondag op de hei en zag een wilde bij.’

Wilfred Muis wijst naar een bos van Staatsbosbeheer waar zijn bijenkasten eerst stonden.Bron Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Verheugd stelt Zeegers toch ook ‘een iets genuanceerdere toon’ vast bij imkers. Hij noemt het winst dat Muis en de imkersvereniging de bijenconcurrentie niet meer afdoen als onzin en inmiddels hopen op een middenweg. Want zeggen zij nu: ‘Laten we in gesprek blijven over waar we op gezette tijden nog wel onze bijenkasten in natuurgebieden mogen plaatsen.’

Voorlopig zit het Muis op zijn nieuwe plek niet mee: er zwermen Aziatische hoornaars rond zijn kasten, die de ene na de andere honingbij uit de lucht plukken en de kop eraf bijten. En zo geldt ook op uitvalsbasis Flevo Nice het recht van de sterkste. Imker Muis: ‘Pokkedingen!’