Systeem kunstsubsidies gaat op de schop om cultuur te beschermen in tijden van polarisatie en oorlog
Met geen woord sprak koning Willem-Alexander in de troonrede over cultuur. De nestor onder de theaterproducenten, Joop van den Ende, beklaagde zich daarover in paginagrote krantenadvertenties. Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Rianne Letschert (D66) voelde zich ietwat betrapt. Ze brengt het zelf ter sprake in haar Haagse werkkamer.
‘Hoe kan het dat we in Den Haag zo weinig over cultuur praten? Ik vind dat een goede vraag. Maar het scherpe antwoord heb ik er nog niet op. Ik ben het me ook pas gaan realiseren sinds ik minister ben. Toen ik kort daarvoor nog informateur was, had ik het niet door.’
De 50-jarige Letschert is ervan overtuigd dat cultuur ‘een fundament onder onze maatschappij’ is. Ze rekent daar alles toe wat burgers ‘in ontspanning en verbinding’ bijeenbrengt, van operagezelschappen tot carnavalsoptochten. Ze vindt cultuur essentieel voor de ‘weerbaarheid’ in tijden van polarisatie en oorlogsdreiging.
Herziening subsidiestelsel
Om iedereen in het koninkrijk daar ‘goede toegang’ toe te geven, zette Letschert vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer de eerste lijnen uit van de grootste herziening van het subsidiestelsel voor cultuur in meer dan dertig jaar. Ze hoopt binnen een jaar een meerderheid voor haar ideeën te krijgen, precies op tijd voor de subsidieronde van 2029.
De hoofdlijnen zijn duidelijk. De belangrijkste rijkssubsidies worden sinds 1993 voor vier jaar verstrekt, maar die termijn gaat wat Letschert betreft naar acht jaar. Ze komt tegemoet aan een roep uit de culturele wereld, gesteund door de Raad voor Cultuur, om rust te brengen in een kortademig en bureaucratisch stelsel.
Daarnaast stelt Letschert een vereenvoudiging voor van het systeem dat in de loop der jaren is opgetuigd om de landelijke subsidie te verdelen: momenteel is dat 641 miljoen euro per jaar, ofwel 0,12 procent van de totale rijksbegroting.
Fuseren cultuurfondsen
De kern van dat plan is dat de zes rijkscultuurfondsen die verschillende disciplines bedienen (zoals podiumkunsten, letteren of film) mogelijk gaan fuseren tot drie. Het moet onder meer leiden tot minder ambtelijk hokjesdenken. Kunstenaars trekken zich steeds minder aan van de grenzen tussen disciplines.
Wat niet in de Kamerbrief staat, maar wat haar aandacht momenteel ook heeft, zijn de hybride aanvallen die Europa teisteren. ‘Uit de geschiedenis weten we dat culturele instellingen en erfgoed een eerste doelwit zijn’, zegt ze. ‘Mijn achtergrond ligt in het oorlogsrecht en het is niet voor niets dat het aanvallen van cultureel erfgoed een oorlogsmisdrijf is. Ze zijn onderdeel van je nationale identiteit.’
In werkgroepen bespreekt Letschert momenteel ‘wat we beter moeten beschermen en wat de kroonjuwelen zijn die je als eerste uit gebouwen wilt halen als er een aanval komt’. Niet alleen voor musea en archieven geldt dat, ook voor ‘onderzoeksinfrastructuur’ op universiteiten.
Niet iedereen heeft evenveel toegang tot cultuur, schrijft u. De provincies Drenthe, Flevoland en Zeeland krijgen minder uit de subsidiepot. Hoe gaat u dat veranderen?
‘Ik heb bij de formatie niet meer geld voor cultuur gekregen. Helaas, zeg ik daarbij. Het betekent dat er een herverdelingsvraagstuk ligt. In het onderwijs, bij de mbo’s, is dat onderling al gelukt. Om de scholen in krimpregio’s overeind te houden, hebben de mbo’s in dichter bevolkte gebieden wat ingeleverd.
‘Zo’n herverdeling is altijd lastig, maar de gesprekken ga ik komend jaar voeren met provincies en gemeenten. Het zou arrogant zijn als ik dat zelf al had ingevuld. Dan weet je dat er een lobby op gang komt, en daarna loopt het gesprek in de Tweede Kamer hartstikke dood.’
De verbouwing van het stelsel van rijksfondsen is voor honderden culturele gezelschappen een existentiële kwestie. Blijft er wel voor iedereen plek?
‘Ik heb het er deze week nog met mijn staf over gehad: de overheveling is een kwetsbare operatie. In het huidige bestel is plek voor specifiek omschreven soorten toneelgezelschappen of ensembles. Ik wil dat die ook in het nieuwe systeem goed zijn verankerd. Daarom besluit ik voor de zomer of het echt verantwoord is om deze weg in te slaan.’
U wilt de subsidievoorwaarden beperken tot kwaliteit en goede spreiding. Verdwijnen daarmee de eerdere eisen aan diversiteit, eerlijke beloning en goed bestuur?
‘Het zijn superbelangrijke onderwerpen, die in codes door de sector zijn vastgelegd. Maar de manier waarop ze in de subsidieregeling verweven zijn, heeft een verlammende werking. Daarom ga ik kijken hoe het belang ervan op een andere manier tot uitdrukking kan komen. Ik zie makers nu afhaken vanwege onnodige administratieve lasten. Dat is niet de bedoeling.’
Als minister van Cultuur bent u ook de hoeder van creativiteit en authenticiteit. Hoe kijkt u naar premier Jetten, die AI inzet voor het schrijven van berichten op sociale media?
‘Ik vind dat je woordvoering moet doen vanuit je persoonlijke emoties. Daar zit de authenticiteit. Die moet je niet door AI laten bedenken. Maar je kunt AI wel gebruiken voor eindredactie of vertaling.
‘In de beeldvorming lijkt het nu soms alsof wij robots zijn zonder eigen emoties. Dat is gewoon niet zo. Ik lees al mijn socialmediaberichten, alle persberichten, alle speeches. Daar zit ik in te strepen en ik haal er woorden uit als ik ze zo niet voel. Maar mijn woordvoerders schrijven ze, omdat ik er geen tijd voor heb in werkweken die soms honderd uur bedragen. Eigenlijk is de vraag dus: mogen zij AI niet als hulpmiddel gebruiken? Ik vind dat eigenlijk een boomerdiscussie.’