Duitsland zet criminele statushouders versneld uit, Kamerleden willen dit ook
Duitsland test in de deelstaat Baden-Württemberg een taskforce die zware criminele statushouders versneld het land uit zet. Veroordeelden krijgen daarbij de keuze: een kortere celstraf in ruil voor directe uitzetting. Vorig jaar gingen 105 zware delinquenten op dat aanbod in. Nederlandse Kamerleden willen dat asielminister Bart van den Brink dezelfde aanpak hier onderzoekt, hoewel de wettelijke mogelijkheid daarvoor ook in Nederland bestaat.
Duitse taskforce pakt criminele vreemdelingen aan
De taskforce in Baden-Württemberg, een deelstaat die wordt bestuurd door de Groenen en het CDU, geldt als succesvol. De deelstaat maakte miljoenen vrij voor zestig politie-, justitie- en IT-specialisten die samen met de vreemdelingendienst de zwaarste criminelen versneld uitzetten.
De 'Speciale Taskforce voor Gevaarlijke Buitenlanders' (Sonderstab Gefährliche Ausländer, SGA) achterhaalt al vroeg de identiteit van verdachten en start meteen onderhandelingen, ook met het land van herkomst. Hoe eerder een akkoord over strafvermindering er ligt, hoe groter de kans dat een veroordeelde meewerkt aan zijn uitzetting.
Staatssecretaris van Justitie en Migratie Siegfried Lorek noemt vooral moordenaars en andere gevaarlijke daders, van wie het eerder moeilijk was hen het land uit te zetten. Met extra personeel lukt dat nu wel, of gebeurt het via een gecontroleerde terugkeer. De aanpak geldt inmiddels als voorbeeld voor heel Duitsland, mede door de hardere migratielijn van de conservatieve regering onder bondskanselier Friedrich Merz.
Verschil tussen Nederland en Duitsland
Ook in Nederland kunnen veroordeelde statushouders strafkorting krijgen als ze definitief vertrekken. Vorig jaar maakten 330 mensen daarvan gebruik, vooral afkomstig uit Schengenlanden die altijd meewerken aan terugkeer. Het aantal zware criminelen dat zo werd uitgezet, bleef beperkt tot 46.
In Baden-Württemberg lag dat aantal veel hoger: 655 vreemdelingen kregen strafkorting in ruil voor uitzetting, onder wie 105 zware delinquenten, vaak afkomstig uit Afghanistan, Irak, Marokko en Algerije. Hoofdcommissaris en projectleider Marcus Winter zegt dat alleen wie binnen korte tijd meerdere zware geweldsdelicten heeft gepleegd, in beeld komt bij de SGA, en geen lichtere zaken. Zo werd een Syrische familie, verdacht van meer dan 160 misdrijven waaronder afpersing, mishandeling en poging tot doodslag, vrijwel volledig op vrijwillige basis uitgezet, elk met ruim 1000 euro op zak.
Het Duitse Openbaar Ministerie beslist meestal na de helft van de straf over uitzetting, wat detentiekosten van ongeveer 200 euro per dag scheelt. De opgelegde straf blijft daarbij staan: wie terugkeert naar Europa, riskeert directe uitlevering aan Duitsland en moet de rest van de straf alsnog uitzitten. Advocaat Marie Wenger, die asielzoekers en statushouders bijstaat, ziet dat bijna iedereen instemt: wie toch al wordt uitgezet na detentie, kiest liever voor vertrek na de helft van de straf. Ze waarschuwt wel voor een glijdende schaal, waarbij ook mensen met lichtere delicten die geen gevaar vormen, onder druk kunnen worden uitgezet.
Problemen in de uitvoering in Nederland
Kamerleden vinden dat Nederland voor zwaargestrafte vreemdelingen nog geen goede oplossing heeft. VVD-Kamerlid Ulysse Elian wil dat minister Van den Brink vaart maakt, omdat de wettelijke mogelijkheid er al is. Hoogleraar criminologie Joanne van der Leun wijst op knelpunten in de uitvoering: het delen van informatie tussen diensten verloopt moeizaam, waardoor vooral vreemdelingen die makkelijker zijn uit te zetten en minder ernstige delicten pleegden, worden aangepakt.
Van den Brink stelt tegenover Nieuwsuur dat Nederland al een breder instrumentarium gebruikt, waaronder strafonderbreking, en dat de Dienst Terugkeer en Vertrek over veel meer instrumenten beschikt die tegelijk worden ingezet. CDA-Kamerlid Jeltje Straatman vindt dat het kabinet beter naar de Duitse aanpak moet kijken, omdat dat de Nederlandse samenleving veiliger maakt. Over de kosten maakt ze zich geen zorgen: door het cellentekort kan de aanpak volgens haar juist geld opleveren. Ze vraagt de minister om een kostenplaatje te laten zien van wat de aanpak kost en wat die oplevert.