Home   2026-10-22 19:56:51

←

De nieuwe wereld van Joey Veerman: 'Er moet wel tien procent bovenop'

Original article

Dit verhaal is afkomstig uit het VI-weekblad.

Pff, blaast Sjoerd Oude Weernink. ‘Dat is een lastige’, zegt de 32-jarige Bornenaar. Wat er zo speciaal is aan Borussia Dortmund, luidde de vraag. Zou op zich niet zo moeilijk te beantwoorden moeten zijn voor iemand die al een jaar of tien geen thuiswedstrijd van de club overslaat. Die ook graag de uitduels meepakt, dwars door Duitsland en tot ver over de landsgrenzen, zo vaak zijn werk als teamleider in de it-sector én zijn vriendin het toelaten. Een man die bovendien voorzitter is van de Nederlandse fanclub van Borussia. En toch moet hij even nadenken over het antwoord. ‘Hoe leg je dat nou uit?’, vraagt Oude Weernink zichzelf af. Hoe verklaar je iets wat voor hem inmiddels zo vanzelfsprekend is?

Misschien zo, denkt hij hardop, op de zalige zaterdagmiddag dat het competitievoetbal weer begint voor zijn club: ‘Ik kom hier net aan, en tref alweer overal vrienden. Hoe je hier wordt opgevangen, dat is ongelooflijk. En uniek volgens mij, voor zo’n grote club’, zegt de met zwart-gele sjaals omzwachtelde voetbalgek uit de geboorteplaats van Wout Weghorst. Met dat laatste wapenfeit loopt hij zelf niet te koop, aangezien hij ook aanhanger en seizoenkaarthouder van Heracles Almelo is. Maar Dortmund, dat is wat anders.

‘De onderlinge band is hier zo sterk. Niet alleen met andere supporters. Ook sommige stewards zijn als familieleden voor me. Mensen zijn écht in elkaar geïnteresseerd. Vragen altijd hoe het met je gaat, hoe je week was. In Nederland gebeurt dat niet op die manier. Als je daar een bekende tegenkomt, begroet je elkaar en loop je weer door. Dit gaat dieper. Hier maak je mee dat mensen, wildvreemden soms, je na de wedstrijd thuis uitnodigen om nog een biertje te komen drinken. Na een late wedstrijd mag je blijven slapen bij andere supporters. Dit is een immens grote club, die toch voelt als een familie. En een sfeer zoals hier vind je nergens.’

Voor de wedstrijd tegen Hamburger SV is Oude Weernink met zijn kameraden zoals gewoonlijk een uur of drie voor de aftrap bij het stadion aangekomen. Straks beklimt hij de Gelbe Wand, de grootste staantribune van Europa. Tussen de 25 duizend zielsverwanten heeft hij zijn vaste stek, tussen tientallen Nederlanders. ‘Maar we treffen er ook altijd dezelfde Duitsers. Graag noem ik Oscar, die is gezond gek. Woont in Mallorca en vliegt over voor elke thuiswedstrijd.’