Van zijn eigen ‘heldendaden’ wil Robin Hood niets weten in een sombere deconstructie van de 14de-eeuwse heldenmythe
‘Leugens op leugens’, bromt de oude, woest bebaarde Robin Hood (Hugh Jackman) bij een kampvuur in Engeland anno 1247, als hij door een zojuist aangeschoven jonge vrouw weer eens met zijn vermeende heldendaden wordt geconfronteerd.
Verhalen zijn de leidraad in deze zonder veel twijfel meest zwartgallige en vuige interpretatie der Robin Hood-vertellingen. Verhalen die over de vermeende weldoener worden gedeeld – stelend van de rijken, het bekende lied – en verhalen die hij over zichzelf vertelt – een hebzuchtige moordenaar, op zijn vriendelijkst gezegd.
De botsing tussen verhaal en werkelijkheid voert de boventoon in The Death of Robin Hood. Het mag in deze genadeloze deconstructie van de 14de-eeuwse Engelse heldenmythe duidelijk zijn dat de leugen regeert.
De film zelf bestaat uit twee hard botsende segmenten. In het eerste maakt regisseur en scenarist Michael Sarnoski aan alle twijfel omtrent zijn bedoelingen een eind: in een magnifiek natuurdecor van rots, weide en vijftig tinten modder filmt hij een ongekende slachtpartij. Het lijkt wel oorlog, hoe Hood zijn befaamde compagnon Little John (Bill Skarsgård), die in de stijl van de film de naam van een door hem vermoorde boer heeft aangenomen, bijstaat tijdens de herovering van zijn boerderij. Meer cinema in de trant van Robert Eggers’ hypergewelddadige Viking-epos The Northman dan van de avonturen van een rechtschapen held zoals die eerder werd vertolkt door Kevin Costner (in Robin Hood: Prince of Thieves) of Russell Crowe (in Ridley Scotts Robin Hood).
Het tweede segment staat in het teken van herstel na de strijd, met Jodie Comer in een mooie rol als oplapper van dienst. De grote vraag: is déze Robin Hood überhaupt in staat om goedheid te omarmen?
Zo lijkt Sarnoski, na zijn toch ook gevoelige monsterfilmprequel A Quiet Place: Day One (2024), gaandeweg de weemoedige en sombere toon te hervinden van zijn debuutfilm Pig (2021), met Nicolas Cage als zonderlinge eigenaar van een truffelvarken.
Die aanpak levert uiteindelijk een onevenwichtige film op. De afstotelijke opening wordt nooit helemaal verenigd met het introspectieve slot. Maar Sarnoski’s nadrukkelijke eigen stempel blijft voortdurend zichtbaar, in weer zo’n karakterdrama waarin een gebutste man de gevolgen van een vorig leven onder ogen ziet.
Lees ook
Geselecteerd door de redactie