Een duurloop voor kinderen gevaarlijk? Hierop moet je letten bij leeftijd en sport
Tijdens de halve marathon van Leiden overleed een 15-jarig meisje. Ze zakte 4 kilometer voor de finish van de 21 kilometer lange race in elkaar. Reanimatie mocht niet baten. Het meisje had volgens haar ouders goed getraind. Hoewel de exacte oorzaak nog onbekend is, roept het incident vragen op over de risico’s van zware fysieke inspanning voor een lichaam in de groei.
De organisatie van de Leiden Marathon hanteert officieel een minimumleeftijd van 16 jaar, maar het inschrijfsysteem controleert de opgegeven leeftijd niet actief. De Atletiekunie adviseert in zijn richtlijnen een maximale afstand van 10 kilometer voor 15-jarigen. Voor kinderen van 16 jaar geldt het advies tot maximaal tot 16,1 kilometer. Voor jongere kinderen gelden nog striktere adviezen: tot 8 jaar is de grens 1,5 kilometer, en voor 9-jarigen 2,5 kilometer. De volledige marathon van 42,2 kilometer wordt pas vanaf 18 jaar aangeraden.
John IJzerman, voorzitter van de medische commissie van de Atletiekunie en nauw betrokken bij het opstellen van deze grenzen, benadrukt dat sportorganisaties een morele noodzaak hebben om dergelijke richtlijnen te handhaven. Hij stelt dat zij een verantwoordelijkheid dragen voor de gezondheid van hun leden en hen vanuit ethisch oogpunt niet zomaar hun gang kunnen laten gaan. IJzerman licht toe: ‘Hoewel harde medische data over de effecten van specifieke wedstrijdafstanden schaars zijn, zijn de huidige richtlijnen gevormd door de visie van experts die de risico’s voor de jeugd in een kwetsbare groeifase willen minimaliseren.’
Per individu verschillend
De vraag op welke leeftijd welke sport verstandig is, kent geen eenduidig antwoord omdat de biologische ontwikkeling per individu verschilt, zegt Marije Elferink-Gemser, sportwetenschapper aan het UMCG. Hierom delegeert de Nederlandse NOCNSF de verantwoordelijkheid voor specifieke leeftijdsgrenzen naar de individuele sportbonden. Daarbij dient de biologische en mentale rijpheid van een kind als de centrale leidraad in plaats van enkel de kalenderleeftijd.
De American Academy of Pediatrics (AAP) geeft wel enkele gerichte adviezen op basis van de ontwikkelingsfase en specifieke risico’s van een discipline. Zo wordt boksen voor kinderen en adolescenten afgeraden vanwege het risico op hersenletsel door klappen tegen het hoofd. Bij American football luidt het advies om te wachten tot ten minste 14 jaar vanwege de sterkte van de nekspieren. Wat betreft krachttraining ontmoedigt de AAP competitief gewichtheffen en bodybuilding totdat een sporter volgroeid is.
Oververhitting
Cardioloog Jan Piek benadrukt dat een gezond hart, ook op 15-jarige leeftijd, de fysieke belasting van een halve marathon in principe moet aankunnen. ‘Een incident als in Leiden is uiterst zeldzaam, en kan bij jonge lopers voorkomen door een hartspierziekte of een aanleg voor het optreden van ritmestoornissen’, stelt hij.
Bij zeer intensieve inspanning zoals een duurloop is het grootste gevaar volgens Piek oververhitting. ‘Wanneer het lichaam de geproduceerde hitte niet meer effectief via zweet kan afvoeren, stijgt de centrale temperatuur boven de 40 graden. Een dergelijke hitteberoerte is levensgevaarlijk voor de organen en hersenen en kan leiden tot een bloeddrukdaling en fatale afloop.’ Piek merkt op dat lopers vaak kort voordat ze instorten gedesoriënteerd raken of gaan zwalken.
Een hitteberoerte kan bij sporters van alle leeftijden voorkomen, benadrukt hoogleraar inspanningsfysiologie Maria Hopman. Hoewel het transpiratiesysteem zich pas in de puberteit volledig ontwikkelt en kinderen dus minder zweten om zichzelf te koelen, staat daar tegenover dat zij door hun tengere bouw vaak een betere verhouding hebben tussen lichaamsoppervlak en inhoud. Dit is juist gunstig om warmte kwijt te raken.
Volop in ontwikkeling
Een hitteberoerte ligt sneller op de loer wanneer iemand de signalen van het lichaam over het hoofd ziet. Dat vermogen om naar jezelf te luisteren is bij kinderen nog in ontwikkeling, zegt Elferink-Gemser, die onder meer bij de schaatsbond onderzoek doet naar de mentale en fysieke ontwikkeling bij jonge sporttalenten. Ze legt uit dat de prefrontale cortex, het hersendeel dat zaken als plannen en monitoren regelt, in de puberteit nog volop in ontwikkeling is. ‘Deze vaardigheden zijn essentieel om in te schatten hoe je je energie goed verdeelt over een lange afstand. Er zijn best veel 15-jarigen die dat gewoon nog helemaal niet zo goed kunnen.’ Hierdoor lopen jongeren een groter risico om zichzelf fysiek volledig uit te putten zonder het door te hebben.
Hopman verduidelijkt dat de reden voor leeftijdsgrenzen in de duurloop niet primair een zaak van het hart is, maar geworteld is in de kwetsbaarheid van het spierskeletsysteem. ‘Het bewegingsapparaat van jongeren is simpelweg nog niet volledig volgroeid. Hierdoor kunnen gewrichten, pezen en vooral de nog actieve groeischijven de extreme belasting van de vele trainingskilometers voor een marathon nog niet veilig dragen’.
Ook de energiesystemen van een kind werken anders, benadrukt Elferink-Gemser. Kinderen zijn geen minivolwassenen en hun energieafgifte is minder goed berekend op langdurige intensieve inspanningen. Wat ze wel heel goed kunnen zijn herhaalde laag tot matig intensieve inspanningen met tussentijds herstel: hollen en stilstaan.
Hopman en Elferink-Gemser benadrukken dat variatie in beweging het belangrijkst is voor een goede lichamelijke ontwikkeling. ‘Wees zeker niet bang om te gaan bewegen na het horen van zo’n incident. Te weinig beweging en te veel zitten is gevaarlijker voor de gezondheid.’ Voor wie serieus de eigen grenzen wil verleggen en dagelijks intensief wil trainen, adviseert Elferink-Gemser om een professionele sporttest, met hartfilmpje, te doen. ‘En daarnaast is deskundige begeleiding om blessures en overbelasting te voorkomen ook voor jongeren cruciaal.’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie