Home   2026-10-22 19:56:51

←

De metamorfose van de bloedfanatieke captain Gregoor van Dijk

Original article

Er zijn weinig Eredivisie-spelers te vinden die uitkeken naar een middagje ballen tegen Gregoor van Dijk. Als middenvelder van Roda JC, FC Groningen en FC Utrecht was hij fel, onverzettelijk, stond hij bij ieder opstootje vooraan en was hij niet het type dat zijn poot introk in een stevig duel. Lange tijd had hij het rodekaartenrecord in de Eredivisie op zijn naam, tot Joey van den Berg (7) hem evenaarde en Nick Viergever (8) hem twee jaar geleden voorbijging. Die kant van hem maakte Van Dijk bij de tegenstanders misschien niet altijd geliefd, maar juist razend populair bij de supporters van zijn eigen clubs.  

Zo bloedfanatiek als hij op het veld was, zo rustig komt hij nu op een donderdagochtend in beeld via een videogesprek. Van zijn Viking-look uit zijn Utrecht-tijd is alleen zijn baard nog over, zijn lange lokken zijn gewiekt. Hij woont al dertien jaar in de Portugese kuststad Cascais, waar hij na een lange relatie met een Portugese is blijven hangen. Het bevalt hem uitstekend dat het zonnetje wat vaker schijnt en mensen de dag wat relaxter indelen dan in Nederland. Toch is Van Dijk allesbehalve een type dat graag stilzit. Het interview is gepland om acht uur ’s ochtends Portugese tijd, maar dat is voor hem geen enkel probleem, want hij is toch iedere dag al om zes uur wakker. De bij vlagen opgefokte middenvelder van weleer runt nu meerdere bedrijven, waardoor hij altijd wel wat te doen heeft en nog regelmatig op en neer naar Nederland vliegt.

'Ik moest écht even uit de voetbalwereld'

In zijn huidige werkzaamheden zijn mensen ook weleens verbaasd dat hij eigenlijk heel anders is dan ze hem als voetballer herinneren. ‘Maar dat had ik vroeger al, hoor’, lacht Van Dijk. ‘Mensen konden toen al niet begrijpen dat het verschil bij mij zó groot was tussen de persoon binnen en buiten het veld.’ Hij speelt tegenwoordig nog weleens een potje mee met de oud-profs van FC De Rebellen. ‘Dan denken sommige van die jongens ook: Is dit diezelfde gozer als tegen wie ik vroeger heb gespeeld?’

Ondersteunend beeld bij het artikel© Pro Shots

Heilig vuur

Sommige spelers zouden een moord doen om ook maar één procent van zijn passie te bezitten. De dag dat Van Dijk als speler van AEK Larnaca niet meer dat heilige vuurtje voelde, stopte hij direct. Na een paar mooie jaren op Cyprus hoorde hij op een vrijdag dat hij in het weekend niet bij de selectie zou zitten. ‘Alleen, het deed me helemaal niks.’ Die maandag stapte hij het kantoor van zijn Griekse trainer binnen en vertelde hij dat hij – ondanks nog een contract van tweeënhalf jaar – per direct stopte met voetballen. ‘Die man begon te huilen en zei: “Dit moet je niet doen, dat gevoel komt wel weer terug”.’ Van Dijk was niet meer op andere gedachten te brengen. ‘Ik voelde het gewoon niet meer, had niet meer de passie om verder te gaan.’ 

De president van Larnaca vroeg hem vervolgens nog om dan maar meteen door te stromen naar de rol van technisch directeur. ‘Maar ik moest écht even uit de voetbalwereld.’ Vanaf jongs af aan stond zijn leven alleen maar in het teken van de bal. Met FC Groningen-held Jan van Dijk als vader was er geen ontkomen aan. Van Dijk senior bracht de liefde voor het spelletje over op zijn zoons Dominique en Gregoor, die hij later ook allebei liet debuteren in het eerste elftal van Groningen. ‘Ik moest echt even loskoppelen, kijken wat er verder in de wereld te koop was.’

Van Dijk had nog helemaal niet goed nagedacht over het leven zonder voetbal, maar ging in Portugal direct fanatiek padellen en padbollen, een soort voetvolleyvariant van de populaire racketsport. Door zijn profverleden had hij ook een behoorlijk goed gevoel voor padbol en deed hij mee aan WK’s en internationale toernooien van Roemenië tot Uruguay. Het spelletje vond hij leuk, maar de échte passie vond hij in het zakelijke aspect. Hij zette een eigen sporthal op voor padel en padbol in Portugal en deed dat later ook in Nederland.

Die hallen zijn alweer jaren geleden verkocht. Inmiddels runt hij een trampolinepark voor kinderen in Rotterdam en is hij samen met zijn broer Dominique druk in de weer met een eigen marketingbureau, om lokale ondernemingen, van pizzaketens tot kapperszaken, te helpen om beter zichtbaar te worden. Hij heeft bij de KNVB ook een cursus voor technisch directeur gevolgd en zou het inmiddels wel weer mooi vinden om ooit weer terug te keren in het wereldje waarin hij ongelooflijk veel heeft meegemaakt.

Ondersteunend beeld bij het artikel© Pro Shots

Van Gaal

Als jong talent ging hij mee naar het WK Onder-20 in Argentinië. Daar deelde hij de kleedkamer met toptalenten als Theo Janssen, Rafael van der Vaart, Klaas-Jan Huntelaar en Arjen Robben. Die jonkies werden destijds aangestuurd door niemand minder dan Louis van Gaal. ‘De sfeer in die tijd bij de jeugdploegen van Oranje was altijd heel bijzonder’, zegt Van Dijk droogjes. ‘Eigenlijk wilde helemaal niemand daar zijn. Jurgen Colin en Theo Janssen raakten geblesseerd tijdens dat toernooi.’ Met een grijns: ‘Nou, die lachten ons allemaal uit en waren blij dat ze naar huis konden.’