De Kunsthal Rotterdam toont de gelauwerde kinderboekillustraties van Floor Rieder. Plus het hele maakproces, inclusief krassen op glas. Ze gaat grondig te werk, laat ze zien in haar atelier. ‘Echt, ik ben een mierenneuker to the max.’
is kunstredacteur voor de Volkskrant en schrijft over fotografie en beeldende kunst.
Waar Floor Rieder een bezoeker van Krassen, krassen, krassen in de Rotterdamse Kunsthal als eerste mee naartoe zou nemen om uit te leggen wat de essentie is van haar werk als illustrator?
Heel resoluut: ‘Naar de glasplaatjes.’
Het is een week na de opening van de tentoonstelling over de door haar geïllustreerde klassiekers Alice in Wonderland (2014) en Peter Pan (2025) en we staan in haar atelier in het centrum van Amsterdam. Rieder – die met goud en zilver is behangen voor haar kinderboekillustraties, al een paar keer Best Verzorgde Boek heeft gewonnen, boekrecensies van de Volkskrant illustreert en die opdrachten kreeg van onder andere het Rijksmuseum en de gemeente Rotterdam – pakt er zo’n glasplaatje bij. Formaat A5, het is zwart geschilderd.
‘De Kunsthal heeft ervoor gekozen, en daar ben ik heel blij mee, om het volledige maakproces van de twee boeken te laten zien. Het handwerk dat erin zit, de mislukkingen, de gebroken plaatjes, het gekras. Want ik kan uitleggen wat ik wil, als je het niet voor je ziet, blijven mensen vragen: ja, maar hoe gáát het dan precies?’
Ze doet het even voor. Op de glasplaat komt een rood carbonpapier te liggen. Daarop een vrij uitgeklede lijntekening van een schets die ze, intuïtief en losjes, heeft gemaakt. Met een pen gaat ze nog een keer over de lijnen; het carbonpapier laat een rode afdruk achter op de glasplaat.
‘En dan begint het lekkerste werk’, zegt Rieder. ‘Ik zet een koptelefoon op – iets dat ik in de fase van het schetsen nooit zal doen, want dan moet ik me concentreren – en kras met een etspen de rode lijnen en vlakken weg. Daarna scan ik de glasplaat in en maak ik de illustratie af op de computer. De kleuren komen erin, ik maak een lijntje dikker of dunner, poets wat bij of maak het juist slordiger.
‘In die laatste twee fases, zou je kunnen zeggen, komt het gevoel en de sfeer van de eerste schets weer terug. Die lijntekening is de kale maar noodzakelijke tussenstap.’
Maar wacht, misschien zou ze de bezoeker eerst nog meenemen naar waar ze óók heel gelukkig van wordt: het storyboard, ‘de allereerste minuscule schetsjes, waar het meeste denkwerk in gaat zitten’. Alvorens ze die maakt, leest ze een boek van voren naar achteren en weer terug en onderstreept ze de zinnen waarvan ze vindt: daar moet een tekening bij.
‘Bij Peter Pan bijvoorbeeld, wordt in het begin van het verhaal omschreven hoe de moeder van Wendy, Jan en Michiel ’s avonds, als de kinderen liggen te slapen, de hoofden van de kinderen opruimt – alsof ze een kast opruimt. De slechte gedachten legt ze achterin, de mooie gedachten komen wollig opgeklopt voorin. Of de scène waarin de kinderen met hun kindermeisje Nana, een hond, elke ochtend door het Kensington Park in een rijtje naar school lopen, Nana voorop met een paraplu in haar bek.’
In die researchfase gaat ze extreem grondig te werk. Het park zoekt ze op. Foto’s, Google Maps, historische achtergrond, de hele rataplan. ‘Echt, ik ben een mierenneuker to the max. Dat is voor mij de lol. Hoeveel vrijheid ik ook neem om een klassieker als Peter Pan naar deze tijd te vertalen, om hem een hoodie te geven in plaats van een jasje van bladeren en van Wendy een stoer meisje te maken, in de basis moet het allemaal kloppen.’
Dat ze voor een kinderboekillustrator een volwassen manier van illustreren heeft, leg ik haar voor. Al het zwart, de blauwe grijzen en grijze blauwen of groenen, het oogt zo anders dan de vrolijke frisheid die je vaak in kinderboeken ziet.
‘Nou’, zegt Rieder, ‘in elk boek zitten ook altijd twee felle kleuren. Maar het klopt, ik ben wel een kinderboekillustrator, maar ik hou geen rekening met de kinderen. Het blokkeert me als ik steeds moet denken: wat zou het publiek leuk vinden? Ik maak gewoon wat ik zelf vroeger leuk had gevonden.’
Volgend jaar verschijnt de Engelstalige editie van haar Peter Pan bij uitgever Pushkin Press. Die gaf in 2020 ook al de vertaling uit van haar Alice in Wonderland, nadat ze, in Nederland, een extreem bevlogen presentatie had gegeven aan een delegatie Engelse uitgevers. Over het belang van aandacht voor vormgeving, mooi papier, goud op snee, over niet kiezen voor het allergrootste publiek, maar voor een publiek van fijnproevers en liefhebbers.
Ze gaf de deelnemers de boeken mee waarmee ze in Nederland alle prijzen had gewonnen, Het raadsel van alles wat leeft en Het mysterie van niks, en een zelfgemaakt Alice in Wonderland-kaartspel in een prachtig doosje.
Niet veel later, op haar verjaardag, kreeg ze een ‘droommail’ van een van de uitgevers, dat hij helemaal verliefd was op haar werk, dat hij Alice wilde gaan uitgeven, en of ze voor hen niet meer klassiekers wilde doen, zes liefst, ze mocht zelf bepalen welke.
Over een derde boek denkt ze nu na. Doe Heidi, suggereerde haar man. Zelf heeft ze meer zin in Frankenstein.
Floor Rieder: Krassen, krassen, krassen. Kunsthal, Rotterdam, t/m 21/6. Op 30/4 en 1/5 geeft Rieder in het museum een workshop krassen voor kinderen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant