Judo Michael Korrel is terug na een maandenlange dopingschorsing wegens zogeheten whereabouts-fouten. Zondag judoot hij weer op een EK. „De honger is natuurlijk enorm. Alsof ik in een soort kooi zat die weer openging.”
Korrel voelt geen onrecht meer over zijn schorsing. "Het is mijn verantwoordelijkheid."
Voor de gelegenheid had judoka Michael Korrel (32) een filmpje in elkaar gezet, dat hij in december plaatste op Facebook. Spannend muziekje, actiefoto’s van hemzelf, een aantal podiumplekken, grote medailles om zijn nek. En dan: ‘Coming soon. The return in 2026’.
En Michael Korrel ís terug. Sinds eind februari mag hij weer toernooien judoën, na een maandenlange straf wegens zogeheten whereabouts-fouten. Tot drie maal toe had een controleur van de Dopingautoriteit Korrel niet aangetroffen op de plek die hij vooraf had opgegeven. Daarop staat, als het binnen een periode van twaalf maanden gebeurt, een straf van maximaal twee jaar. Korrel schikte en mocht tien maanden geen toernooien judoën (de rest van die 24 maanden werd met terugwerkende kracht opgelegd). Eind december, de 27ste om precies te zijn, mocht hij voor het eerst weer trainen.
Ook zijn medejudoka’s Frank de Wit en de inmiddels gestopte Noël van ’t End kregen whereabouts-schorsingen opgelegd, bleek in mei vorig jaar. Omdat er drie judoka’s betrokken waren en omdat de schorsingen gelijktijdig bekend werden, leek er een samenhang te zijn. Maar dat is echt niet zo, zegt Korrel begin april terugkijkend. Hij vertelt dat hij pas na zijn derde zogeheten mistest, toen hij een advocaat in de arm had genomen, hoorde dat Van ’t End en De Wit in hetzelfde schuitje zaten.
Eind februari maakte Korrel, een van de succesvolste judoka’s van zijn generatie met onder meer twee keer individueel WK-brons, zijn toernooirentree. Dat was bij het grand slam van in de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent. „Het was niet emotioneel, ofzo. Maar het was wel alsof ik een nieuwe fase inging. Je probeert jezelf al die maanden fit te houden en ook mentaal fris. En als je dan die periode mag afsluiten, ja, dat is bevrijdend.”
Zondag judoot Korrel weer een EK, in Georgië, in zijn klasse tot 100 kilogram. Het toernooi begint donderdag. (Frank de Wit, die ook weer judoot, is er niet bij. Hij is geblesseerd.)
Korrel hoopt er deze EK zijn stijgende lijn te kunnen doorzetten: zijn eerste grand slam, waar hij vroeg werd uitgeschakeld, was nog wat onwennig. De tweede, met een zevende plek, ging al beter. Bij een goed EK-resultaat maakt Korrel – Europees kampioen in 2022 – ook weer aanspraak op een A-status, de topsportvergoeding van NOC-NSF, die hij tijdens zijn schorsing is kwijtgeraakt.
Korrels terugkeer op Papendal was „niet onwennig of gek”, zegt hij. „Uiteindelijk ben ik een aantal keer niet op locatie geweest en is daar is een straf uitgekomen. Maar dat is niet hetzelfde als dat ze je ergens mee pakken.” Zoals hij vaker in interviews zegt: „Ik heb niemand vermoord.”
„Kijk, de Nederlandse judowereld was even in rep en roer. Maar ik ben geen David Beckham. Tuurlijk, er zullen altijd sporters zijn die een oordeel hebben, dat mag ook van mij. Ik heb daar geen invloed op. Maar ik heb dat niet gemerkt, ofzo.”
„Zeker. Waar rook is, is vuur, en nog tien van dat soort uitspraken. Maar ik kan het niet mooier maken dan het is. Als ze willen oordelen, doen ze het toch wel. Maar voor mij is het hoofdstuk afgesloten en kan ik weer doen wat ik doe.”
De mondiale antidopingregels schrijven voor dat een sporter altijd één uur per dag beschikbaar moet zijn op een vooraf aangegeven plek. Of je dan gecontroleerd wordt, weet je nooit. Korrel kiest altijd voor de ochtend, tussen 6 en 7 uur. Dat ging binnen een jaar dus drie keer mis.
Bij mistest nummer één, zegt Korrel, ging hij vroeg van huis in Assendelft naar zijn opleiding in Breda. Hij was al lang en breed onderweg toen de dopingcontroleur aanbelde. Mistest nummer twee, vertelt hij, was een dag na zijn huwelijksfeest, toen hij lastminute in een huisje in Drenthe zat met zijn vrouw en was vergeten zijn locatie aan te passen. En tot slot mistest drie: toen moest Korrel naar een toernooi in Duitsland. Toen de controleur er om 6.15 uur nog niet was, vertelt hij, vertrok hij alvast.
„Je moet het breder zien. Dit is een systeem waar ik al tien jaar mee werk. Nou, dat gaat tien jaar goed. Of, nouja, negen. Hier en daar een mistest, maar dat loop je snel op. En dan denk je inderdaad van: dat gaat mij niet gebeuren. Haha. Een beetje naïeve gedachte achteraf. Ik zit nu scherper in de regels, maar ik was er toentertijd van overtuigd: als ze er om 6 uur niet zijn, dan komen ze toch niet meer. Op het moment dat ik in de trein zat, werd ik gebeld. Tuurlijk schrik je, maar ik dacht: ik kan het uitleggen.”
Omkeren had waarschijnlijk geen zin meer gehad, zegt hij, en het kon ook niet omdat er iemand voor de trein was gesprongen.
„Ik denk dat ik gewoon op dat moment de gevolgen niet onder ogen zag. Er zullen vaker dit soort casussen zijn, maar ik heb dat niet meegemaakt. Het wordt niet van de daken geschreeuwd. Ik kijk er nu natuurlijk anders op terug. En ik hoop maar dat mensen er lessen uit trekken.”
„Tuurlijk, maar kijk, ik moet het nu nog steeds doen en je denkt: dat overkomt me niet meer, maar af en toe is het op het nippertje, weet je wel. Dat mijn vrouw mij moet bellen. Ja, hoe verzin je het? Maar dat is ook het leven. Ik denk dat iedereen in zijn leven ergens in verstrengeld kan raken. Dat je denkt: hoe ben ík hier nu in terechtgekomen? En dan gaat het niet eens alleen over sport, maar bijvoorbeeld financieel, of verzin het maar.”
„Nou, toen ik jonger was had misschien ook gedacht: waar rook is, is vuur. Maar ik denk dat ik nu ver genoeg ben, door het zelf ook meegemaakt te hebben, dat ik weet dat een fout ook menselijk is.”
In het begin, toen de schorsing hem net boven het hoofd hing, voelde hij „veel onrecht, woede en boosheid”, zegt Korrel. „Ik geef mijn hele leven voor de sport. Mijn lijf. Ik zet alles op het spel. En nu gaat een externe partij bepalen dat ik dit dus niet meer mag doen, omdat ik niet op een plek ben geweest. Maar ik denk dat ik nu met mijn persoonlijke ontwikkeling ver genoeg ben, dat ik er wat praktischer naar ben gaan kijken.”
„Nee, ik voel daar niks meer bij. Het is mijn verantwoordelijkheid.”
„Nou, ik ben wel gaan inzien wat voor privilege het eigenlijk is om als topsporter zo lang mee te mogen judoën op dit niveau. Als ik zie hoe moeilijk het is om medailles te winnen, en hoeveel medailles ik eigenlijk gewonnen heb… ik ben dat wel gaan waarderen. En dat ik het spel nog mag doen. Ik denk dat dat me ook gaat helpen als ik mijn topsportcarrière op een gegeven moment afsluit.”
Als je jong bent, zegt hij, voelt topsport normaal. „Ik kijk soms naar de jeugd en denk: ach, je moet eens weten. Misschien mag je dit over tien jaar niet meer doen. Of misschien red je tien jaar niet eens. Dus geniet ervan, maar vecht er ook verschrikkelijk hard voor. Want voor je het weet is het over.”
Maar voor die tijd: de EK in de Georgische hoofdstad Tblisi. En het grote doel: de Spelen van Los Angeles in 2028. Vorig jaar, bij het bekend worden van zijn schorsing, liet hij al weten dat daar zijn „volle focus” ligt. Het zullen zijn laatste Spelen zijn, hij is dan 34 jaar.
Korrel heeft er zin in. „De honger is natuurlijk enorm. Alsof ik in een soort kooi zat die op 27 december weer openging. ”
Michael Korrel (Vianen, 1994) won in de klasse tot 100 kilogram twee keer individueel brons bij de wereldkampioenschappen judo. Ook werd hij Europees kampioen (in 2022) en won hij tweemaal brons, voor het laatst in 2024. Hij nam ook deel aan de Olympische Spelen van Tokio (2021) en Parijs (2024), maar daar kwam hij niet in de buurt van het podium.
Korrel woont in Assendelft met zijn vrouw en zijn eenjarige zoontje.