Het ModeMuseum Antwerpen (MoMu) is in de war. Het wijdt een trotse tentoonstelling aan de zogeheten ‘Zes van Antwerpen’, wereldberoemde modeontwerpers als Ann Demeulemeester en Dries Van Noten. Maar het boek dat Oscar van den Boogaard over de Zes schreef, komt de museumshop niet in. Officieel blaft het MoMu in een persbericht dat ze Van den Boogaards boek afwijzen omdat „het persoonlijke leven” van deze ontwerpers „op geen enkele manier deel” uitmaakt van hun werk.
Sowieso is het een loos gebaar, even verderop is het boek gewoon te koop. Maar zodra een autoriteit zich verlaagt tot boekverbanning moet je waakzaam zijn. Ik bestel De Zes, ik lees. Het is geweldig. Per oral history beschrijft Van den Boogaard de geschiedenis van zes talentvolle einzelgängers en hun ontwikkeling tot modelegendes. Hij imponeert met de reconstructie van hun geruchtmakende doorbraak in Londen. Als ooggetuigenverslag van de Antwerpse punk-bohème van de jaren tachtig is het van onschatbare waarde, met als hoogtepunt het kraken van de Bourlaschouwburg voor een illegaal nachtfeest (dresscode: ‘De Sade’, met Walter Van Beirendonck in minirok en Martin Margiela in leren broek zonder kont).
Ik bel de schrijver op. Van den Boogaard noemt het „een nodeloos conflict”. Hij zegt: „Het MoMu komt met een feelgood-expositie over de mythe van de Zes. Dat is de helft van het verhaal, ik kom met de andere helft, met een beeldenstorm. Ik breek door het klatergoud heen. Mijn boek gaat niet over zes hartsvrienden, maar over zes individualisten.”
De Zes van Antwerpen in 1986, met (vlnr) Marina Yee, Dries Van Noten, Ann Demeulemeester, Walter Van Beirendonck, Dirk Bikkembergs, Dirk Van Saene.
Kan zijn, maar waarom wordt het boek zo demonstratief afgewezen? Onprofessioneel bruusk, met een smoes, op de dag van verschijning nog wel. Zit het MoMu in het nauw? Was het: hij eruit of ik eruit? Dreigde een van de Zes zich uit de expositie terug te trekken? En zo ja: wie? „Ik heb wel een idee”, zegt Van den Boogaard. Verder zegt hij niets. Hij wil niet speculeren.
Over een andere boeg dan. Zag je dit aankomen? vraag ik. Je schrijft: „Dit is niet The Six, the musical.” Alsof je je indekt. Soms noteer je dat je iets prijsgeeft wat een gesprekspartner liever weggelaten zag. Enkele citaten zijn ronduit pijnlijk, zoals een akelige grap over de stervende Marina Yee. Hoe werkt dat? Van den Boogaard: „Ik heb roekeloze keuzes gemaakt.”
Hij wijst erop dat MoMu-gastcurator Geert Bruloot het tijdschrift Bambi, waarin Ann Demeulemeester frontaal werd aangevallen door Van Saene, uit zijn tentoonstelling weglaat. Terwijl Bruloot in het boek wél tegen Van den Boogaard vertelt hoe die aanval Demeulemeester had geraakt. Bambi is van belang, zo schrijft Van den Boogaard in De Zes, omdat het „laat zien hoe de Zes naar elkaar keken”.
„Ann accepteert dat. Zij is blij met mijn boek”, zegt Van den Boogaard. „De zoon van Marina Yee [die kortgeleden stierf] ook. Walter [Van Beirendonck] en Dirkske [Dirk Van Saene] zijn het aan het lezen. Als ze het uit hebben, gaan we champagne drinken. Dat is voldoende voor mij.”
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden