Home

Oranje-bondscoach Veurink waarschuwt: 'Het gaat een keer de verkeerde kant op'

De Oranje Leeuwinnen werken deze week twee WK-kwalificatiewedstrijden af tegen Frankrijk en moeten het stellen zonder liefst zeven vaste, ervaren krachten. Wat rest is een op voorhand kansloze missie tegen de groepsfavoriet. Bondscoach Arjan Veurink ondervindt aan den lijve dat bondscoach zijn niet altijd de leukste baan in het trainersvak is.

Als Veurink wordt voorgelegd dat het beter is dat de geblesseerden nu afwezig zijn, in plaats van in het laatste blok waarin tegen Polen en Ierland de tweede plek (en dus een minder moeilijke play-off-route richting het WK) moet worden veiliggesteld, reageert de bondscoach licht geïrriteerd. 'Zo denk ik niet, zo zit ik niet in elkaar', klonk het vastberaden. 'Wij spelen om te winnen en ik kijk liever naar wie ik wel heb in plaats van naar wie er niet zijn.'

'Als we compleet zijn is winnen van Frankrijk een zware opgave. Dat is het nu ook. Ik bekijk het positief. Andere speelsters krijgen een kans, wij kunnen als staf andere meiden aan het werk zien.’ Maandag moest Veurink melden dat Kerstin Casparij de zevende afwezige was geworden. 'Ze heeft er alles aan gedaan, maar het lukte niet. Ik had vorige week al een voorgevoel dat het krap zou worden. Het zijn overbelastingsklachten waardoor ze niet inzetbaar is. Ze baalt er zelf ook van. Maar zoals gezegd, houd ik me bezig met de groep die wel belastbaar is.'

Die groep is dus flink uitgedund. Na Dominique Janssen, Vivianne Miedema, Jackie Groenen, Daniëlle van de Donk, Jill Roord en Caitlin Dijkstra was Casparij afmelding nummer zeven. 'Iedere keer dat de teamarts belde, dacht ik: ik neem niet op', verzuchtte Veurink. 'Het is een aderlating voor de groep, we leveren natuurlijk wel kwaliteit in. Ze zijn echt allemaal geblesseerd. Het is geen onwil, gewoon overmacht. We zitten niet in de fase om speelsters rust te geven. Als ze ook maar één procent kans hadden op speeltijd, dan waren ze hier geweest. Ze zijn simpelweg niet inzetbaar door overbelasting en spierblessures.'

Source: VI Nieuws

Previous

Next