Perzische Golf Door de blokkade van de Straat van Hormuz kwamen duizenden zeelieden vast te zitten op schepen in de Perzische Golf, veelal onder erbarmelijke omstandigheden. De 22-jarige Indiase scheepskok Bikram Ghosh zag hoe de tanker waarop hij voer in brand vloog na vermoedelijk te zijn geraakt door een Iraanse drone.
De olietanker Skylight, varend onder de vlag van het archipelstaatje Palau, werd op 1 maart op een paar kilometer uit de kust van de Omaanse haven Khasab geraakt. Twee Indiase zeelieden stierven bij de aanval.
Het is 1 maart 7 uur ’s ochtends als Bikram Ghosh een harde klap hoort. De 22-jarige scheepskok op de Skylight, een tanker die olie- en chemische producten vervoert, rent naar buiten. Hij ziet dikke, donkere rookpluimen uit de brug van het schip opstijgen, daarna ook vlammen. Vermoedelijk is het schip geraakt door een Iraanse raket, maar zeker is het niet.
„Er brak totale paniek uit, bij mij en mijn mede-bemanningsleden”, vertelt Ghosh telefonisch aan NRC, vanuit zijn dorp in West-Bengalen waarnaar hij inmiddels is teruggekeerd. „Zoiets hadden we nog nooit meegemaakt.”
Snel trekken hij en de negentien andere bemanningsleden uit India en Iran hun zwemvesten aan. Ze zoeken veilige plekken op het schip op, zo ver mogelijk van de brandende brug, in de hoop dat een ander vaartuig een noodsignaal opvangt, of op de donkere rookpluimen afkomt. De Skylight ligt al sinds 21 februari voor anker op zo’n vijf zeemijl van de Omaanse havenplaats Khasab in de Straat van Hormuz. Vanaf zaterdag 28 februari is het gebied in de Perzische Golf het toneel van raket- en droneaanvallen na het uitbreken van de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran en Iraanse vergeldingsacties.
Na ongeveer drie kwartier verschijnt een Omaans vaartuig. „Van de kustwacht of marine, dat weet ik niet meer”, zegt Ghosh. Bemanningsleden springen van het lager gelegen deel van de Skylight het – rustige – water in, vanaf een hoogte van pakweg drie, vier meter. Alle opvarenden worden meegenomen, maar kapitein Ashish Kumar is omgekomen bij de aanval. Een tweede bemanningslid is officieel nog vermist, maar is zeer waarschijnlijk ook gedood. Een paar dagen na de redding krijgt Ghosh, nog gehuld in dezelfde kleding als waarin hij die ochtend van 1 maart naar buiten was gerend, een noodpaspoort van de Indiase ambassade in Oman. Daarmee vliegt hij naar Mumbai. Het lot van de Skylight is onbekend.
Het verhaal van Ghosh staat niet op zichzelf. Indiase zeelieden vormen – net als Filippijnen – een grote groep zeelieden, die honderden tankers en andere vaartuigen bemannen in de Perzische Golf. Het gaat naar schatting om enkele tienduizenden mensen.
Sinds het uitbreken van de oorlog zijn meerdere schepen geraakt door raketten, al dan niet doelgericht. Hierbij vielen doden – voor zover bekend zijn er drie Indiërs omgekomen, een is vermist – en raakte een onbekend aantal opvarenden gewond door onder meer brand of explosies.
Door de Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz kunnen schepen de Perzische Golf niet verlaten. Duizenden scheepslieden worden aan hun lot overgelaten. Met een minimale basisvoorraad aan water, voedsel en medicijnen en haperende wifi verblijven ze wekenlang gedwongen op hun schepen. Ook sinds het staakt-het-vuren, dat afgelopen woensdag werd gesloten, is het lot van vele schepen en hun bemanning ongewis.
Op 1 april arriveert een onder Indiase vlag varend lng-tankerschip in de haven van Mumbai. De Indiase regering onderhandelde met Iran voor het vrijgeven van schepen die door de Iraanse blokkade van de Staat van Hormuz vastlagen in de Perzische Golf.
„Hier, lees dit” zegt Manoj Yadav terwijl hij in zijn vakbondskantoortje in een druk winkelgebied in midden-Mumbai twee kranten op tafel legt. De kop van de Mumbai Mirror luidt: ‘Het bombarderen is gestopt, maar voor de Indiase zeelieden is er geen uitweg’. De andere krant bericht over een soortgelijk verhaal als dat van Bikram Ghosh.
„Ik zie om me heen euforie over de wapenstilstand”, zegt Yadav, secretaris-generaal van de Forward Seamen’s Union of India, met ongeveer 30.000 leden en vestigingen in 14 havensteden een van de grootste vakbonden voor zeelieden in India. „Nou, die euforie deel ik niet, want verreweg de meeste Indiase zeelieden zitten daar nog vast onder vaak heel moeilijke omstandigheden.”
De BBC berekende op basis van data van scheepsbewegingen in de Straat van Hormuz, dat sinds het staakt-het- vuren tot vrijdag 17.00 uur slechts negentien schepen het gebied konden verlaten. Afgelopen weekend schreef The New York Times dat Iran de Straat van Hormuz nog niet kan openen voor scheepvaartverkeer omdat het land niet alle zeemijnen kan opsporen die het er de afgelopen weken heeft gelegd. Vredesonderhandelingen tussen de VS en Iran in Pakistan werden zondag afgebroken vanwege onoverbrugbare meningsverschillen, onder andere over de Straat van Hormuz. Daarop kondigde president Donald Trump aan dat de VS de belangrijke zeestraat gaat blokkeren, zonder aan te geven hoe.
Vakbondsman Yadav bestookt de Indiase premier Narendra Modi met brieven waarin hij om veel betere coördinatie van de overheidshulp vraagt. „Er was veel aandacht voor de tankers die de Indiase regering wist los te krijgen bij Teheran, maar ter plekke spelen veel andere problemen. Ambassades verstrekken niet de noodzakelijke papieren om snel weg te kunnen komen of er is te weinig bevoorrading. Ook is er geen overzicht van bemanningen op kleinere boten.”
Vanachter zijn bureau, omringd met hoge stapels dossiers, coördineert hij hulpacties om gestrande vakbondsleden naar huis te krijgen. „Eerst met auto’s over land naar Azerbeidzjan of Saoedi-Arabië, ritten van bijna tweeduizend kilometer, daarna met het vliegtuig.” De vakbond betaalt die evacuaties „grotendeels uit eigen middelen”, zegt Yadav.
Het contact met de zeelieden valt de vakbondsman soms zwaar. „Als een groepje volwassen mannen uit een Iraanse havenstad je via video belt, eerst woedend omdat ze niet weg kunnen en vervolgens in tranen als de bommen een paar kilometer verderop inslaan en hun schip begint te wiebelen van de schokgolven, ja, dan doet dat wel wat met je. Wat moet hun familie op zo’n moment voelen, vraag ik me dan af.”
Veel verandering in de moeilijke, vaak rechtenloze omstandigheden van de zeelieden ziet de vakbondsleider niet. Hij moet terugdenken aan de lockdowns tijdens de coronapandemie toen veel zeelieden overal ter wereld vast kwamen te zitten. Van de beloften van politici om hun rechten te verbeteren, kwam bijna niets terecht. „De politiek in India, ook de oppositie, focust totaal op de noodzaak van ononderbroken energietoevoer. En de meeste reders geven niet thuis als er iets mis gaat en laten bij hulpoproepen niet van zich horen.”
In de Omaanse haven Salalah wordt bloem aan boord gehesen van een voor India bestemd schip. De scheepvaart is door de blokkade van de Straat van Hormuz in de Perzische Golf ernstig gestremd.
De Amerikaanse krant The Wall Street Journal schreef begin april over Chinese zeelieden die, ondanks zulke oproepen, zo weinig water kregen dat ze het condens van de airconditioners aan boord opvingen om zichzelf nog een beetje te kunnen wassen. „Abandonment [de officiële term wanneer reders geen verantwoordelijkheid meer nemen voor een schip en zijn bemanning] was al een probleem voor de oorlog en dat blijft het”, zegt Yasav in zijn kantoortje. Dat geldt al helemaal als er ‘iets’ met het schip is.
Het schip waar Ghosh op werkte en dat geraakt werd door een raket, de Skylight, staat geregistreerd in Palau, een eiland in de buurt van de Filippijnen. Het stond volgens persbureau Reuters op een sanctielijst van de VS. De eigenaar zou Amerikaanse sancties tegen Iran hebben omzeild en Iraanse olie hebben gesmokkeld.
Ellendige situaties kunnen mede in stand blijven doordat de goedkope arbeidskrachten blijven toestromen, ziet Yasav. Hij verwacht na deze zware periode zeker geen dip in de recrutering. „De werkloosheid onder Indiase jongeren onder de 25 jaar is heel hoog en kan momenteel oplopen tot 30 à 40 procent. In de scheepvaart krijgen ze redelijk betaalde banen, soms tot 1.800 dollar per maand.” Kritiek leveren op wat er gebeurde en daarmee bijdragen aan positieve veranderingen, is taboe voor de bemanningsleden, ziet Yasav. „Voordat ze het weten, komen ze op een zwarte lijst van de reders en komen ze nergens meer aan het werk.”
De 22-jarige scheepskok Bikram Ghosh wil in zijn huis in West-Bengalen eerst één of twee maanden bijkomen van „alle paniek en angst”. Maar hij heeft zijn werkgever alweer gebeld. „Die nam niet op.” Misschien omdat Ghosh in de pers – zeer bedekte – kritiek uitte op de hulpverlening. Als hij alle persoonlijke documenten weer heeft bemachtigd die nodig zijn voor aanmonstering, „zal ik serieus kijken naar elk aanbod dat ik krijg”, zegt Ghosh.
De reis met de Skylight was Ghoshs derde zeereis. Hij kreeg er 50.000 tot 60.000 Indiase roepies, ongerekend zo’n 450 tot 550 euro, per maand voor. „Het is niet veel, maar toch belangrijk om in mijn levensonderhoud te voorzien. Daarom zal ik overal heengaan waar men mij wil hebben.”
Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.