is journalist.
Sesam open u. En daar gingen de deuren van het slot voor mij en een Italiaanse collega-correspondent. We betraden een soort elektronische uitkijktoren die een groot deel van de aardbol bestreek. De muren om ons heen leken één groot beeldscherm, vol beweging, kleur en licht. Vanuit de ruimte registreerden satellieten alles. Op een van de schermen was haarscherp te zien wat er gebeurde op een Iraanse havenkade aan de Golf van Hormuz. 13 duizend kilometer verderop. Het was een wonder van technologisch vernuft.
Elke poging tot het blokkeren van ‘s werelds belangrijkste olieroute zou Amerika opvatten als een oorlogsdaad. ‘De Iraniërs weten dat. Dat hebben we ze duidelijk gemaakt.' Klonk het zelfverzekerd uit de mond van een officier die ons rondleidde in de Operatiekamer van het Central Command (Centcom), het in Florida gelegen Amerikaanse hoofdkwartier voor de oorlogen in Afghanistan en Irak (en nu Iran).
Dit was anno 2012.
In maart 2026 sloot Iran de Straat van Hormuz af, een reactie van Centcom bleef uit.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Zit je jarenlang te loeren naar de achilleshiel van de wereldeconomie, doe je op het beslissende moment niets. Het voelt als een demasqué. Ook ‘s werelds sterkste en best uitgeruste strijdkrachten kennen klaarblijkelijk hun beperkingen.
Het erkennen van je beperkingen en daar rekening mee houden bij je plannen is echter een eigenschap die president Donald Trump niet bezit. Nadat zijn vermoedelijke verwachting van een snelle overwinning niet was uitgekomen en de afsluiting van de zeestraat steeds meer pijn begon te doen, gedroeg hij zich weer als de Homo Superlativicus. Met uitzinnige dreigementen poogde hij leverage (druk) te creëren in de confrontatie met Iran. Hij zou het land terug bombarderen naar het stenen tijdperk.
Deze taal kennen we. Uit de Vietnamoorlog (1962-1975). Toen dachten de Amerikanen ook met hun ongeëvenaarde vuurkracht de vijand te kunnen verpletteren. B52-bommenwerpers voerden tapijtbombardementen uit om de tegenstander te breken. Die kraakte, maar brak niet. Amerika ontspoorde. Om het dorp te redden moeten we het vernietigen, is een ander klassiek citaat uit die tijd. Het is de taal van Vietnam, de taal van de frustratie, de taal van de onmacht. De Amerikanen verloren. De manier waarop was sindsdien een voorbeeld voor Amerikaanse generaals hoe het niet moest.
Bij de bevrijding van Koeweit (1991) deden ze het beter. Ook het ingrijpen in Bosnië (1995) en Kosovo (1999) was een succes, net als het beschermen van de Jezidi’s tegen IS (2014). In Afghanistan en Irak ging het weer mis, maar het is dus niet zo dat alle Amerikaanse interventies op een echec uitliepen, zoals wel wordt gezegd. Het ingrijpen in Bosnië kwam eerder te laat dan te vroeg.
Nu is er de oorlog tegen Iran. Ondanks de lessen uit het verleden denkt Trump dat Amerika oorlogen kan beslechten vanuit de lucht, dat dreigen met de volle inzet van zijn ongekende vuurkracht het Iraanse regime bang genoeg maakt om in te binden. En eerlijk is eerlijk, het valt niet helemaal uit te sluiten dat de kans dat hij de daad bij zijn woeste woorden zou voegen, heeft bijgedragen aan het huidige staakt-het-vuren. Maar wat als het bestand het niet houdt – en die kans is groot – wat moet hij dan? De man die geen grenzen aan zijn macht accepteert, terwijl hij over een enorm militair machtsapparaat beschikt. Een griezelige combinatie. Je ziet de fuik van Vietnam zich openen.
De vraag is hoe om te gaan met een president die zijn land tot bron van mondiale chaos maakt. Er is veel kritiek op Navo-chef Mark Rutte die hem dicht bij zich probeert te houden en op koning Willem-Alexander en koningin Maxima die bij Trump op het Witte Huis gaan logeren. Critici trekken aan de stoomfluit van de morele verontwaardiging. Dat lucht op, maar hun tirades verdampen in een wolk van vrijblijvendheid, want wie geen verantwoordelijkheid draagt, kan straffeloos van alles roepen.
De meest betrokken politici en diplomaten hebben die vrijheid niet. Zij moeten voorbij de emoties van het moment kijken naar de toekomst en manieren zoeken om de Navo zo goed mogelijk deze crisis-president te laten overleven. Of zoals een ambassadeur me onlangs voorhield: wij doen niet aan psychoanalyses, we proberen zakelijk met problemen om te gaan.
Dat pragmatisme is ook zonder alle emoties al lastig genoeg met Trump. Hij lijkt niet te snappen dat Amerika met al zijn macht en middelen niet alles met bommen alleen kan oplossen en al door een simpele blokkade van een zeestraat in het nauw zit.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant