is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over de EU en internationale samenwerking. Hij woont in Berlijn.
Bij de Hongaarse verkiezingen staat veel op het spel, voor Hongarije én voor Europa. Hopelijk komt een einde aan de macht van Viktor Orbán, de Hongaarse premier die de EU van binnenuit saboteert.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft de afgelopen decennia Europese waarden systematisch verraden. Hij ondermijnt de democratie en rechtsstaat in eigen land, en steunt de Russische agressie tegen Oekraïne. Hij speelt Europese informatie door aan de Russen en blokkeert een lening die Oekraïne hard nodig heeft.
Bij de Hongaarse verkiezingen van zondag dreigt hij voor het eerst in zestien jaar zijn meerderheid te verliezen. Er staat veel op het spel, voor de Hongaren zelf en voor Europa. Als Orbán wint, zal het land verder afglijden naar een autocratie. Winst voor Orbán zou ook een opsteker zijn voor radicaal-rechts in de hele wereld. Van Donald Trump tot Geert Wilders, allemaal bewonderen ze Viktor Orbán.
Wie de ontwikkelingen in Hongarije in ogenschouw neemt, ziet hoe gevaarlijk radicaal-rechts is. Dat gevaar schuilt niet primair in harde standpunten over migratie, klimaatbeleid of woke-isme, maar in de afbraak van democratie en rechtsstaat. Orbán bracht een groot deel van de media en het maatschappelijk middenveld onder zijn controle. Hij tastte de onafhankelijkheid van de rechtspraak aan en benoemde loyalisten tot rechter. Hij veranderde het kiessysteem, waardoor hij moeilijker te verslaan is. Hij maakte inbreuk op de rechten van migranten en de lhbti-gemeenschap.
Orbán mobiliseerde zijn achterban met nationalistische en ‘christelijke’ thema’s, maar gebruikte zijn macht om zichzelf en zijn entourage te verrijken. Onder zijn leiding werd Hongarije een van de meest corrupte landen van Europa.
De Europese Unie heeft deze ontwikkeling lange tijd gefaciliteerd en gefinancierd. De belangrijkste reden voor de lankmoedigheid tegenover Orbán was zelfgenoegzaamheid. Europese politici waren zo overtuigd van de superioriteit van hun eigen model dat zij zich niet konden voorstellen dat een lidstaat zou terugvallen in een autoritaire, ondemocratische richting. De EU beschikt echter over onvoldoende gereedschap om landen als Hongarije aan te pakken. Het land kan niet uit de Unie worden gezet en door het vetorecht heeft het de mogelijkheid om belangrijke besluiten tegen te houden.
Als Orbán zondag wint, moeten de handschoenen uit in Brussel. Hij speelt sowieso onder een hoedje met Rusland, of hij nu hard of zacht wordt aangepakt. Daarom is de tijd van tactische calculaties voorbij. De EU kan simpelweg niet tolereren dat een lidstaat profiteert van het lidmaatschap en tegelijkertijd de EU van binnenuit uitholt. De EU moet er daarom alles aan doen om Hongarije financieel te straffen en politiek te isoleren.
Hopelijk wint Orbáns tegenstander Peter Magyar. In de peilingen heeft hij een ruime voorsprong, maar het kiesstelsel werkt in het voordeel van Orbáns partij Fidesz, en het is niet zeker dat de verkiezingen eerlijk verlopen.
Als Magyar wint, zal Europa opgelucht ademhalen. Magyar zal zich constructiever opstellen, omdat hij Europees geld nodig heeft om de kwakkelende economie te stimuleren. Maar de problemen van de EU met Hongarije zullen niet voorbij zijn. Ook Magyar is een rechtse nationalist, die voortkomt uit Fidesz. Niettemin zal de EU met Magyar beter zaken kunnen doen dan met Orbán. Bovendien moet er dringend een einde komen aan de macht van Viktor Orbán, de saboteur in het hart van Europa.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant