Het is geen geheim dat de autosport afhankelijk is van bijdragen van vrijwilligers om de evenementen op een veilige manier te laten plaatsvinden. Dat geldt voor lokale autosport, maar ook voor de reeks wereldkampioenschappen die door de FIA worden georganiseerd.
Om meer duidelijkheid te krijgen, heeft de FIA via de FIA University een rapport laten opstellen over de behoeften en de impact van de huidige vrijwilligers. Ook zijn in het rapport aanbevelingen gedaan voor de toekomst. De data in het rapport zijn vergaard door middel van een enquête van de Sporting Organisers Working Group van de FIA, waarin de organisatoren en promotors van de 24 Grands Prix zijn vertegenwoordigd.
Uit het rapport blijkt dat er gemiddeld 838 vrijwilligers nodig waren om een F1-weekend te kunnen houden in 2025 - een totaal van ruim 20.000 vrijwilligers voor het hele seizoen, waarvan de meerderheid bestond uit marshals. Volgens het onderzoek werken de vrijwilligers gemiddeld 48 uur per raceweekend, waardoor er meer dan 965.000 uur gewerkt wordt op de circuits. Verder gebruikt tweederde van de vrijwilligers vakantiedagen of onbetaald verlof om bij een Grand Prix te kunnen werken.
In het rapport worden ook de totale kosten omschreven die gerelateerd zijn aan het werven en trainen van de vrijwilligers. Dat kost 11,1 miljoen euro per jaar, terwijl de totale waarde van het verzette werk wordt geschat op 13,2 miljoen euro.
Marshals aan het werk tijdens de Grand Prix van Singapore.
Foto door: Filip Cleeren
Die cijfers onderstrepen de wens van de FIA om de wereldwijde pool van vrijwilligers uit te breiden en hen beter te ondersteunen, aangezien hun gemiddelde werkdruk naar schatting met 20 procent is toegenomen. Vooral binnen de Formule 1 groeit de roep om functies in de wedstrijdleiding en bij de stewards verder te professionaliseren, zodat de consistentie in de besluitvorming toeneemt. Een nieuwe overeenkomst tussen de FIA en het F1-management, dat eind 2025 is ondertekend, moet de FIA naar verwachting meer bronnen geven om de zaken te verbeteren.
Enkele aanbevelingen uit het rapport zijn het aanstellen van een welzijnsdirecteur om voor de vrijwilligers te zorgen, investeren in onderzoek en technologie en het invoeren van een systematischer en professioneler model voor het managen van vrijwilligers.
De FIA heeft in dat opzicht al stappen gezet met haar nieuwe Officials-afdeling, die erop gericht is de opleidingen die op lokaal niveau worden verzorgd te centraliseren en te uniformeren. Daarmee wil de federatie waarborgen dat binnen de aangesloten clubs en evenementen overal de juiste standaarden worden gehanteerd.
Ook heeft de FIA een High Performance-programma opgezet om de volgende generatie stewards en wedstrijdleiders te identificeren en op te leiden. Dat programma biedt talentvolle officials de kans om door te groeien naar bredere functies binnen de autosport. De eerste lichting van zes stewards stroomde vorig jaar door naar functies binnen door de FIA gesanctioneerde kampioenschappen. Drie wedstrijdleiders uit het programma worden in 2026 ingezet.
Het rapport steunt daarnaast de plannen van de FIA voor een nieuw Centre of Excellence, een speciaal opleidingscentrum voor officials dat zowel de kwaliteit als de kwantiteit van de groep officials moet vergroten.
F1-wedstrijdleider Rui Marques begon zijn loopbaan in de autosport als marshal op Estoril.
Foto door: Mark Sutton / Formula 1 via Getty Images
Dit nieuwe opleidingspad voor officials is belangrijk voor zowel de Formule 1 als andere kampioenschappen, omdat de autosport ook in de komende jaren een constante aanvoer van officials nodig heeft. Een positieve conclusie uit het rapport is dat de meeste vrijwilligers minstens vijf jaar actief blijven. Daarbij worden opleiding, kameraadschap en de mogelijkheden om binnen de sport door te groeien genoemd als enkele van de belangrijkste redenen om betrokken te blijven, ondanks de persoonlijke offers die dat vraagt.
In gesprek met Motorsport.com zei F1-wedstrijdleider Rui Marques vorig jaar dat zijn liefde voor de autosport ertoe leidde dat hij op 18-jarige leeftijd marshal werd, waarna hij doorgroeide naar hogere functies.
"Ik kon niet wachten tot ik 18 werd om marshal te worden", zei Marques. "Wat ik vond, is een familie, waar ter wereld je ook komt. Alles draait om de passie voor de sport. We hebben collega’s in de wedstrijdleiding die, als ze tijd hebben, nog altijd vrijwillig als marshal werken."
Marques zag de positieve trend dat het korps marshals in de Formule 1 de afgelopen jaren jonger is geworden, iets wat in verband wordt gebracht met het bredere mainstreamsucces van de sport dankzij de Netflix-serie Drive to Survive. "Ja, in Europa werd de gemiddelde leeftijd van de vrijwilligers steeds hoger", zei hij.
"Begrijp me niet verkeerd, we willen en respecteren iedereen. Sommigen hebben dertig jaar ervaring, en dat is ook belangrijk. Maar we zien nu dat er meer jonge mensen bijkomen, en dat is echt heel goed."
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport