Home

In de archieven op jacht naar bodemschatten: hoe het AfricaMuseum in België de grondstofoorlog werd ingetrokken

Het AfricaMuseum in het Belgische Tervuren is vorig jaar ongewild betrokken geraakt bij de wereldwijde jacht op grondstoffen. Een Amerikaans mijnbouwbedrijf eiste, op last van de Democratische Republiek Congo, toegang tot het museumarchief om dat te digitaliseren. De inzet: koloniale kaarten waarop kostbare bodemschatten staan.

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Afrika en het Mondiale Zuiden. Ze doet verslag vanuit het Africa Museum in Tervuren, België.

In de kelder vlak bij Brussel trekt museummedewerker François Kervyn een willekeurige katoenen map uit een stellingkast. Daarin zit een handgetekende kaart uit het jaar 1910, strak opgevouwen ondanks het broze papier.

Als Kervyn de vergeelde kaart openvouwt, verschijnt een gedetailleerde bodemstudie van het gebied rondom de rivier de Uele, de 1.760 kilometer lange waterweg die door de dichtbegroeide regenwouden van de Democratische Republiek Congo (DRC) meandert. De gele puntjes die de Belgische kolonisten ooit tekenden, geven aan waar de bodemmonsters sporen van goud bevatten. De zwarte stipjes staan voor de vondst van graniet.

Deze kaart is een van de historische documenten die onlangs de interesse wekten van de Congolese regering en het Amerikaanse mijnbouwbedrijf Kobold Metals. Bij het AfricaMuseum in het Belgische Tervuren kijken ze daar niet van op, zegt Kervyn, die al ruim dertig jaar voor het museum werkt. Mijnbouwbedrijven die de bodemschatten van de DRC willen ontginnen, beginnen hier, in Tervuren, zegt hij. ‘Wie toestemming van de Congolese regering heeft, mag tegen een vergoeding al onze kaarten inzien.’

Wat ze bij het museum niet eerder meemaakten, is dat één mijnbouwbedrijf door de DRC naar voren werd geschoven om het hele Belgische archief te digitaliseren. Dat is wat afgelopen jaar gebeurde met het Amerikaanse Kobold Metals, onthulde de Britse zakenkrant The Financial Times onlangs. Het AfricaMuseum werd daar compleet door overvallen.

Dat nieuws werd breed uitgemeten in de Belgische pers. Het werd daarin soms voorgesteld als een strijd van David tegen Goliath, waarbij het kleine AfricaMuseum weerstand moest bieden aan onophoudelijke Congolese en Amerikaanse diplomatieke druk, terwijl de discussie in werkelijkheid allang in het voordeel van het AfricaMuseum was beslecht.

Wél is de interesse voor geologische kaarten van de Democratische Republiek Congo een teken des tijds. De hele wereld aast op waardevolle metalen die nodig zijn voor de energietransitie, zoals lithium en kobalt. Het AfricaMuseum in Tervuren staat daarom, als eigenaar van ’s werelds grootste collectie Congolees archiefmateriaal, in het centrum van de belangstelling.

Nooit weggeweest

De strijd om grondstoffen is in de Democratische Republiek Congo nooit gestopt. Sinds de Belgische kolonisten in 1963 vertrokken en het land berooid achterlieten, jagen mijnbouwbedrijven van over de hele wereld op de mijnbouwlicenties die nodig zijn om waardevolle metalen te mogen delven. De Congolese machthebbers verdienen grof aan die handel. Lokale milities strijden voortdurend om een deel van de koek, met gruwelijke burgeroorlogen, de inzet van kindsoldaten en een straatarme bevolking tot gevolg.

Door de toenemende vraag naar grondstoffen blijven de licenties gewild. Mijnbouwbedrijven en speculanten kunnen een mijnbouwlicentie bemachtigen door bestaande licenties te kopen van Congolese staatsbedrijven of van andere eigenaren, zegt Emmanuel Umpula Nkumba, de Congolese directeur van denktank African Natural Resources Watch. Wat ook kan is bij het Congolese kadaster een nieuwe licentie aanvragen. Daarvoor moeten bedrijven alle bestaande documentatie over een gebied aanleveren.

En zo komt het AfricaMuseum in beeld: de benodigde documenten liggen immers bijna allemaal in Tervuren. Dat is geen toeval. Want het Versailles-achtige gebouw waarin het AfricaMuseum is gevestigd, is verknoopt met de Belgische koloniale geschiedenis.

De Belgische koning Leopold II liet het museumgebouw, compleet met paleistuin en hofvijver, bouwen als, zoals het museum zelf schrijft, ‘uitgelezen promotiemiddel om investeerders en het Belgische volk van zijn koloniale plannen te overtuigen’. Niets minder dan propaganda voor zijn barbaarse landroof. Leopold liet zelfs Congolezen naar België verschepen om ze er als dieren tentoon te stellen, allemaal om de mythe van de ‘Europese beschavingsplicht’ te voeden. In werkelijkheid draaide zijn koloniale ambities vooral om de grondstoffen van zijn tijd: rubber, ivoor, koper, goud en diamanten.

Druk opvoeren

Door geldgebrek werd het archief in Tervuren nooit gerangschikt of gedigitaliseerd. Bedrijven die een nieuwe mijnbouwlicentie willen aanvragen en daarvoor documenten nodig hebben, zoeken daardoor in de museumkelders naar een speld in een hooiberg. Een digitaal archief maakt het leven van alle betrokkenen makkelijker, zegt Nkumba van African Natural Resources Watch. ‘De Congolese overheid heeft zo ook meer overzicht, dat geeft ze een betere onderhandelingspositie bij de verkoop van nieuwe licenties.’

De Democratische Republiek Congo voerde in 2021 de druk op België op om het archief te digitaliseren; ze deed daarvoor een formeel verzoek aan de Belgische en Europese ambassade. Het zou tot eind 2024 duren voordat Europees geld werd toegezegd. Pas begin dit jaar kwam dat geld vrij.

Terwijl Congo op actie uit België wachtte, veranderde de wereld zichtbaar. Donald Trump trad opnieuw aan als president van de Verenigde Staten. Hij maakt er geen geheim om op het gebied van grondstoffen en zeldzame aardmetalen de strijd met China te willen aangaan. De Congolese regering had ondertussen de handen vol aan een ander probleem: de rebellengroep M23 veroverde een van de grondstofrijkste regio’s van de DRC.

Kinshasa deed Trump daarom een voorstel: in ruil voor Amerikaanse militaire steun bij het conflict met M23 lag er voor Amerikaanse bedrijven een mijnbouwlicentie in Congo klaar. Trump greep dat aanbod met beide handen aan.

Onverwachte verrassing

Kobold Metals was een van de eerste Amerikaanse mijnbouwbedrijven die zich in Kinshasa meldden. Het bedrijf kent investeerders als oud-Microsoft-topman Bill Gates en Amazon-oprichter Jeff Bezos. Kobold Metals scant met behulp van een AI-model historisch en wetenschappelijk materiaal om zo nieuwe grondstofvoorraden op te sporen. Het archief van Zambia heeft het op deze wijze al gedigitaliseerd.

Het Amerikaanse mijnbouwbedrijf wilde hetzelfde doen met het archief in Tervuren. Het gaf daarbij aan de klus in twee jaar te kunnen klaren, in plaats van de vijf jaar die de Belgen ervoor hadden gereserveerd. De Congolese archiefdienst reageerde enthousiast. Het informeerde het AfricaMuseum, de juridische eigenaar van het archief, per mail: Kobold Metals zou hun materiaal komen digitaliseren.

Die mail kwam als een totale verrassing voor het museum, dat net zijn eigen digitaliseringsproject in de steigers had gezet. De instelling weigerde het werk neer te leggen. In de eerste plaats omdat het AfricaMuseum een publieke instelling is, zegt museummedewerker Kervyn. ‘Om juridische en morele redenen kunnen en willen we het archief niet overdragen aan een partij met commerciële doeleinden, zoals Kobold Metals.’

Daarnaast is het archiveren een delicaat proces, een mix van herstelwerkzaamheden, iets in zijn context plaatsen, het materiaal op waarde schatten en interpreteren. ‘Wij geloven dat zoiets door een wetenschappelijke instelling moet worden gedaan. Dus we hebben gezegd: ‘Sorry, maar hier werken we niet aan mee.’’

Een boodschap die bij de Democratische Republiek Congo en Kobold Metals niet in goede aarde viel. Het Amerikaanse bedrijf, zo laat een woordvoerder weten, ziet Congo als de ‘enige rechtmatige eigenaar’ van het archief. ‘Niet het AfricaMuseum, maar de Democratisch Republiek Congo zou moeten bepalen wat er met het archief gebeurt.’ De discussie werd uiteindelijk op ministerieel niveau tussen België en Congo beslecht. De uitkomst: het AfricaMuseum gaat door met zijn digitaliseringsproject in samenwerking met de Congolese archiefdienst.

Archiefstukken

Aan de twee tegen elkaar geschoven bureaus in een bijgebouwtje van het AfricaMuseum doen Mathias Potvin (24) en Mylene Mombru (34) sinds een maand het werk dat, als het aan de Congolese regering had gelegen, door Kobold Metals was gedaan. Map voor map werken ze zich door het vijfhonderd meter lange archief.

De archiefstukken die door de handen gaan, bestaan deels uit kaarten gemaakt in de koloniale tijd, zoals het vergeelde exemplaar uit 1910. Maar over het bureau glijdt ook blauw vloeipapier met daarop een bericht uit december 1979, ver na de Congolese onafhankelijkheid. ‘We just received your telex’, luidt de eerste zin.

Het is een van de stukken die na de Congolese onafhankelijkheid aan Tervuren werden geschonken, omdat Congo tot 2002 nog geen eigen archiefdienst had. Ook die worden de komende jaren door medewerkers van het AfricaMuseum doorgespit.

Hoewel de Democratisch Republiek Congo en Kobold Metals zich inmiddels bij de uitkomst hebben neergelegd, roept de hele kwestie toch het nodige ongemak op in België. Waarom ligt dit archief dat over de DRC gaat eigenlijk nog in Tervuren?, is een van de vragen die publiekelijk wordt gesteld. Had België niet moeten meewerken aan de digitalisering door Kobold Metals als dat is wat de Congolese regering wil? Met andere woorden: is wat België doet niet neokoloniaal?

Tegelijkertijd klinkt er ook een ander geluid: draagt België door het archief te digitaliseren niet bij aan een nieuwe, onevenwichtige strijd om grondstoffen – een strijd die Leopold II 140 jaar geleden begon?

Museumdirecteur Bart Ouvry is er duidelijk over. ‘De archieven hebben ook betrekking op de Belgische geschiedenis, dus ik ben er niet van overtuigd dat we ze fysiek naar Congo moeten verschepen. Wat we wel moeten doen, is de stukken zo snel mogelijk beschikbaar stellen aan Congo, en daar zijn we mee bezig.’

Wat de Congolese autoriteiten vervolgens met die informatie doen, is aan hen, zegt hij. ‘Wij mengen ons niet in de interne orde van een Afrikaans land, dat zou pas echt neokoloniaal zijn.’

Het AfricaMuseum in Tervuren en de Democratische Republiek Congo zijn weliswaar tot overeenstemming gekomen, maar de volgende kwestie dient zich alweer aan. Want Kobold Metals sloot op 12 maart een overeenkomst met Burundi over het digitaliseren van de geologische data van het Afrikaanse land. Ook die informatie ligt deels opgeslagen in het AfricaMuseum, omdat Burundi net als de Democratisch Republiek Congo een voormalige Belgische kolonie is.

In de overeenkomst staat dat Burundi voor Kobold Metals de toegang zal ‘faciliteren’ tot ‘relevante geowetenschappelijke archieven en materialen’, inclusief het archief in Tervuren. Het is onduidelijk hoe Burundi dit denkt te doen. Het AfricaMuseum, de juridische eigenaar van het archief, is geen partij in de overeenkomst. Het is nog altijd niet van plan zijn archief door een commerciële partij te laten digitaliseren, laat het museum in een reactie weten.

De afspraak over de digitalisering van de Burundese geologische data is onderdeel van een bredere overeenkomst tussen Burundi en Kobold Metals. Het Amerikaanse bedrijf wil lithium, kobalt en koper gaan mijnen in het Oost-Afrikaanse land. Burundi sloot naast zijn deal met Kobold Metals afgelopen maand nog een overeenkomst met een tweede Amerikaans mijnbouwbedrijf, Lifezonde Metals. Burundi is een van de armste landen ter wereld.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next