Home

Amerikaanse vicepresident was als enige tegen de Iran-oorlog, maar moet hem nu afhandelen

Vicepresident JD Vance was de enige die bezwaar maakte tegen Trumps aanval op Iran en moet nu, na zes weken oorlog, proberen het conflict diplomatiek te beëindigen.

is correspondent Verenigde Staten van de Volkskrant. Hij woont in New York.

De enige die ‘nee’ zei was JD Vance. Aan de vooravond van de Iran-oorlog, in de militaire ‘Situation Room’ van het Witte Huis, ging Donald Trump zijn adviseurs en kabinetsleden af: waren zij vóór een aanval op Iran? Alle aanwezigen zeiden ja, defensieminister Pete Hegseth voorop, of gaven geen mening, zoals stafchef Susie Wiles. Behalve de vicepresident.

‘U weet dat ik dit een slecht idee vind’, antwoordde Vance, volgens een reconstructie door The New York Times. ‘Maar als u dit wilt doen, dan steun ik u.’

Zes weken en duizenden Iraanse doden later is het uitgerekend Vance die aan deze oorlog een einde moet zien te breien. Te midden van een wankel staakt-het-vuren stuurt Trump zijn vicepresident naar Pakistan om de onderhandelingen met Iran te leiden.

Voor Vance is dit een politieke kans. De Republikein die Trump in 2028 hoopt op te volgen, is vaandeldrager van de isolationistische America First-beweging. Weet Vance deze impopulaire oorlog te beëindigen, dan verwerft hij waardevol kapitaal. Maar de risico’s komen ook voor zijn rekening.

Een lastig parket

Niemand die het scherper verwoordde dan Trump zelf. ‘Als het niet lukt, dan geef ik de schuld aan JD Vance’, sneerde de president deze week – in een uitgelekte video – tijdens een besloten paaslunch. Zijn gasten lachen. ‘Als het wel lukt, dan strijk ik met alle eer.’

Trump duwt Vance in een wespennest dat hij tot nu toe angstvallig meed. Niemand die zijn meningen doorgaans scherper ventileert dan de Amerikaanse vicepresident. Maar afgelopen weken, terwijl de oorlog escaleerde, hield Vance zich muisstil.

De vicepresident zat in een lastig parket. Zich publiekelijk distantiëren van Trumps oorlog zou politieke zelfmoord betekenen. De president eist absolute devotie. Zonder Trumps zegening wordt Vance nooit diens kroonprins.

Maar de oorlog even luidruchtig verdedigen als ander controversieel beleid – niet voor niets staat Vance bekend als Trumps attack dog – zou hem óók beschadigen. Juist op de uiterst rechtse Republikeinse flank, waarmee Vance zich heeft verknoopt, vormt de oorlog een splijtzwam.

Nu kan de vicepresident die beide belangen verenigen. Mits hij slaagt.

Vertrouwen onder het vriespunt

Door Vance naar Islamabad te sturen, zendt Trump tevens een signaal naar Iran. Al maanden onderhandelt het regime met Trumps schoonzoon Jared Kushner en oude zakenvriend Steve Witkoff. Het vertrouwen is inmiddels gedaald tot onder het vriespunt.

Niet één, maar twee keer vielen de VS onverwacht aan te midden van vergevorderde gesprekken. Vorig jaar juni bombardeerden de Amerikanen al enkele atoomcentrales in Iran. Eind februari, met de contouren van een akkoord in het vizier, begon Trump een heuse oorlog.

‘Ons diepe, historische wantrouwen jegens de VS stamt uit hun herhaaldelijke schendingen van afspraken’, verzuchtte de Iraanse parlementsvoorzitter Mohammad Ghalibaf woensdag. ‘Een patroon dat zich helaas weer heeft herhaald.’

Dat de president nu Vance afvaardigt, zijn prominentste scepticus van militaire interventies, moet uitstralen dat het hem ditmaal menens is. Die boodschap verkopen, zal nog een flinke kluif worden.

Diplomatieke wanpraktijk

Vance heeft geen bijzondere ervaring met Iran of nucleaire onderhandelingen. Experts uiten in de media zorgen dat Trump zelfs nu blijft leunen op vertrouwelingen, en niet op de daadwerkelijke Iran-kenners binnen zijn overheid.

‘Onze diplomaten die vloeiend Farsi spreken en de onderhandelstijl van Iraniërs begrijpen, zijn een verborgen Amerikaanse kracht’, waarschuwde oud-diplomaat Nicholas Burns, die onder president George W. Bush onderhandelde met Iran. ‘Het feit dat zij werden uitgesloten van gesprekken vóór de oorlog was een diplomatieke wanpraktijk.’

Dat dreigt nu opnieuw te gebeuren.

Zelfs voor de onderhandelingen goed en wel zijn begonnen, loopt de onenigheid al op. Iran zegt de Straat van Hormuz gesloten te houden, zolang Israël bommen blijft gooien op Libanon. ‘Een schending van het staakt-het-vuren’, aldus voorzitter Ghalibaf.

Vance struikelt woensdag uit de startblokken. Gevraagd naar Ghalibafs positie, reageert hij gelijk met een belediging: ‘Ik vraag me af hoe goed zijn Engels is.’

Source: Volkskrant

Previous

Next