Voeding Beetje bij beetje schuift het Voedingscentrum vlees van het bord. Peulvruchten, daar moeten Nederlanders veel meer van eten, volgens de nieuwe Schijf van Vijf, die vandaag verschijnt.
Illustratie: Pepijn Barnard
Er zijn twee werkelijkheden. Bij Jumbo is leverworst deze week in de aanbieding voor 1 euro. Eet meer vlees, roepen de folders van de supermarkten. En dan is er vanaf deze week een nieuwe Schijf van Vijf, die veel minder vlees aanbeveelt dan de vorige Schijf. Veel minder ook dan Nederlanders nu consumeren. Zelfs minder dan de Gezondheidsraad eind vorig jaar nog adviseerde.
Peulvruchten krijgen juist een hoofdrol in de nieuwe Schijf van Vijf. Het bescheiden advies was tot vandaag om minimaal één keer per week peulvruchten te eten. Dat wordt stevig opgeschroefd, afhankelijk van leeftijd, geslacht en wat je verder eet.
Iedere dag vlees, stond nog in de Schijf van Vijf van 1953 – toen Nederlanders minder dan een half onsje vlees per dag aten en kinderen nog levertraan kregen. De ‘Maaltijdschijf’ van 1981 adviseerde „vooral veel plantaardig” te eten. Het vleesvakje werd wat kleiner, maar zonder keihard het mes in vlees te zetten. Pas in deze eeuw werd vlees beetje bij beetje van het bord geschoven.
De nieuwste Schijf doet nog een flinke schep boven op het advies van tien jaar geleden. Vanwaar deze forse verschuiving? En hoe realistisch is het om van Nederlanders te verwachten dat ze de nieuwe adviezen zullen volgen?
Het Voedingscentrum vertaalt wetenschappelijke inzichten van de Gezondheidsraad in een eetpatroon en praktische adviezen voor verschillende type eters. Die inzichten zijn sinds 2016, toen de vorige Schijf van Vijf uitkwam, niet wezenlijk veranderd. Minder vlees is beter voor de gezondheid en het milieu, dat is geen nieuws.
Maar in de nieuwe Schijf tellen duurzaamheid en voedselveiligheid wel zwaarder mee. En er zijn meer data over milieubelasting en stoffen zoals PFAS om mee te rekenen.
Meest opvallende gevolg: een flinke sprong van maximaal 500 gram vlees in 2016 naar maximaal 300 gram per week nu, waarvan 100 gram rood vlees. Als je uitgaat van bereid vlees, na bakken en braden, kom je nog lager uit, op 70 gram. Na één hamburger en twee stukjes kipfilet is de limiet dus al bereikt. Voor de duidelijkheid: rood vlees is alles wat geen gevogelte of konijn is.
Peulvruchten zijn gezond, dat is evenmin een verrassing. Bruine bonen, linzen, kikkererwten en andere peulvruchten zijn cholesterolverlagend. Ze zijn geschikt als vleesvervanger omdat ze eiwit, ijzer en vitamine B1 bevatten. En anders dan vlees zijn ze vezelrijk. En vezels eten de meeste Nederlanders te weinig, terwijl bijna iedereen meer dan genoeg eiwit binnenkrijgt.
De Schijf van Vijf heeft voor iedereen dezelfde vijf vakken, met de vertrouwde categorieën als ‘groente en fruit’ en ‘oliën en vetten’, maar met verschillende eetpatronen die zijn afgestemd op leeftijd, geslacht en eetvoorkeuren.
Sommige mensen zullen schrikken als ze het advies voor peulvruchten zien. Neem bijvoorbeeld vrouwen die weinig brood eten: die doen er goed aan wekelijks 525 gram peulvruchten te eten. Volwassen veganisten hoeven niet meer naar een diëtist, maar zien nu in het toegespitste advies: tot wel 795 gram peulvruchten. Voor wie elke dag bonen te gortig vindt: tofu, tempé, hummus en falafel staan in hetzelfde vak. Mits niet te zout.
Zo zijn er nog een paar opvallende verschuivingen. De meeste Nederlanders zijn dol op kaas, maar kaas heeft na rundvlees de grootste klimaatimpact van alles dat we eten. In de nieuwe versie wordt het advies voor kaas gehalveerd: van 40 naar 20 gram per dag: twee plakjes van de kaasschaaf.
Het advies voor vis blijft ongeveer hetzelfde: ‘een portie per week’ in de vorige schijf is nu 100 gram. Vaker vis eten heeft gezondheidsvoordelen, maar daartegenover staan kwesties als overbevissing en een hoog energieverbruik. En veel vissoorten bevatten schadelijke stoffen – ook dat maakt dat je minder vlees niet zomaar met meer vis kan compenseren.
De nieuwe Schijf van Vijf staat ver af van hoe de gemiddelde Nederlander nu eet: meer dan 600 gram vlees per week – mannen wat meer dan vrouwen. Tegelijk zijn maar weinig mensen dol op bonen. Twee keer per maand eten Nederlanders gemiddeld peulvruchten, omgerekend nog geen 50 gram per week.
Het was al niet makkelijk om volgens de Schijf van Vijf te eten, en het wordt nu nog moeilijker. Het Voedingscentrum erkent de kloof tussen de schijf en het bord, maar kan niet om de wetenschap heen. Het ‘planetary health diet’ van de internationale Eat Lancet-commissie gaat nog verder, met nog maar 105 gram rood vlees per week.
„Wij zeggen niet dat je moet eten vólgens de Schijf van Vijf, maar we geven tips hoe je kunt eten mét de Schijf van Vijf”, zegt Marije Verwijs, expert gezondheid van het Voedingscentrum. „Het is een hulpmiddel, waarmee je stappen kan zetten. Het hoeft niet in één keer.”
Het Voedingscentrum laat buiten de Schijf dag- en weekkeuzes zien, voor minder gezonde extraatjes. Maar ook die worden tegen de lat van gezond, duurzaam en veilig gehouden. En daardoor gaat bijvoorbeeld bewerkt vlees van dag- naar weekkeuze: nog maar eens per week leverworst dus.
Dat de aanbevelingen voor vlees en kaas zoveel lager uitvallen dan in de vorige editie, kan Verwijs uitleggen. In het rekenmodel zijn gezond, duurzaam en veilig de randvoorwaarden. Daarna is geprobeerd zo dicht mogelijk bij in de buurt te komen bij hoe mensen nu eten. „Zuivel heeft helaas een grote impact. Als kaasliefhebbend land valt daar dus ook winst te halen.”
Het uitgangspunt is dat de uitstoot van broeikasgassen met 20 procent omlaag moet, volgens de klimaatdoelen van de Nederlandse overheid. En zo blijft de afstand van de Schijf tot het huidige eetpatroon groot.
Het Voedingscentrum komt op verschillende hoeveelheden en verhoudingen voor verschillende groepen. Zo hoeven jonge kinderen minder groente te eten dan vrouwen die weinig brood eten. En het maakt uit of je wel of geen vlees, vis, zuivel en eieren eet.
Het is niet zo dat carnivoren meer vlees kunnen eten omdat vegetariërs het laten staan. „De randvoorwaarden zijn gelijk bij alle eetvoorkeuren”, zegt Verwijs. „Wel is er meer ruimte voor kaas en ei in een eetpatroon zonder vlees.”
De Gezondheidsraad heeft eerder laten zien dat Nederlanders niets tekortkomen als ze minder dierlijke producten eten, maar liet de kwantificering over aan het Voedingscentrum.
Het lijkt alsof het Voedingscentrum roomser is dan de paus, omdat het de helft minder rood vlees adviseert dan de Gezondheidsraad. „Dat komt doordat ons advies rekening houdt met het hele eetpatroon”, zegt Verwijs. „Wat je naast vlees eet heeft ook impact op het milieu. En als je kijkt naar voedingsstoffen heb je niet meer nodig dan wat we nu adviseren. Niet meer eten dan nodig is en altijd het duurzaamst en gezondst, of het nu om vlees of iets anders gaat.”
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin