Elke zondag tipt de boekenredactie de opmerkelijkste boeken van de week. Met vandaag: Hebben de waarschuwingen van Ilja Leonard Pfeijffer het gewenste effect? En een nieuwe Eva Meijer.
Met zijn in Absolute democratie gebundelde essays over zo’n beetje alles wat er mis is in deze wereld hoopt Ilja Leonard Pfeijffer de mensen tot nadenken aan te zetten. Dat is een nobel streven, maar hebben zijn waarschuwingen ook het gewenste effect? Lees hier de bespreking.
Wat als het gevaar daadwerkelijk aan de poort staat te rammelen? Olivia Manning schetst in De geschonden stad hoe de nazi’s Boekarest binnendrongen, en, nog erger: hoe het gevaar ook in onze eigen lafheid en ons opportunisme schuilt. Lees hier de bespreking.
Het gaat er wild aan toe in de hedendaagse Duitstalige poëzie. Sla er maar een willekeurige pagina op na van Ton Naaijkens werkelijk heerlijke bloemlezing Mondruimtes & matroesjka’s. Lees hier de bespreking.
Verlies en verdwijnen zijn terugkerende thema’s in het werk van Eva Meijer. In haar roman Een woord voor draait het om verlies zonder bombarie: opeens beginnen woorden te verdwijnen. Wat blijft er dan over aan houvast? Lees hier de bespreking.
Wat vroeger broederschap werd genoemd, heet tegenwoordig solidariteit. Volgens René ten Bos is het een hoerawoord; niemand weet meer wat ermee wordt bedoeld. Kan de filosofie uitkomst bieden? Lees hier de bespreking.
Lees ook: Oorlog in Europa leek lang onwaarschijnlijk. De in slaap gesukkelde West-Europeanen waren mogelijk minder naïef geweest als ze beter hadden geluisterd naar stemmen uit het oosten. Ook bij Arnout le Clercq kwam het besef destijds pas binnen toen het te laat was.
En lees ook: Er bestaat een alternatief voor ironie en het heet: oprechtheid. P.F. Thomése las er David Foster Wallace en Gustave Flaubert op na en concludeert: wie oprecht wil zijn, kan het niet meer worden.
De butler van God van journalist en schrijver Ellen de Bruin speelt zich af in de kunstwereld. Voor mensen die zich zo met het schone en het goede bezighouden, gaat het er verdomd vuil aan toe. Lees hier de bespreking.
Al decennia beschrijft de Amerikaanse journalist George Packer de Verenigde Staten als een gepolariseerd land. In zijn nieuwe, dystopische roman verkent hij de toekomst van een naamloos keizerrijk dat veel doet denken aan het Amerika van nu. Aan welke kant staat de schrijver eigenlijk zelf? Lees hier het interview.
In haar essay Ik zie wat ik geloof is Roxane van Iperen terecht alarmistisch. Een generatie van fruitvliegen, dat is wat we krijgen als we big tech laten uitrazen. Vliegend van hot naar her, zonder geheugen of doel. Valt het tij nog te keren? Lees hier de bespreking.
In 1975 begon Hugo Claus aan een (nu integraal uitgegeven) dagboek, waarin hij de neergang van zijn obsessieve liefde voor de veel jongere actrice Sylvia Kristel optekende. ‘Het Parijse dagboek van Hugo Claus is roddel, erotiek en genadeloos vertoon van onmacht ineen.’ Lees hier de bespreking.
Het bijzondere vader-dochterverhaal Het hoopvolle verhaal van Otto 2.0 is bij vlagen heerlijk kolderiek, maar vooral tot tranen toe ontroerend. Lees hier de bespreking.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (21 maart).
Frits Bolkestein had, zo gaan de verhalen, geen greintje humor, nauwelijks inlevingsvermogen en deed niet aan smalltalk. Hoe kon deze hoekige hork toch zo succesvol zijn? In een nieuwe, vuistdikke biografie stelt Dik Verkuil dat de erudiete VVD’er interessanter was dan de rest. Niet bang om tegen de stroom in te gaan, maar slim genoeg om in te binden als dat nodig was. Lees hier de recensie.
Voor veel studenten in de jaren zestig en zeventig was Huxley vooral de schrijver van dat psychedelische boek dat drugsgebruik een intellectuele legitimatie gaf. Maar het minder bekende, dystopische De tijd van oligarchen is nu angstaanjagend actueel. De visionair Huxley zag de huidige techdystopie aankomen, inclusief ‘boy gangsters’ die de dienst uitmaken. Lees hier de recensie.
In het werk van Katie Kitamura draait het niet om plot, maar om scherpzinnige observaties over de emotionele wereld van haar personages. Haar nieuwe roman Auditie werkt het idee uit dat we allemaal de hele tijd van rol wisselen, als acteurs in meerdere toneelstukken. Lees hier de recensie.
Kun je schrijvers nog tot een generatie terugbrengen, of zijn ze daarvoor te individualistisch? De drie debutanten die recensent Lotte Krakers deze week bespreekt, hebben in ieder geval één ding gemeen: onverschrokkenheid. ‘Er moest een daad worden gesteld.’
Over het leven van de grote Nederlandse schilder Johannes Vermeer is maar weinig bekend. De gelauwerd Britse kunstcriticus Andrew Graham-Dixon heeft een theorie: Vermeer was niet katholiek, maar remonstrant – en dat werpt nieuw licht op zijn werk. In een groot interview spreekt de auteur over de diepere religieuze betekenis van de bekende schilderijen.
Graham Dixon schreef een meeslepend boek, oordeelt onze recensent, maar of zijn theorie klopt, is een tweede. ‘Het boek is goed geschreven (...) maar de kern ervan is fictie.’
Lees ook: Bij het Boekenweekthema ‘Mijn generatie’ denk je al snel aan literaire vadermoord; generaties bevechten elkaar hier nou eenmaal. Hoe zit dat in de Arabische literatuur? Gevoelig onderwerp, schrijft Hassan Bahara in een prachtig essay.
Voor de boekenweek vroegen we verder 27 kopstukken uit het uitgeefvak naar de stand van de Nederlandse literatuur en de boekenwereld. Een bonte verzameling persoonlijke, maar geïnformeerde meningen.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige keer (14 maart).
Al zo lang als de vlotten en galeien op haar golven dansen, ligt de zee in het literaire blikveld. In zijn laatste reisboek bezingt Fik Meijer (84) de zee als een verhalenmuseum. Maar Aeneas zou vandaag de dag zijn onderschept door Frontex voordat hij de kust van Italië had kunnen bereiken. Lees hier de recensie.
In zijn nieuwe, scherpe familieroman haalt Berend Sommer niet alleen zijn hoofdpersonen, maar zijn hele generatie en eigenlijk heel Nederland door de mangel. Hij schetst geen rooskleurig beeld van de afgelopen decennia. Maar er is hoop! Lees hier de recensie.
Deining, de nieuwe verhalenbundel van de Welshe schrijver Cynan Jones, katapulteert je met zijn veelbetekenende witregels in het barse, vaak winterse landschap waarin de hoofdpersonen moeten zien te overleven. Alles hangt met elkaar samen, het boek pulseert van betekenis. Lees hier de recensie.
Nee, dit is beslist geen ‘verdediging van de CPN onzaliger nagedachtenis’, schrijft Elsbeth Etty in het voorwoord van haar boek over de Februaristaking. Maar ze wil toch graag recht doen aan het grote aandeel van de partij in de staking waarmee arbeiders massaal uiting gaven aan hun woede over de razzia’s van 22 en 23 februari 1941, waarbij in Amsterdam ruim vierhonderd Joden waren opgepakt. Lees hier de recensie.
Carolijn Visser zoomt in haar familiegeschiedenis in op haar vader Ar (1925-2000) en twee van zijn broers. Daarmee schetst ze in bevlogen proza een springlevend portret van het naoorlogse Nederland. Lees hier de recensie.
Recensies van eerdere weken vindt u hieronder
Eindelijk is het ultieme jarennegentigboek Ultimate Jest van David Foster Wallace in een Nederlandse vertaling verschenen – bijna 1.200 pagina’s en 1,68 kilo schoon aan de haak. Nina Polak ziet hoe overrompelend dit cultboek fileert hoe we verslaafd zijn geraakt aan vermaak en succes. Lees hier het essay.
Bunker, de nieuwe roman van Richard Osinga, schreeuwt erom om naar John de Mol opgestuurd te worden. Veertig mensen opgesloten onder de grond – wat kan er nog misgaan? Bunker leest als een heerlijk bombastisch televisieformat. Lees hier de bespreking.
Joke van Leeuwen vertelde eerder in interviews over de cultuurshock die ze als puber onderging in Brussel, maar schreef er nooit over. In haar invoelende memoires Plooi u in tweeën worden alle stemmingen die bij die leeftijd horen weerspiegeld – zonder somber te worden. Lees hier de bespreking.
In Morele revolutie zijn de Reith-lezingen die Rutger Bregman voor de BBC mocht houden gebundeld. Ze laten iets essentieels zien over Bregmans denken als publieke intellectueel – en daardoor ook wat hij over het hoofd ziet. Lees hier de bespreking.
In de mooi vertaalde gedichtenbloemlezing Er woont een meisje in me dat niet sterven wil komt alles uit het turbulente leven van Tove Ditlevsen voorbij: haar kindertijd, huwelijken, vier echtscheidingen, angsten en verslavingen. Niemand botviert haar frustraties zo genadeloos als zij. Lees hier de bepreking.
Veel van wat Leïla Slimani in Het land van de anderen schrijft, heeft raakvlakken met haar eigen geschiedenis. Maar vraag haar niet wat waar is en wat niet. ‘Ik hou niet van romans die alles uitleggen. Dan hou je de lezer voor een imbeciel.’ Lees hier het interview.
Lees ook: David Szalays Het vlees was een prijswinnende hit, mede dankzij de manier waarop hij stroeve mannelijkheid in beeld bracht. Ook in zijn opnieuw uitgegeven Wat een man is maakt hij van gebrekkige mannen boeiende literaire personages. Hoe doet hij dat toch?
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (15 februari).
Ruslanddeskundige Michel Krielaars zakt de Wolga af en ziet een prachtig landschap, met een vreselijke geschiedenis. Eigenlijk is het boek een compacte cultuurgeschiedenis van heel Rusland, want er is maar weinig dat niet met de Wolga is verbonden. Lees hier de bespreking.
In de poëzie van Maxime Garcia Diaz wordt het internet tot leven gebracht, niet als een gratuit decor voor de brainrotgeneratie, maar als een warme, levende biotoop. De bundel is wanordelijk overdadig, maar tegelijkertijd verrassend gevoelig en intiem. Lees hier de bespreking
Marjoleine de Vos rouwt in haar kenmerkende essay-gedicht-stijl over haar boze broer, wiens leven nooit helemaal van start is gegaan. Mislukt. Is dat een woord om een leven mee te beschrijven? En dan ook nog eens van iemand van wie je houdt? Lees hier de bespreking.
Kunstenaar William Kentridge is niet in één hokje te vangen: hij tekent, schrijft, beeldhouwt, filmt en componeert. In zijn boek Anatomie van het atelier beschrijft hij zijn creatieve proces. ‘Als je probeert om ‘zuiver’ te zijn, dan heb je het verkeerde beroep gekozen.’ Lees hier het interview.
Waarom worden mensen door tirannen gedomineerd? Omdat ze dat zelf willen, zei de Franse humanist Étienne de la Boétie vijfhonderd jaar geleden al. Dan is de grote vraag: hoe is verzet mogelijk? Lees hier de bespreking.
Ted van Lieshout zet zijn memoires op papier. Hij doet dit in gesprek met een door hem in leven geroepen, hoogst aanmatigende tienerversie van zichzelf. Trouwe lezers weten dat ze zich schrap moeten zetten. Lees hier de bespreking.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (9 februari).
Wie het over het schrijversechtpaar Ernest Hemingway en Martha Gellhorn heeft, belandt tegenwoordig snel in sjablonen: hij het toxische genie, zij zijn slachtoffer. De heruitgaven van hun beider meesterwerken laten zien dat het zo simpel niet is. Lees hier de bespreking;
Voor haar biografie De rode en de zwarte jonker ging Daniela Hooghiemstra op zoek naar een historische figuur die oprecht dacht dat de wereld beter zou worden van het fascisme. Ze kwam uit bij jonkheer Willem van der Goes van Naters. Waarom viel hij voor Hitler, en zijn broer Marinus niet? Lees hier het interview.
In De overbodigen van Herman Koch wordt, net als in Het diner, wreed geweld gepleegd. Herbert, de dader, hangt een survival-of-the-fittest-ideologie aan. Dat maakt dat de detectiveroman op een gegeven moment over the top raakt, maar is de wereld dat niet ook? Lees hier de bespreking.
Hoewel Sebastian Haffner deze roman in de jaren dertig voltooide, zag hij pas vorig jaar het levenslicht. Het is een verslag van Raimund Pretzels laatste dag in Parijs; ’s avonds neemt hij de trein terug naar Duitsland. Haffners zoon vond het manuscript in een la. In Duitsland werd het boek een bestseller – terecht. Tijdens het lezen werd ik erg sentimenteel, schrijft Berend Sommer. Lees hier de bespreking.
Je kunt het neoliberalisme wel doodwensen, maar wat komt er dan voor in de plaats? ‘Geen socialistisch systeem, maar het autarkische, xenofobe en oorlogszuchtige illiberalisme’, aldus de Franse econoom Arnaud Orain. Oftewel: het roofkapitalisme. Hij schreef er een voortreffelijk, verontrustend en hoogst actueel boek over. Lees hier de bespreking.
Trouw-journalist Kevin van Vliet is in zijn derde boek Jong en Eenzaam openlijk reviaans. Op de rem trappen, daar doet hij niet aan, met soms iets té vette kolder als resultaat. Lees hier de bespreking.
Lees ook: Hoe verzet je je als individu tegen het kwaad? Nina Polak zoekt het antwoord bij filosofen, schrijvers en iemand die vrijwillig in een camper woont. Wat blijkt? Alleen al in contemplatie zit verzet.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (2 februari).
Wessel Krul wilde met zijn biografie van schilder Charley Toorop een intiem portret schetsen. Dat is voortreffelijk gelukt. Alles rijgt hij soepel aaneen: haar schilderkunstige worstelingen, haar (zeer) woelige liefdesleven, en haar onberispelijke houding tijdens de oorlog. Lees hier de bespreking.
Vrijwel alle Nederlanders zakken voortdurend door een morele ondergrens, zegt filosoof Jurriën Hamer. Dat komt de machtige systemen waar we in zitten. Het is essentieel om dat te erkennen, want alleen daardoor kunnen we ons eraan ontworstelen – hoe moeilijk ook. Lees hier het interview.
De waanzinpartituur is een verwarrende, benauwende roman over een dochter die is opgenomen in een inrichting en daar probeert duidelijk te maken dat het haar moeder is die haar gek heeft gemaakt. Emma van Hooff trekt de lezer steeds dieper de waanzin in. Lees hier de bespreking.
Met Vertrek(punt) sluit Julian Barnes zijn magnifieke oeuvre af; hij stopt met schrijven. Zijn laatste wenk aan de lezer: geluk is niet alles, je moet het echte leven onder ogen durven komen. Ook al is het uiteindelijk tevergeefs, want het houdt een keer op. Lees hier de bespreking.
Hendrik Jut en Christina Goedvolk vermoordden in de 19de eeuw een welgestelde weduwe en haar dienstbode. Historicus Paul van der Steen doet de geschiedenis voorbeeldig uit de doeken en spekt het verhaal met curieuze (en smakelijke) details. Lees hier de bespreking.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (25 januari).
Na 45 jaar schrijverschap stopt Julian Barnes ermee. Niet alleen vanwege zijn gezondheid, de ideeën voor nieuwe romans zijn ook op, vertelt hij aan Hans Bouman (die hem overigens veertig jaar geleden ook al interviewde voor de Volkskrant). Zijn laatste roman, Vertrek(punt), gaat over de betrouwbaarheid van het geheugen, misschien wel Barnes’ grootste thema. ‘Ken jij belangwekkende boeken van auteurs, geschreven na hun 80ste?’ Lees hier het interview.
Nee, Adriaan van Dis probeert in Alles voor de reis niet zijn gram te halen over de geheime relatie waarbij altijd rekening moest worden gehouden met De Ander. Heel zachtjes zet hij een punt achter het verhaal dat hij met zijn geliefde heeft geschreven. Lees hier de bespreking, of lees het interview dat we een week eerder met de schrijver hadden.
Zanger Ronald zingt de blues is een ontroerende roadnovel, waarin een tragikomische dodenstoet van biertje naar biertje trekt. Walter van den Berg, meester in vertellen met stilte, put opnieuw uit zijn eigen ellende – en laat ruimte voor hoop. Of die verlossing er ook echt komt, weten we niet, maar we hopen het zo. Lees hier de bespreking.
Hilary Mantels Reus O’Brien is, inderdaad, een reus. Maar zelf wil de reus liever mens zijn, in deze schitterende historische roman van de auteur die de historische roman eigentijds maakte. Wat een troost dat er postuum nog romans van Hilary Mantel verschijnen. Lees hier de bespreking.
Een vertaalster die een boek vertaalt over een vertaalster, die de lezer laat zien hoe ze een tekst zin voor zin minutieus vertaalt: Nevermore is misschien niet makkelijk te doorgronden, maar het loont om je in dit bijzondere boek onder te dompelen. Lees hier de bespreking.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (18 januari).
Wat zijn de mensen tegenwoordig toch kleinzerig, vindt zestiger Isidorus Rudolf Witlamm von Waldorf. De starheid in hun denken belet hen diep en waarachtig lief te hebben, origineel te denken, creatief te zijn. Kortom: te dwalen. Die kunst is men verleerd, nu alles zo rechtlijnig moet. Charlotte Mutsaers provocatieve roman Moet dwalen leest als een aanklacht tegen de tijdgeest. Met iedere genomen afslag voltrekt zich, Mutsaers eigen, een onwaarschijnlijker, absurder verhaal. Lees hier de bespreking.
Biograaf Rick Honings schreef met God, gezin en vaderland een meeslepende biografie over Nicolaas Beets, de populairste Nederlandse dichter van de 19de eeuw die later dominee werd. Uit al zijn werk, ook het serieuze, spat een aanstekelijke levenslust. Lees hier de bespreking.
‘Je moet de verwarring toelaten’, zei de Israëlische schrijver Etgar Keret eerder in een interview en dat is precies wat hij in zijn nieuwste verhalenbundel doet. Het lezen van Autocorrectie is een groot genot. Lees hier de bespreking.
Benito Mussolini haatte dit boek van de Italiaans-Cubaanse auteur Alba de Céspedes, over een groep studerende vriendinnen in de jaren dertig. Elma Drayer vindt het geweldig. Nu is het opnieuw – en beter – in het Nederlands vertaald. Lees hier de bespreking.
Wispelturige goden, feilbare helden, wrede monsters en listige schelmen maken mythologische verhalen bij uitstek aantrekkelijk voor tieners. Maar verpakt in verantwoord ogende verzamelbundels staan ze nogal eens te verstoffen in de boekenkast. Slimme zet van filosoof en schrijver Marco Kunst om ze in zijn caleidoscopische jeugdroman De bron een nieuw leven in te blazen. Lees hier de bespreking.
Tien keer baren en je mag iemand vermoorden, is de regel in de nieuwe roman van de hippe Japanse schrijver Sayaka Murata. Een idee dat in vele varianten navolging verdient. Lees hier de bespreking.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (11 januari).
In deze bevlogen essaybundel laat Alicja Gescinska de moed zien van tien vrouwelijke filosofen die sterk geloofden in positieve vrijheid. Simone de Beauvoir komt een keer niet aan bod, Gescinska koos overwegend voor vrij onbekende – maar niet minder interessante – vrouwen.Die keuze is meteen een van de interessantste bouwstenen van haar boek, het maakt het persoonlijk en urgent. Lees hier de recensie.
De populaire Vlaamse schrijver Jeroen Olyslaegers eert het laat 19de-eeuwse Antwerpen, waar zowel feminisme en kolonialisme hoogtij vieren. De wonderen zit vol symbolisme, razende vrouwen en woordherhalingen – en gaat een beetje alle kanten uit. Lees hier de recensie.
In zijn negende bundel proef je het plezier dat Lieske moet hebben gehad in het zoeken naar de juiste woorden, alledaags en buitenissig in precies de goede afwisseling. Elk gedicht is smullen voor de fijnproever. Lees hier de recensie.
Overal in bezet Nederland waren Joden het slachtoffer van hetzelfde nazibeleid. Lokale factoren hadden echter wel degelijk invloed op de loop der gebeurtenissen, leert dit boek over de lotgevallen van Joods Rotterdam. Lees hier de recensie
Dichter Sasja Janssen las Tussen heden en morgen, Jenny Erpenbecks verpletterende heruitgave van Aller Tage Abend. Over de wat als-vraag gaat het, over vijf mogelijke levens van één persoon. En passant trekt de hele Europese 20ste eeuw aan je voorbij. Lees hier de recensie:
Charlotte Mutsaers (83) heeft naar eigen zeggen nooit verwantschap gevoeld met de tijdgeest. Dat Moet dwalen, haar eerste roman sinds negen jaar, leest als behoorlijk masculien proza, vindt ze dan ook ‘een prachtig compliment’. Lees hier het interview.
Lees ook: Omdat schrijver Mensje van Keulen decennialang een dagboek bijhield, waarvan deel 4 afgelopen week verscheen, komt een ‘grote akelige gebeurtenis’ ook weer omhoog. Lees hier het interview in Volkskrant Magazine: ‘Mannen kunnen ontzettend stom zijn; je moet nooit een schrijver pakken die een dagboek bijhoudt.’
Lees ook: Wat zegt het over ons dat er zoveel romans (blijven) verschijnen over jonge meisjes en gemene oudere mannen?
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van eerder:
Diep vanbinnen wil Lubach-komiek Tex de Wit eigenlijk alleen maar schaken. Schaakromans lezen: ook mooi, maar dan moeten de pionnen wél goed op het bord staan. Klopt het allemaal een beetje, in de dit jaar romans van Daan Heerma van Voss en Max Pam? Lees hier of de pionnen goed staan opgesteld.
In Niet zonder mijn broer van Han van Wieringen gaan twee broers, waarvan een geboren met het syndroom van Down, naar Canada voor een wel heel bijzondere opgraving. De vraag is: moet je wel wroeten in het ongerijmde? Niet zonder mijn broer laat tederheid naast duisternis bestaan, gaat over ‘tussen’ en ‘beide’, over dingen zonder begin en zonder eind. Lees hier de recensie:
Over de bloei van het feminisme, eind jaren zestig, begin jaren zeventig, is veel geschreven, maar zelden over het moederschap. Dat was niet sexy. Truska Bast zag het belang van het onderwerp gelukkig wél. Voor haar boek Moeders van toen interviewde ze acht vrouwen die in de jaren zestig en zeventig kinderen kregen. Lees hier de recensie.
Ta-Nahesi Coates, beschouwd als een van de belangrijkste denkers in Amerika over ongelijkheid, politiek en rassenverhoudingen in de VS, geeft al zijn studenten de opdracht: ‘Probeer de wereld te redden. Misschien lukt het je, misschien niet. Maar doe in ieder geval je best.’ Lees hier het interview met Coates.
Kinderboekenschrijver Enne Koens heeft zeldzaam talent om het unheimische gevoel dat kinderen kunnen hebben in tekst te verweven zonder het concreet te benoemen. Koens steekt kinderen die denken dat niemand ze begrijpt een hart onder de riem. Maar Bommel en ik is óók spannend. Lees hier de recensie.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van eerder.
Wie was Joost Zwagerman nou echt? De door eigen hand om het leven gekomen schrijver hield zich vaak verborgen achter maskers, maar wilde volgens biograaf Maria Vlaar juist gezien worden. Ook al wist hij dat die drang hem uiteindelijk zou verwoesten. Vlaar leerde Zwagerman van álle kanten kennen: ‘Joost bleef een angstig burgermannetje’. Lees hier het interview.
In Stad O. onderzoekt Koen Caris het vermogen van mensen om hun ogen te sluiten voor het kwaad. Vergezocht is het allemaal niet en net daarom is het zo angstaanjagend. In een boek dat spannend en entertainend is, stelt Caris intussen ook cruciale vragen, over het zoeken naar een thuis, over de onmogelijkheid te ontsnappen aan je afkomst. Met moeiteloos literaire bravoure beschrijft hij niet alleen een plek, maar vooral de mensen die er wonen. Lees hier de recensie.
Alsof zijn premierschap niet erg genoeg was, vol vernederingen door Wilders en Yesilgöz, beschrijven twee NRC-journalisten de carrière van Dick Schoof alsof hij geen enkele kwaliteit bezit. Maar met zo’n cv kan dat toch niet kloppen? Want mijn hemel, wat krijgt die man het voor zijn kiezen. Lees hier de recensie.
De angst voor Spanje zit er, zelfs bij wie nooit in Sinterklaas heeft geloofd, goed in. Pieter Koolwijks schreef met Wie stout is... (11+) een onversneden sinterklaasthriller. Zelfs zijn vaste illustrator Linde Faas schildert griezeliger dan gebruikelijk. Lees hier de recensie.
Miljoenen tieners verslinden de avonturenromans van Katherine Rundell, haar serie Onmogelijke wezens (deel 2 is net vertaald) wordt door Disney verfilmd. Een gesprek over mythische wezens, de kracht van een goeie scheetgrap en lezen om de democratie te redden. ‘We moeten kinderen niet onderschatten. Ze denken tóch wel na over de wreedheden in de wereld’. Lees hier het interview.
Er is een verschil tussen je veilig voelen en veilig zijn, beweert Mellie, hoofdpersonage in Van Heemstra’s roman Nachtgids en zelfbenoemd Nachtloper, de angst voor het donker is onterecht diep geworteld. Het donker is niet schuldig aan ongelukken – ‘zoals je een mes niet verantwoordelijk houdt voor een moord’. Als vrouwen worden nagesist gebeurt dat meestal in het volle licht. Ook aanvallers hebben immers baat bij een lampje. Mellie gelooft er heilig in. Tot ze in haar veilige nacht een bewusteloze vrouw aantreft op een bospad. Lees hier de recensie.
Lees ook: In december is het 250 jaar geleden dat Jane Austen geboren. Veel lezers zwijmelen weg bij haar romantiek, maar Nikki Dekker zwijmelt weg bij de etiquette-kennis van Austens heldinnen. Heerlijk, een overzichtelijk sociaal leven met gedragsregels waar iedereen zich aan houdt. Toch?
Een jong iemand die zijn sociale klasse wil overstijgen, dat is vragen om problemen, weten Édouard Louis en Rasit Elibol. De twee schreven over de onderkant van de maatschappij, waaruit ze zich ontworstelden. Het levert totaal andere boeken op: de een klinisch, de ander juist invoelbaar. Lees hier de recensie.
In India walgen ze van Arundhati Roy. Een grote bevrijding, vindt de Booker Prize-winnaar dat zelf. ‘Ik richt me op datgene wat ik met mijn woorden oogst.’ Lees hier het interview.
Speciaal voor de feestdagen: een sympathiek handboekje waarin je leert hoe je moet praten met een populist. Voor gezondheidspsycholoog Huub Buijssen draait het om depolarisatie. Mensen mogen het oneens zijn, maar in dat meningsverschil luisteren ze naar elkaar en respecteren ze elkaar. Hij vergeet echter één ding. Lees hier de recensie.
Word je als slet geboren of tot slet gemaakt? Anne, het hoofdpersonage uit Ik was dat meisje van Anne Mieke Backer (1950), komt er niet helemaal uit. In haar debuut claimt Backer het personage en ‘seksbom’ Anne terug uit James Salters beroemde roman Spel en tijdverdrijf. Ik was dat meisje, zegt ze, ik was ook iemand! ‘Dat meisje’ van James Salter krijgt door Backer eindelijk een stem; helaas is die clichématig. Lees hier de recensie.
In Wild van een woeste droom laat Julia Schoch het hoofdpersonage dat een boek schrijft, beter gezegd dít boek, zich afvragen waarom ze jaren na haar affaire met ‘de Catalaan’ in een kunstenaarskolonie nabij New York de behoefte heeft om dit verhaal te schrijven: ‘Het gaat niet om verraad, nooit. Je wilt iets hebben dat alleen van jou is. Door het me te herinneren en het ten slotte ook op te schrijven heb ik het uit de diepte van wat er misschien is gebeurd naar boven gehaald en er werkelijkheid van gemaakt.’ Natuurlijk gaat Wild van een woeste droom over de liefde. Maar bovenal gaat het over de kracht van schrijven. Lees hier de recensie.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (15 november)
Hoe zegt u? Een Noorse ontdekkingsreiziger in voormalig Nederlands-Indië? Carl Lumholtz? Nee, daar had tweevoudig Libris geschiedeniswinnaar Martin Bossenbroek nog nooit van gehoord. Sinds kort weet hij meer. Met dank aan de Noorse journalist en schrijver Morten A. Strøksnes en zijn vuistdikke onderzoeksverslag De man die de wereld wilde zien. In de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922).’ Het verhaal van Lumholtz blijkt fascinerend en huiveringwekkend. Lees hier de recensie.
‘Godmother of Punk’ Patti Smith wist al lang dat er een ‘companion’ moest komen van haar memoires Just Kids. Die is nu verschenen, precies in de maand dat Horses 50 jaar oud is geworden. Tijdens het schrijven deed ze een ontdekking waardoor ze zichzelf opnieuw moest definiëren. Lees hier het interview.
Meester in het paradijs van biograaf Dik van der Meulen is niet alleen een aanstekelijke biografie van schrijver, leraar en natuurbeschermer Jac. P. Thijsse, hij dient ook perfect als wandelgids door het Nederlandse landschap. De biografie is zo goed geschreven dat je hem niet wilt wegleggen. Lees hier de recensie.
Wat krijgen we nu? Ineens, in deel zes van zijn dagboeken, blijkt J.J. Voskuil (van de romancyclus Het bureau) een minnares te hebben. De onthulling heeft gevolgen. Ze leidt er bijvoorbeeld toe dat je ongelovig terugbladert. Heb ik iets gemist? Waren er eerder tekenen? Ze leidt er tevens toe dat er een niet-onwelkome spanning het dagboek binnensluipt. Hoe loopt dit af? Ze leidt er bovenal toe dat je Voskuils radicaal ogende eerlijkheid lelijk begint te wantrouwen. Wat houdt hij wellicht nog meer achter? Lees hier de recensie
Als dichter won Ester Naomi Perquin zo’n beetje alle belangrijke poëzieprijzen. In haar persoonlijke debuutroman Tot alles in beweging komt vloeien pijnlijke familiegeheimen, zwangerschappen en gevangenissen op een wonderlijk organische manier samen. Alsof het niet haar eerste, maar haar zoveelste roman is, zo subtiel en zelfverzekerd schrijft Perquin. Lees hier de recensie:
Van Oorschot is 80 jaar: tijd voor anekdoten waarin de uitgever opdoemt als liefhebbend heethoofd. De grote kleine uitgever Geert van Oorschot was op zijn gemak ‘aan de randen van de waarheid’. Dat levert een hoop anekdoten op, die biograaf Arjen Fortuin heeft opgetekend. Lees hier de recensie.
Marc ter Horst houdt een prikkelend pleidooi (10+) tegen opdringerige en soms leugenachtige reclame. Door de vele voorbeelden van dubbelzinnige teksten die passeren is Dit wil je lezen! ook een grappig taalboek geworden. Ondertussen weet Ter Horst tussen neus en lippen nog meer dan genoeg interessante feiten en cijfers in het verhaal te verwerken. Lees hier de recensie:
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (8 november)
Een oude jaloezie vlamt op als Mariken Heitman begint aan de Engelse bestseller Een haas in huis. In dit boek beschrijft Chloe Dalton hoe zij de coronapandemie op het Britse platteland doorbrengt en zich ontfermt over een schijnbaar verweesd pasgeboren haasje. Wie wil dat nu niet, stiekem. Maar Daltons daad legt een gecompliceerde relatie bloot tussen mens en wild. Lees hier de recensie.
Met Aline herschreef Heleen Debruyne een oud verhaal: de beklemming van het kerngezin. Alleen: zowel Aline als haar man is zich bewust van de ingesleten rolpatronen. Zij zouden niet in die val trappen. In deze bevlogen roman onderzoekt Debruyne wat er gebeurt als een vrouw die zich gevangen voelt in haar leven niet implodeert, maar juist zonder enige reserve haar woede naar buiten richt. Lees hier de recensie.
Kornej Tsjoekovski was dé kinderschrijver van de Sovjet-Unie. Veel van zijn vrienden kregen de kogel of verdwenen. Petra Couvée reconstrueert in een prachtige biografie hoe Tsjoekovski zich staande hield tijdens oorlog, honger en censuur – en steeds weer literaire vrijheden terugpakte. Lees hier de recensie.
In dit dunne boekje uit 1966, dat dit jaar in Nederlandse vertaling verscheen, beschrijft de joodse journalist Charlotte Berardt op huiveringwekkende wijze de totalitaire staat, via een analyse van dromen die ze in de jaren dertig verzamelde. Haar werk vormde de inspiratie voor een nieuw project dat de dromen, of beter de nachtmerries, van Oekraïners optekent. Lees hier het essay.
Na het overweldigende succes van The Handmaid’s Tale werd de Canadese Margaret Atwood naar eigen zeggen gezien als een combinatie van boegbeeld, profeet en heilige. Maar de 86-jarige heeft niet veel op met het zijn van een wegwijzer. In haar memoires neemt de ze de beelden die in de loop der jaren van haar zijn ontstaan onder de loep. Lees hier het interview.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (1 november)
In dit imposante boek onderzoekt socioloog Eva Illouz de grote emoties van onze tijd, en hoe die tot explosieve politieke situaties leiden. Haar bijzondere werkwijze is een soort omgekeerde psychologie: niet de emoties maken de maatschappij, zoals Freud suggereerde, maar de maatschappij maakt de emoties. Lees hier de recensies.
Kate Zambreno’s heldinnen zijn de vrouwen van het modernisme: schrijvers die vaak op ontluisterende wijze werden tegengewerkt door de tijdgeest, hun mentale gezondheid of hun echtgenoten, de Grote mannelijke schrijvers. Het is een met opzet woest en fragmentarisch boek. Maar niet wegleggen! Want het is volkomen noodzakelijk. Lees hier de recensie.
Het duurde bijna twintig jaar, maar nu laat de Indiase schrijver Kiran Desai eindelijk weer van zich horen. De eenzaamheid van Sonny & Sunny, favoriet voor de Booker Prize, is een epos over de autonomie van de schrijver. Maar het is ook een boek over de eenzaamheid van twee mensen, afkomstig uit een land waar eenzaamheid simpelweg niet bestaat. Lees hier de recensie.
In Barones tussen de armen beschrijft Astrid Schutte het leven van een vrouw die opgroeide tussen de adel, maar in een sloppenwijk in Parijs haar ware bestemming vond. Alwine Antoinette barones de Vos van Steenwijk (1921-2012) was een van de eerste vrouwelijke diplomaten van Nederland, werd aanbeden door talrijke mannen, maar koos – eerst aarzelend, later resoluut – voor het celibaat en stelde haar leven in dienst van de armen. Lees hier de recensie.
Wie de dagboeken van Jan Wolkers leest – die van het jaar 1973 zijn nu verschenen, op zijn honderdste verjaardag – leest hoe hij hachee maakt, en puree en kreeftensoep uit blik. Hij koopt een ons weespermoppen en twee mergpijpjes bij de bakker. Hij kijkt naar Ajax, en naar de Barend Servet Show. Het is zo ontzettend Nederlands. Lees hier de recensie.
Lees ook: Veel schrijvers van de generatie van Zadie Smith zijn naar rechts opgeschoven, maar dat gaat haar niet gebeuren, zegt ze in een interview.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (26 oktober)
Nu de democratie op het spel staat, snellen vanachter allerlei bureaus rond het Binnenhof de hulptroepen toe. Ze luiden de noodklok, analyseren de toestand, geven adviezen en willen de helpende hand bieden. Mark Lievisse Adriaanse en Eva Rovers pleiten voor meer burgerbetrokkenheid; Wim Voermans ziet de oplossing toch echt in Den Haag. Lees hier de recensie van hun drie boeken.
Schuld is het grondbeginsel in twee nieuwe debuutromans over depressie en moederschap. Zware kost, maar beide auteurs zijn vol mededogen tegenover hun moederpersonages. Aangenaam, hoe deze debuten een verzoening zijn, geen afrekening, hoe moederschap hier toch vergeeflijk is. Lees hier de dubbelrecensie.
Elk boek van John Fosse is een ravissante gebeurtenis, die je minder eenzaam maakt, schrijft dichter Sasja Jansen. Zijn pas vertaalde roman Vaim, over een driehoeksverhouding, leest als één lange hypnotiserende zin. Lees hier de recensie.
In deze herontdekte Spaanse roman uit 1977, deel van de Barcelona-trilogie, die zich afspeelt ten tijde van Franco’s dictatuur, moeten de vrouwelijke hoofdpersonen het doen met een plek in de schaduw van de mannen om hen heen, vaders, echtgenoten, minnaars, vriendjes. Maar Kersentijd is meer een existentiële dan een feministische roman. Lees hier de recensie.
In de nieuwste van Boekenbon literatuurprijswinnaar Jan Vantoortelboom, De zwarte poel, achtervolgt het verleden hoofdpersonage Ko al wanneer hij nog een tienerjongen is. Pijn én lijden zijn in overvloed aanwezig, zowel fysiek als psychologisch. Wat begint als een speelse streekroman, eindigt als een Zeeuwse gothic. Lees hier de recensie.
Word wakker, het fascisme staat voor de deur! Zo waarschuwt Rosan Smits in het pamflet Dit is fascisme. Ze herinnert ons aan de historische pijlers van het fascisme en laat zien hoe dat draaiboek in 2025 ook in Nederland wordt uitgespeeld. Een urgente oproep tot verzet, maar velen zullen door de wekker heen slapen. Lees hier de recensie.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (19 oktober)
In Voor de democratie gaat Bas Heijne op zoek naar democratische lessen bij de oude Grieken. Anno 2025 is de democratie immers ‘een slangenkuil, een kruitvat, een kooigevecht’. Wie een injectie democratische inspiratie en enthousiasme kan gebruiken – en wie kan dat in deze tijd niet? – is bij Heijne en Perikles aan het goede adres. Lees hier de recensie.
Janna Coomans beschrijft in Dievenland geen koningen en hertogen, maar des te meer bedelaars, landlopers en vagebonden. Daarvoor tuurde ze eindeloos naar archiefmateriaal dat voor haar komst nog nauwelijks bestudeerd was, namelijk de honderden getuigenissen van vijftiende- en zestiende eeuwse dieven. Waarom? Lees hier het interview.
De nieuwe roman van de in de Verenigde Staten razend populaire National Book Award-laureaat James McBride, De hemel en aarde winkel (The Heaven and Earth Grocery Store), begint als een thriller. Maar na deze in vier pagina’s vertelde episode springt de roman 47 jaar terug in de geschiedenis en ontvouwt zich een breed uitwaaierend verhaal waarin het niet om moord en doodslag draait, maar waarin een levendig portret van een zeer diverse gemeenschap wordt geschetst. Lees hier de recensie.
Een beroemde vader die hele generaties het belang bijbracht van de bedreigde natuur, en een beroemde zoon die de natuur liever aan banden legde met beton en basalt - dat is een goed Nederlands verhaal. Prof. ir. Jo Thijsse (1893-1984), inderdaad, de oudste zoon van de nationale natuurschoolmeester Jac. P. Thijsse (1865-1945). Jo de wiskundige waterstater, man van strakke lijnen, Jac. de schrijvende veldbioloog. Eva Vriend schrijft over ze in een puik essay De waterzoon. Lees hier de recensie.
De som van mijn mislukkingen, het debuut van Lou-Anna Druyvesteyn, is een late coming of age van iemand die beseft dat het niets oplevert om te doen alsof. Het mag gevaarlijk zijn om echte verlangens te hebben, waarin je teleurgesteld kunt worden, het is oneindig veel bevredigender dan er alleen naar te streven andermans fantasie te zijn. Lees hier de recensie.
Is de Repair Club net lekker aan het knutselen, duikt er weer een schim op uit het verleden van oud-spion John Antink; een woeste man met een kunstbeen, dit keer. Charles den Tex is goed op dreef in deel 3 van zijn populaire thrillerreeks. Lees hier de recensie.
Ooit schreef Heere Heeresma ‘onverbiddelijke bestsellers’, het soort waarvan tienerjongens niet genoeg konden krijgen. Nu is er van een zo’n jongen een biografie, of nou ja, eerder een liefdevol journalistiek portret. Heeresma was een vreemde snuiter, een ongrijpbare einzelgänger. Weinig mensen hadden zijn telefoonnummer, hij ontving niet aan huis, corresponderen ging via een postbus. Deze houding kwam voort uit een diep wantrouwen jegens de autoriteiten, de overheid, kortom ‘het systeem’. De Goede laat mooi zien waar Heeresma’s onuitstaanbare gedrag vandaan kwam. Lees hier de recensie.
Lees ook: met zijn duistere verhalen over diepe ellende en grote schoonheid zou Nobelprijswinnaar László Krasznahorkai hoogstpersoonlijk de Europese roman kunnen redden, schrijft Geertjan de Vugt.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (12 oktober)
In het ambitieuze De verdwijning van Sieger Somerman, de tweede roman van Jori Stam, voert hij de verwarring over wat echt is en wat nep stevig op. Als waarschuwing werkt het niet echt meer, want de dystopie is inmiddels werkelijkheid. Maar wat schrijft hij heerlijk nostalgisch over het zachte gepruttel van die oude pc. Lees hier de recensie.
In deze opnieuw verschenen monumentale roman uit 1925 beschrijft Lion Feuchtwanger de spectaculaire opkomst en ondergang van de 18e-eeuwse Jud Süss, die als ‘hofjood’ de financiële belangen behartigt van zijn Duitse vorst. Hij is even oppermachtig, maar er werkelijk bij horen doet hij (natuurlijk) niet en hij eindigt op een manier die je de keel snoert. Lees hier de recensie.
Het is een donker universum dat de Poolse Urszula Honek (1987) heeft geschapen in Witte nachten. In deze bundel verhalen, die samenhangen als een roman, overdondert Honek door het oproepen van een spookachtige bergdorp tussen verschillende dimensies in. Lees hier de recensie.
Hij beloofde zijn 5-jarige zoon dat ze morgen naar de dierentuin zouden gaan. Maar de exil-schrijver Aleksandr Skorobogatov trok in Moskou de deur achter zich dicht en verhuisde naar Antwerpen. Pas tien jaar later ziet hij zijn zoon weer, naakt op een ijzeren tafel in een mortuarium. In Achter de donkere wouden doet hij het onmogelijke: hij schrijft waarover hij niet kan spreken. Lees hier de recensie.
Sinds de heksenwaan van rond 1600 maakt het idee van de vrouw als ‘heks’, als bedreiging, deel uit van onze psyche. Historica Maartje van der Laan duikt in de geschiedenis van de heksenvervolging in de Lage Landen. Met beeldende beschrijvingen van de beklaagden en hun angsten en verwijzingen naar middeleeuwse kunst en geschiedenis legt ze de wortels van de heksenwaan bloot. Lees hier de recensie.
Voor zijn nieuwe roman In het wit liet Roderik Six zich inspireren door de laatste jaren van Hugo Claus, die wegzonk in Alzheimer. Meesterlijk verbeeldt Six hoe het moet zijn als de woorden uit je hoofd verdwijnen. Lees hier de recensie.
In Late vader beschrijft Thomas Rosenboom briljant de peuterprietpraat van zijn kind. En ook een paar andere nieuwe vaderboeken morrelen aan het dominante culturele beeld van de papa als de kneus aan de zijlijn, die niet weet wat hij met de kinderen aan moet. Lees hier de recensie.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (4 oktober)
Michaël Zeeman (1958-2009) was jarenlang de voornaamste literaire criticus van de Volkskrant. Hij stierf jong en enigszins verguisd. Biograaf Willem Otterspeer blikt terug op zijn leven en probeert zich met hem te verzoenen. Als je geïnteresseerd bent in literaire kritiek, of in krantengeschiedenis, of Nederlandse letterkunde aan het einde van de 20ste eeuw, dan is In alles ben ik groot niet te missen. Otterspeer schrijft bij vlagen geweldig, vol scherpe oneliners, mooie metaforen, met oog voor treffende anekdotes en overtuigende psychologische interpretaties. Toch blijft het een biografie door een vriend. Lees hier de recensie.
Jackie’s keuze lezen is niet begrijpen maar ondergaan, je (toegegeven, soms met moeite) laten meedrijven en dan toch plots beseffen: sfeer bedriegt. Want als ik opkeek van mijn bladzijde, even bekomen van de dichtheid van de taal, was het vooral Jackie’s goedgeluimdheid die bleef hangen, en hoe die wringt met haar ruwe arbeidersbestaan. Wat sluimert er onder al die levenslust? Lees hier de recensie.
Leeft een rivier?, vraagt de Britse schrijver Robert Macfarlane zich enigszins provocerend af in zijn gelijknamige, en volgens hemzelf urgentste boek ooit. Is het een rare vraag, of de enige juiste als we onze relatie met de natuur willen verbeteren? Lees hier het interview.
Een pagina of twintig, hooguit dertig, beslaan de zeven hoofdstukken van Kookpunt, het fictiedebuut van dichter en vertaler Nisrine Mbarki Ben Ayad (Tilburg, 1977). Het zijn hoofdstukken die je ook verhalen zou kunnen noemen. Steeds gaan ze over andere mensen, spelen ze in andere plaatsen, andere werelddelen zelfs. We zijn in de wereld van Oroppa. Net als Librisprijswinnaar Safae El Khannoussi (die Mbarki Ben Ayad zelf beschouwt als haar ‘literaire zusje’) spint de schrijver een web van verhalen over mensen die, zoals dat heet, lange tijd weinig zijn gehoord: ze vertolkt de stemmen van migranten, van gemarginaliseerden, binnen en buiten Europa. Mensen zonder macht of invloed op wat er in de wereld gebeurt. Lees hier de recensie.
Vlaamse vergezichten is een rijk, gelaagd en aanstekelijk boek, waarin Erwin Mortier zijn herinneringen fijnzinnig verweeft met de geschiedenis van Vlaanderen, de Vlaamse taal, de literatuur en het landschap. Hij onderneemt een liefdevolle zoektocht naar de bronnen van zijn schrijverschap, maar reflecteert kritisch op de mythen en trauma’s die de Vlaamse identiteit hebben gevormd. Ook de zijne. Als schrijver kan hij daar niet over zwijgen. Lees hier de recensie.
Hoera, het is Kinderboekenweek! Het nieuwe prentenboek van Loes Riphagen, een avontuurlijk geschenk van Kevin Hassing en nog veel meer moois voor alle leeftijden: de Volkskrant tipt de beste boeken voor deze Kinderboekenweek. Dit zijn de mooiste nieuwe boeken om uit te kiezen.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (28 september)
Het (zeer) langverwachte vervolg op Otmars zonen bevat alles waarom deel één al werd bejubeld: De jaknikker is venijnig, gewaagd en elegant geschreven. Onderweg besloot Peter Buwalda de boel nog eens grondig te vertimmeren. Heeft dat de roman goedgedaan? Lees hier de recensie.
Een linkse intellectueel gaat een dag helpen op het stembureau en denkt na over de betekenis van democratie: deze kleine klassieker van Italo Calvino is intelligent, begeesterd en bij vlagen ronduit grappig. Van Italo Calvino’s klassieker Een dag op het stembureau krijg je zowaar zin om te stemmen. Lees hier de recensie.
Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk is een kritische intellectueel in autoritair Turkije. Zijn dagboeken geven inzicht in de spanning tussen Oost en West die hij daar voelt. Het interview dat de Volkskrant met hem heeft, begint zonnig en opgewekt. Op het balkon van zijn huis serveert Pamuk komkommers en zoute stengels. Lees hier hoe het gesprek daarna verder gaat.
Een gezonde maatschappij heeft volgens psycholoog Jonathan Haidt zowel de sterke sociale cohesie en de morele kaders van conservatieven nodig, als de gelijkheid en vrijzinnigheid van liberalen. Probeer de geest van je tegenstander te begrijpen, schrijft hij voor, laat je niet verleiden door de mythe van het pure kwaad, en erken dat je beperkt en hypocriet bent en continu wordt misleid door je eigen stampvoetende olifant. Daar word je niet meteen gelukkiger van, maar wel wijzer. Lees hier de recensie.
Simone de Beauvoir schreef in Een zachte dood over het ziekbed en overlijden van haar moeder, dat haar onverwacht raakte. Je voelt haar dubbele verdriet, om haar lieve moeder, maar ook om de afwijzende vrouw die haar als puber onderdrukte. Niet verwonderlijk dat Sartre, haar levenslange metgezel, dit haar allerbeste boek noemde. Lees hier de recensie.
Bestsellerschrijver Jesús Carrasco mijmert in Ode aan zijn handen over zijn, inderdaad, handen, het huis dat hij verbouwt, het boek dat hij schrijft. Maar wat wil hij nou zeggen? Lees hier de recensie.
In Egelskop, de debuutroman van programmamaker Teddy Tops, krijgen de lekker feministisch hervertelde vrouwenlevens iets programmatisch. Toch is dit een warmbloedige, avontuurlijke roman, waarin de lezer aan het denken wordt gezet over waarom een leven loopt zoals het loopt. Hoe worden onze verlangens gevormd door de tijd waarin we leven, en hoe stellen we die bij door wat er onverhoopt met ons gebeurt, buiten onze macht? Lees hier de recensie.
Lees hieronder de opmerkelijkste boeken van vorige week (21 september)
De Grieken en Romeinen vormen helemaal niet de bakermat van de westerse samenleving, volgens Josephine Quinn. Haar geschiedenis van het Westen omvat vierduizend jaar en vertelt een veel breder, en veel interessanter verhaal. Lees hier het interview.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant