is Ombudsvrouw van de Volkskrant.
‘Onwaarheden in relaas minister Boekholt over Afghanistan-missie: ‘Citaat over douche- en telefoonmuntjes klopt niet’’, kopte de Volkskrant vorige week woensdag op de site. Het nieuwsbericht was het begin van een douchemuntjesfeuilleton met de nieuwe minister van Volkshuisvesting in de hoofdrol.
Die had in The Guardian een pleidooi gehouden voor soberheid: om de wooncrisis op te lossen, zullen Nederlanders concessies moeten doen. Op de militaire kampen in Afghanistan werd tijdens haar uitzending gedoucht en gebeld met muntjes, vertelde ze. ‘Ik zeg niet dat we hier ook muntjes moeten gebruiken, maar als je samenleeft als een gemeenschap, moet je afspraken maken, want de voorraad is niet onbeperkt.’
Een opmerkelijk interview, vond de parlementair verslaggever die het woondossier volgt voor de Volkskrant. Ze was benieuwd welke beleidsplannen ten grondslag lagen aan de opmerkingen over soberheid. Ook bleef haar oog hangen op de muntjes. Zelf was ze in haar tijd als correspondent in Afghanistan vaak op de verschillende militaire kampen geweest. Daar had ze nooit muntjes gezien.
De verslaggever heeft een scherpe neus voor politici die onwaarheden vertellen: ze onthulde dat Halbe Zijlstra nooit in de datsja van Poetin is geweest en onlangs nog dat het cv van beoogd staatssecretaris Nathalie van Berkel niet klopte. Ze is een goede nieuwsjager, vasthoudend en gedreven. Nieuws moet online op het moment dat het speelt, vindt ze ook.
Ze twijfelde dus geen moment toen de woordvoerder van de minister telefonisch toegaf dat het Afghanistan-relaas niet klopte. ‘Misschien zijn die douchemuntjes niet zo belangrijk, maar het gaat om het principe’, zegt ze. ‘In deze tijd van dalend vertrouwen in de politiek is het des te belangrijker dat politici de waarheid spreken.’ De Tweede Kamer eiste opheldering van de minister over het interview, een belangrijke reden om het zo snel mogelijk te brengen.
Het nieuws had twee gezichten: enerzijds was het eigen nieuws, een kwestie waarover op dat moment in de Tweede Kamer verhit werd gesproken. Aan de andere kant was het geen groot schandaal. Toch was de toon niet luchtig, eerder serieus. In de verspreiding kreeg het artikel dan ook de breaking news-behandeling: het verhaal stond bovenaan de site en er werd een pushbericht verstuurd. In de krant stond het op pagina 2.
Het was die disbalans waaraan lezers zich stoorden, en waarop de chef van de Haagse redactie en de hoofdredactie ook met gemengde gevoelens terugkijken. Doordat het over iets ogenschijnlijk luchtigs ging, was er geen afstemming over de verspreiding en geen betrokkenheid van de hoofdredactie. Terwijl dat wel gebruikelijk is bij eigen nieuws.
Niet alleen lezers roerden zich; ook de journalist van The Guardian is ontstemd over de gang van zaken. In het eerste nieuwsbericht beweerde de woordvoerder ongefundeerd dat de journalist de minister verkeerd geciteerd zou hebben. Die laatste zou ook gesproken hebben over douchemuntjes op de camping, zei de woordvoerder. ‘Die voorbeelden [zijn] dus samengevoegd door de journalist van The Guardian in één citaat’, aldus de woordvoerder.
Voor de duidelijkheid: daar klopt niets van. De minister heeft tijdens het interview met The Guardian niet gesproken over de camping, zegt de Guardian-journalist in een reactie aan mij. Ze laat mij de passage over de muntjes horen: het gewraakte citaat is zo door de minister uitgesproken.
Die informatie ontbrak in het eerste nieuwsbericht. Er stond wel: ‘De Volkskrant heeft de betreffende auteur van The Guardian gevraagd of het klopt dat zij het citaat van de minister zelf heeft gefabriceerd, maar heeft nog geen antwoord ontvangen.’
Het is nogal wat om door een ministerie beschuldigd te worden van verkeerd citeren, zeker als die beschuldiging wordt opgetekend in een kwaliteitskrant. ‘Fabriceren’ is al helemaal een journalistieke doodzonde: dat betekent dat iets verzonnen is. Die kwalificatie was niet afkomstig van het ministerie, maar van de Volkskrant zelf.
Bij beschuldigingen, zo is de afspraak, zou er gepaste tijd moeten zijn voor wederhoor. Daarvan was weinig sprake: de journalist van The Guardian kreeg woensdag rond 17.15 uur een mailtje met het verzoek contact op te nemen met de Haagse verslaggever. Het bericht was niet van haarzelf of van de Volkskrant afkomstig, maar verstuurd door iemand die de verslaggever zei te assisteren. Er stond bij dat het dringend was, maar niet dat het verhaal al snel online zou verschijnen. De Guardian-journalist vond het opmerkelijk en vroeg daarom of de vragen gemaild konden worden. Daarna vertrok ze van huis voor een afspraak.
Het nieuwsbericht verscheen rond 18.27 uur al online. De vragen waren een paar minuten ervoor naar haar gemaild. Die mail merkte ze pas later op de avond op, net als het nieuwsbericht dat allang online stond. Ze schrok: ‘Een beschuldiging dat je citaten fabriceert, kan het einde van je carrière betekenen’, zegt de journalist. ‘Helemaal voor een freelancer.’
‘Ik zou niet weten wat ik journalistiek anders had moeten doen’, zegt de Volkskrant-verslaggever. ‘Ik wilde het nieuwsbericht snel online hebben, zodat het zou aansluiten op het Kamerdebat. Ik heb keurig gemeld dat we de Guardian-journalist om een reactie hebben gevraagd. Ik hoopte die snel van haar te krijgen, om het verhaal te updaten. Maar ik hoorde niets.’
Ze was zo druk met schrijven geweest, dat ze iemand anders had gevraagd snel contact te zoeken met de Guardian-journalist. Een teken van de eerder genoemde gedrevenheid, maar hier onhandig: de Guardian-journalist vond het raar.
Rond middernacht liet de Guardian-journalist weten dat ze een opname had van het interview en dat het citaat in de Britse krant klopte. In de vroege ochtend maakte de Haagse verslaggever meteen een follow-up, die rond half negen online kwam: ‘The Guardian spreekt minister Boekholt-O’Sullivan tegen over douchemuntjes-uitspraak.’
De Haagse verslaggever en haar chef staan volledig achter hun werkwijze. Zij zien de uitlatingen van de woordvoerder als onderdeel van het publieke debat, een nieuwsfeit dat zo snel mogelijk gemeld moest worden. ‘In de ideale situatie heb je meteen wederhoor erbij, maar in de praktijk gaat het vaak niet zo’, zegt de chef.
Niemand zal meer denken dat The Guardian de minister verkeerd geciteerd heeft, benadrukken ze ook, want door de follow-ups in de Volkskrant bood die juist aan de journalist excuses aan. Op verzoek van een persvoorlichter van The Guardian voegde de Volkskrant een naschrift toe aan het eerste bericht. In diezelfde mail bedankte deze persvoorlichter de Volkskrant-verslaggever wel voor de berichtgeving.
Toch is mijn conclusie dat volledigheid hier voor snelheid had moeten gaan. In de ijver om de minister te controleren op onwaarheden, hielp de krant immers een andere onwaarheid van het ministerie de wereld in – al was het maar even. Beter was geweest om lezers in één keer goed te informeren, en geen twijfel te laten bestaan over de werkwijze van een collega-journalist.
Ombudsvrouw Loes Reijmer behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de journalistiek van de Volkskrant. U kunt haar per mail bereiken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant