Home

‘Nog niet ingestort’, zei de plastisch chirurg toen ik binnenkwam

Ik zei een keer tegen een vriendin dat ik mijn slappe hals storend vond en toen zag ik haar met haar ogen rollen. Ze is vijftien jaar jonger dan ik. Het deed me denken aan een panelgesprek waarin ik zat over ‘de heks in de literatuur’, toen een jonge vrouw uit de zaal me verweet dat ik te veel over uiterlijkheden sprak. Maar ik had het helemaal niet over uiterlijkheden. Ik had het over hoe ik het ouder worden ervaar, dat het heerlijk is om niet meer voortdurend op mijn uiterlijk beoordeeld te worden en teleurstellend om dan te merken dat dat toch niet helemaal opgaat, omdat je, ook in de literaire wereld, als vrouw van middelbare leeftijd al snel wordt gezien als minder relevant. Wat ik wél wil toegeven, is dat ik me daar nogal snel door uit het veld laat slaan. Wat dat betreft begrijp ik de ergernis van jongere feministen best. Maar ik wil graag voor mezelf spreken zonder me klein te hoeven voelen, dus ik weiger me te schamen voor mijn onzekerheid.

Vroeger had ik er alles voor over om me klein te kunnen voelen. Als kind was ik al lang. Volgens mijn vader kon ik een stuk uit mijn bovenbenen laten zagen. Ik moest wel eerst wachten tot ik was volgroeid. Toen ik rond mijn zeventiende een vriend kreeg die kleiner was dan ik, stelde mijn moeder voor om de dikke profielzolen van mijn Palladium-gympen eraf te zagen. Die zolen heb ik eraf gezaagd en mijn benen niet, maar met deze achtergrond verbaast het misschien niet dat ik laatst toch weer overwoog om iets van mezelf af te laten zagen.

De plastisch chirurg die ik bezocht was ouder dan ik, met rimpels, gelukkig. Nog niet ingestort, zei hij toen ik binnenkwam. Hij bedoelde dat mijn gezicht nog niet was gaan hangen. Mijn hals wel, zei ik. Ik draaide mijn gezicht zodat hij mijn schuin aflopende hals kon zien. Toen trok ik met mijn vingers aan weerszijden alles zo strak dat mijn strottenhoofd werd platgedrukt. Niet dat ik hier meteen iets aan wil doen, zei ik met geknepen stem, maar misschien kun je me vertellen wat de mogelijkheden zijn, voor het geval ik er toch wel meteen iets aan wil doen.

Sommige mogelijkheden had ik al besproken met een medeleerling uit mijn zen-meditatieklas. Jente, je denkt er toch niet aan om botox te nemen? vroeg hij na afloop van een les over het leeg-zijn van het ik. Blijkbaar had ik hem dat idee gegeven. Nee, fluisterde ik, want ineens schaamde ik me toch wel een beetje voor mijn onzekerheid. Niet doen hoor, riep hij. Ik heb dat jaren gedaan. Als je eenmaal begint houdt het niet op. Hij was een dertiger en nog lang niet ingestort. Bovendien is botox achterhaald, zei hij. Je moet snijden.

Snijden kan, zei de plastisch chirurg, maar dan moet je gezicht ook mee. Anders ziet het er onnatuurlijk uit. O, antwoordde ik, dat toch maar niet. Dan zijn we het eens, zei hij.

Op weg naar buiten bedacht ik tevreden dat ik nog niet was ingestort. Daarna dacht ik aan de rollende ogen van mijn vriendin en toen aan het leeg-zijn van mijn ik. Alles wat je bent, ontstaat in relatie tot iets anders, had mijn zen-leraar gezegd. Je kunt steeds opnieuw beginnen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Slim Leven

Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken

Jente Posthuma

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next