Home

Zorg zonder tralies voor ‘veelpleger’ Edwin V.: Iedereen wilde het, maar het gebeurde niet. Nu is hij dood.

Verward persoon ‘Veelpleger’ Edwin V. was een psychiatrisch patiënt die steeds pas zorg kreeg als hij weer eens misdrijven had gepleegd. NRC volgde hem drie jaar. Woensdag 1 april maakte Edwin in zijn gevangeniscel een eind aan zijn leven.

„Ik ben in een zwart gat gevallen”, zegt Edwin V. (59) eind februari door de telefoon vanuit de gevangenis. „Dat is altijd zo na een psychose. Dan krijg ik een depressie. Daar zit ik nu in.” Dankzij de medicatie van de afgelopen maanden is hij niet meer psychotisch of anderszins verward. Hij is wel alleen. Bezoek krijgt hij niet en hij zondert zich af van zijn medegevangenen, bang om gepest te worden. „Ik ben geen macho.”

Edwin zit sinds 12 september in de cel, toen hij in de Jumbo in Assendorp, een wijk in Zwolle, betrapt werd op winkeldiefstal. Het was de tiende aanhouding in drie weken tijd. In december kreeg hij van de rechtbank in Zwolle te horen dat hij bovenop zijn dan drie maanden durende voorarrest nog twee jaar vast kon blijven zitten voor de reeks kleine winkeldiefstallen en ordeverstoringen. Het ernstigste misdrijf waar de rechtbank hem strafbaar en toerekeningsvatbaar voor achtte, was, naast het stelen van een paar blikjes bier, het leegdrinken van een fles wijn in de supermarkt.

Normaal staat daar een boete op of hooguit een paar weken cel. Maar Edwin kreeg een speciale maatregel opgelegd die bedoeld is voor veelplegers, de zogenaamde ‘ISD-maatregel’ – ‘Inrichting Stelselmatige Daders’.

„Ze hadden me gewoon veel eerder moeten vastzetten”, zegt Edwin. Daarmee bedoelt hij: in een ggz-instelling. Aanleidingen waren er genoeg. Aan het eind van afgelopen zomer zwierf hij psychotisch en onder invloed van alcohol en drugs op straat. In drie weken werd hij tien keer aangehouden door de politie en verhoord op het politiebureau. Een paar maal voor winkeldiefstal, drie keer wegens schennispleging omdat hij in zijn psychose naakt door Zwolle liep, even zo vaak omdat hij zich niet hield aan het gebiedsverbod dat hem vanwege dat gedrag was opgelegd, een keer wegens lokaalvredebreuk en nog een keer wegens diefstal van een bagagedragerelastiek. Die laatste was „om de politie te pesten”, verklaarde hij in verwarde toestand op het bureau.

Edwin kan ieder moment gedwongen opgenomen worden én gedwongen worden medicatie te nemen – hij heeft al achttien jaar de zogeheten zorgmachtiging die daarvoor nodig is. Meerdere malen haalde de politie de ggz-crisisdienst erbij. Die oordeelde keer op keer dat zijn gedrag niet veroorzaakt werd door zijn psychiatrische aandoening, maar door zijn middelengebruik of door eigen keuzes. Dus belandde hij steeds weer op straat, tot frustratie van Edwin zelf, legt hij uit. „Op straat gaat het mis. Als ze mij opnemen, dan komt die drugs niet in beeld.”

Een huisje en een hond

Edwin is een van de ‘verwarde personen’ die regelmatig het nieuws halen. Meestal worden ze samengevat in een getal: de inmiddels ruim 150.000 keer per jaar dat de politie voor een „persoon met onbegrepen gedrag” moet uitrukken. Het overgrote deel van die meldingen gaat over overlast of kleine vergrijpen. In uitzonderlijke gevallen gaat het om levensgevaarlijke situaties of vallen zelfs dodelijke, al dan niet willekeurige slachtoffers.

Over dit artikel

Dit verhaal is een geactualiseerde versie van een artikel uit de papieren zaterdageditie van 4 april. Kort nadat de bijlage met daarin het verhaal, dat met V.’s instemming tot stand kwam, naar de drukker was gegaan, werd duidelijk dat Edwin V. zich het leven had benomen.

Denk je aan zelfdoding? Neem 24/7 anoniem en gratis contact op met 0800-0113 of chat op 113.nl.

NRC heeft sinds drie jaar contact met Edwin, die bipolair en verslaafd is, en heeft hem in uiteenlopende toestanden aangetroffen. De eerste keer, tijdens een van de vele rechtszaken, verklaarde hij zelfverzekerd dat hij zich makkelijk alleen kon redden. Een andere keer, in april vorig jaar, zat hij compleet psychotisch op het politiebureau, in een met zijn eigen poep besmeurde politiecel terwijl de rechter-commissaris via een luikje in de celdeur tevergeefs probeerde tot hem door te dringen.

Na zijn laatste arrestatie in september, na wéér een mislukte poging zijn leven op de rails te krijgen, was duidelijk dat alleen een gedwongen verandering van zijn levensomstandigheden Edwins jarenlange cyclus van dakloosheid, drugs, psychose, arrestatie zou kunnen doorbreken.

De laatste reeks misdrijven was licht genoeg om snel weer op vrije voeten te komen. Maar zou de ggz deze keer wél een structurele oplossing en woonruimte voor hem hebben? Of zou het toch weer strafrechtelijk opgelost moeten worden door hem jarenlang op te sluiten?

NRC hield contact met Edwins reclasseringsbegeleider en zijn advocaat, volgde hem tijdens zijn laatste rechtszaak en wachtte tot hij psychisch dusdanig in orde was, dat hij ook zijn eigen verhaal kon doen.

Edwin was een doodnormale puber en talentvol voetballer. Zijn leven veranderde nadat hij met zijn brommer tegen een vrachtwagen was gereden. Het ging echt mis toen hij als twintiger drugs ging gebruiken. Zijn bipolaire stoornis en de periodes van psychotische verwarring kregen steeds meer de overhand, zeker toen hij ook nog dakloos raakte. „Toen ben ik bij De Herberg [daklozenopvang in Zwolle] gaan wonen. En ja, daar gebruikte ik eigenlijk elke dag wel: een tientje voor een bolletje coke en nog geen twee euro voor speed.”

Nu hij alweer even niet in een psychose zit én clean is, houdt Edwin hoop dat aan die negatieve spiraal ooit een eind komt en dat hij een normaal leven kan gaan leiden: „Een echt huisje, een hond, een vriendin en een beetje muziek maken.”

Zorgvacuüm

Tijdens een psychose is Edwin een totaal ander mens. Hij is zich ervan bewust dat hij zichzelf dan tekort doet door zich fel te verzetten tegen iedere vorm van zorg, hulp of opname. „Maar,” zegt hij, „dan moeten ze me gedwongen opnemen. Daar is die zorgmachtiging voor. Onmiddellijk opsluiten en medicijnen geven.” In het gesprek vanuit de gevangenis hamert hij hier keer op keer op.

Edwins „stoornissen leiden tot ernstig nadeel”, staat in zijn door de rechter afgegeven machtiging. Het gaat om „psychische schade; financiële schade; ernstige verwaarlozing; en maatschappelijke teloorgang.” Behalve dat Edwin zelf beschermd moet worden, stelt de machtiging vast dat ook „de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is”.

Voor de agenten en zorgmedewerkers die dagelijks met mensen als Edwin geconfronteerd worden, zijn zij niet in de eerste plaats criminelen, maar verwaarloosde psychiatrisch patiënten. Ze zitten vast in wat in politiek jargon een „zorgvacuüm” heet: enerzijds zijn ze in psychiatrische instellingen niet welkom vanwege de overlast door drank- en drugsgebruik, anderzijds houden verslavingsklinieken de deuren gesloten vanwege de psychiatrische problemen. Gevolg: ze zwerven dakloos en verslaafd op straat. Tot het mis gaat.

Het kabinet-Jetten belooft de toenemende problemen met verwarde personen compleet anders te gaan oplossen dan de afgelopen vijftien jaar is geprobeerd. De nieuwe regering wil deze mensen niet langer via het strafrecht aanpakken, maar wil de problemen voorkomen door hen „beter te helpen”. Het kabinet wil, zo schrijft het in het regeerakkoord „meer mogelijkheden voor burgemeesters” om in te grijpen „door middel van bemoeizorg” – ongevraagde of zelfs ongewenste zorg voor psychiatrisch patiënten. En het wil „meer crisisplekken” realiseren. Het kabinet doet ook een toezegging: „We letten hierbij goed op dat er geen extra complexiteit en regeldruk ontstaat voor de strafrechtketen.”

De vraag is of dat wel kan. Het kabinet heeft ook bezuinigingen op de langdurige zorg aangekondigd, maar geen aanpassingen die ervoor kunnen zorgen dat mensen minder snel klem komen te zitten in de strafrechtketen.

Ravage

Waarom belandt Edwin, terwijl hij al achttien jaar gedwongen opgenomen kan worden, toch steeds eerst op straat, en dan in de cel? Reclasseringsmedewerker Yvonne Agteresch, die Edwin al bijna tien jaar als ‘cliënt’ heeft bij de uitvoering van de eindeloze reeks rechterlijke uitspraken, verzucht samenvattend: „Je moet nu eerst een misdrijf plegen om geholpen te worden.”

Het zorgsysteem bestaat uit afgebakende hokjes, waarbij een patiënt na een eenduidige diagnose een behandeling krijgt en zorgverzekeraars op basis van een doelmatig plan en een zo kort mogelijke opname de zorgkosten vergoeden. Die zorg blijft uit voor complexe patiënten als Edwin. Dat verandert pas na een misdrijf. Dan krijgen ze als psychiatrisch patiënt in de strafrechtketen het stempel ‘forensisch’, waarna er ineens wel geld voor zorg is. Niet van de zorgverzekeraars, maar van het inmiddels eindverantwoordelijke ministerie van Justitie en Veiligheid, omdat de verwaarloosde patiënt dan een misdadiger is.

Tijdens een strafzitting bij de rechtbank in Zwolle op 17 december richt de rechtbankvoorzitter van de meervoudige kamer zich begripvol tot Edwin: „Ik heb u eerder gezien, als politierechter. Toen kwam u hier voor snelrecht. En toen wist ook niemand wat er moest gebeuren. Uw advocaat zei toen dat u al jaren een zorgmachtiging hebt, maar dat u niet wordt opgenomen.”

„Ja,” zegt Edwin, „dan komt er wel een dokter kijken, maar word je niet opgenomen. En je hoofd doet dingen die je helemaal niet wilt. Je gaat gewoon verder met de ravage.”

Advocaat Jan Vlug windt zich tijdens de zitting steeds meer op over de eindeloze reeks arrestaties, voorgeleidingen en rechtszittingen: „Er worden honderden mensuren in Edwin gestoken, terwijl hij gewoon van straat afgeplukt had kunnen worden en opgesloten. Het is totale gekte. Wat zijn we nou aan het doen met z’n allen?” Eerder drong hij in een brief aan de rechtbank al aan op gedwongen behandeling: „Edwin is in goeden doen een bijzonder aardige, zachte man die gitaar speelt en vogeltjes houdt. Hij verdient het niet om op straat te sterven.”

De rechtbankvoorzitter: „Ik begrijp dat u totaal gefrustreerd bent over het systeem, dat begrijpen we allemaal in deze zaal. Ik deel veel van wat u zegt.” Ze denkt hardop met de advocaat mee. „Hebt u weleens iets gedaan tegen de ggz-instelling om hem opgenomen te krijgen, via een kort geding bijvoorbeeld?”

„Dat kan niet.” De advocaat legt uit dat hij klem zit: als Edwin psychotisch is, wil hij niet opgenomen worden. En hij kan geen kort geding voeren voor iets dat zijn cliënt op dat moment niet wil. „Daar is die zorgmachtiging juist voor.”

‘Het beste meneer. Zet hem op’

„Ik hoor niet in een gevangenis thuis”, zegt Edwin eind februari in goeden doen aan de telefoon. Dat vinden de meeste gevangenen van zichzelf, maar in Edwins geval was iedereen het daar van het begin af aan mee eens. In het reclasseringsadvies dat de officier van justitie liet opmaken voorafgaand aan de rechtbankzitting stond: „Reclassering acht het zorgelijk dat betrokkene keer op keer tussen wal en schip valt. [..] De ggz slaagt er niet in een passende plek voor betrokkene te vinden.”

Ggz-instelling Dimence, die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de zorgmachtiging van Edwin, kan niet op de casus van Edwin ingaan vanwege het medisch beroepsgeheim.

Advocaat Vlug betoogt tijdens de zitting dat de ggz de benodigde passende zorg helemaal niet wíl vinden: „Al die ggz-verhalen dat een opname ‘niet helpend’ zou zijn, of ‘niet ziektegerelateerd’. Het is gewoon niet waar. Ze willen hem gewoon niet.” Als voorbeeld noemt hij een van de strafbare feiten waarvoor Edwin terechtstaat: een mishandeling van twee zorgmedewerkers in april vorig jaar. Na een van de vele eerdere rechtszaken tegen hem zat hij toen vrijwillig in een psychiatrische kliniek. Daar greep hij twee medewerkers bij de keel en probeerde ze te slaan – wat niet lukte. Hij werd onmiddellijk op straat gezet omdat de ggz-instelling hem op de vrijwillige opnameplek niet te handhaven vond. Vervolgens begon de cyclus van dakloosheid, drugsgebruik, psychose en overlast weer van voren af aan. Volgens een later opgemaakt reclasseringsrapport was Edwins gedrag volledig te wijten aan zijn „ontregeling” en was het „duidelijk dat betrokkene handelde vanuit onmacht”.

De raadsman zegt tegen de rechtbank dat hij het niet vindt uit te leggen dat Edwin toen op straat werd gezet: „Ja natuurlijk, hij ís dan lastig, dat klopt. Maar nogmaals: dáár is zo’n zorgmachtiging voor. Die krijg je niet als je niet grensoverschrijdend bent.”

De mishandeling speelt bij de uiteindelijke strafmaat in december geen rol. Edwin was zo ernstig ontregeld dat het voor de rechtbank ook zonder nader psychiatrisch onderzoek of advies vaststaat dat zijn staat destijds „neigt naar volledige ontoerekeningsvatbaarheid”. Voor de tien kleine misdrijven waarvoor hij ook terechtstaat – de winkeldiefstallen, de ordeverstoringen – acht de rechtbank Edwin „verminderd toerekeningsvatbaar”.

Advocaat Vlug is het „fundamenteel oneens” met de eis: twee jaar ISD, de speciale gevangenisregeling voor veelplegers. „Maar,” zegt hij, „sorry Edwin,” – blik op zijn cliënt – „hij moet hoe dan ook niet terug naar de daklozenopvang.” Daar is Edwin het mee eens, net als de andere aanwezigen op de zitting.

Vrijwilligerswerk

Zo verandert de rechtszaal in een onderhandelingsruimte waar de problemen in de ggz opgelost worden met strafrechtelijke creativiteit. De advocaat had samen met de reclassering al een truc verzonnen: een alternatieve invulling van de ISD-maatregel. Het plan is om Edwin niet pas na een jaar in de gevangenis te laten beginnen met een traject van beveiligd en beschermd wonen in een kliniek, zoals gebruikelijk. De wens is om Edwin zo snel mogelijk, liefst onmiddellijk op te laten nemen. En omdat het dan officieel om een ISD-maatregel van de rechtbank gaat, kan hij niet op straat gezet worden.

Zowel het Openbaar Ministerie als de rechtbank gaan er in mee. „De rechtbank vindt het nodig om de vicieuze cirkel te doorbreken. We hopen dat deze uitspraak het tij gaat keren”, zegt de voorzitter tegen Edwin. „Het beste meneer. Zet hem op.”

Reclasseringsmedewerker Yvonne Agteresch is tevreden na afloop van de zitting: „We wilden liever geen twee jaar durende ISD-maatregel voor Edwin, maar we willen hem ook niet dood op de stoep vinden.”

Nu, vier maanden later, wacht Edwin toch nog in de gevangenis op een plek waar hij beveiligd beschermd kan wonen. Dankzij de inspanningen van Agteresch en haar collega zit hij niet meer in een gewone cel, maar op de ‘extra zorg afdeling’ van de gevangenis in Zutphen. Daar was volgens Agteresch nog „eindeloos veel geregel” voor nodig.

Edwin is haar dankbaar. De plek waar hij eerst zat, op een ISD-afdeling, was „heel druk, heel chaotisch, heel bedreigend”.

Agteresch zoekt door naar een andere plek voor Edwin. Ze noemt het „vrijwilligerswerk” omdat er formeel geen rol meer is voor de reclassering na het opleggen van het ISD-traject. Maar het is nodig, zegt ze: „Als ik mijn handen ervan aftrek, wordt Edwin vermorzeld in het systeem.”

Overlijden van Edwin

Op woensdagmiddag 1 april eindigt de zoektocht van Agteresch. Edwin beneemt zich het leven in zijn cel. Hij laat geen afscheidsbrief achter. Agteresch had hem in haar laatste gesprek in de week ervoor nog gevraagd of hij suïcidaal was. Dat had hij ontkend.

In de gevangenis wordt direct na het ontdekken van Edwins lichaam alarm geslagen: alle gevangenen gaan op cel. Een ambulance komt, maar tevergeefs. De PI in Zutphen geeft geen verdere toelichting op Edwins zelfdoding.

Advocaat Jan Vlug wil wel commentaar geven: ,,Dit had niet hoeven gebeuren en dit had niet mogen gebeuren. Als Edwin eerder was opgenomen en niet steeds op straat was gezet, had hij nog geleefd.”

Denk je aan zelfdoding? Neem 24/7 anoniem en gratis contact op met 0800-0113 of chat op 113.nl.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Zorg

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next