Home

Kinderopvang en ouderenzorg onder een dak: Eric van 4 waarschuwt zijn 92-jarige tafelgenoot voor haaien

Verenigd Koninkrijk In Stockport, vlakbij Manchester, worden kinderopvang en ouderenzorg gecombineerd. Hoewel het duurder is dan gemiddeld, is er een flinke wachtlijst. Ouderen vinden de kleintjes „just lovely”, andersom leren kinderen dat rolstoelen en gehoorapparaten niks geks zijn.

Kinderen van kinderopvang Fernbees lunchen met ouderen van verzorgingshuis Fernlea, onder wie David Walker (92) in blauwe trui.

‘Weet jij waar mijn pizza is gebleven?” Met pretoogjes stelt Eric (4) de vraag aan zijn tafelgenoot David Walker (92). Die kijkt omhoog en speurt de hoeken van het plafond af. „Nee, niet dáár!” Eric barst in lachen uit. De pizza zit allang in zijn buik.

De oudste kinderen van kinderdagverblijf Fernbees, ze zijn drie of vier jaar, lunchen vandaag met een groepje ouderen uit het verzorgingshuis pal naast hun opvang. De kleintjes krijgen gebakken aardappelpartjes, pizza en witte bonen in tomatensaus. De ouderen pizza met een salade.

Hun conversatie tijdens de lunch is gewoon en bijzonder tegelijk. Er zit vanzelfsprekendheid in hun contact. „Ik ga zo meteen vissen”, zegt Walker nonchalant. Hij verzint maar wat, hij zit in een rolstoel en gaat straks naar zijn kamer voor een dutje. „Oh, dan moet je uitkijken voor haaien”, zegt zijn overbuurjongetje meteen.

Als alle borden leeg zijn, kijkt Eric een tikje jaloers naar het vanille-ijs met stoofpeer dat Walker als toetje krijgt. „Is het koud, David?” Ja, heel koud. De kinderen krijgen geen ijs, maar een kaakje. Daar is Eric ook blij mee.

In Stockport, een stadje onder Manchester, zijn de eigenaars van verzorgingshuis Fernlea ook een kinderopvang begonnen. Ze hebben plek voor 32 kinderen en 48 ouderen. Het is één van de handvol instellingen in het Verenigd Koninkrijk die kinderopvang en ouderenzorg combineren. Bijna iedereen vindt deze intergenerationele zorg geweldig. Voor de kinderen is er een wachtlijst, er zijn al aanmeldingen voor een plek in 2027.

David Walker woont hier ongeveer een jaar. „De kinderen vinden me leuk omdat ik gek doe”, zegt hij. „Ze werpen me terug in de tijd. Mijn eigen kinderen zorgen nu voor mij. Dat voelt vreemd.” De jaren vliegen voorbij en ze komen niet terug, mijmert hij verder. „Je krijgt maar één kans in het leven. Je kunt hem beter grijpen.”

De kinderen worden voorgelezen door een bewoner van het verzorgingshuis.

Voetbaluitslagen bespreken

Het verzorgingshuis is onderdeel van een klein familiebedrijf, met drie locaties verspreid over Manchester. Als kind speelde communicatiemanager Louise Claffey (27) met haar stoffer en blik tussen de ouderen die in één van de tehuizen van haar ouders verbleven. Haar zus is fan van voetbalclub Manchester United, vertelt ze. Eén van de bewoners was ook fan en wachtte haar zus elke week beneden op: „Zaten die oudere heer en een meisje van een jaar of zes daar samen de uitslagen van het weekend te bespreken.”Voor Claffey en haar zus voelde het vanzelfsprekend. „Kinderen zijn vaak een beetje nerveus rond ouderen. Omdat ze in een rolstoel zitten, slecht horen of er anders uitzien. Daar hadden wij geen last van.” Dus toen in één van de verzorgingshuizen een paar appartementen leegstonden naast het hoofdgebouw, kwamen ze op het idee voor een kinderopvang. „Mijn ouders hadden hun twijfels, maar we zijn ervoor gegaan.” Begin 2022 gingen ze open. Op een gegeven moment was het jongste kind zes maanden en de oudste bewoner 108 jaar.De appartementen werden omgebouwd tot één groot lokaal, met een toiletblok en een kantoortje ernaast. Buiten grenst de speelruimte van de kinderen, met klimmuur en een wand voor schoolkrijt, aan het terras van het verzorgingshuis. Ze delen de ruimtes in het hoofdgebouw, waar de ouderen wonen. Het eten voor de kinderen komt uit de keuken daar. De baby’s krijgen knuffeltijd met de ouderen in de privébioscoop met luie stoelen, de peuters doen in de kleine sportschool mee met yoga of gymnastiek.

De meeste kinderen komen binnen als baby. „Ze ontwikkelen zich vaak van verlegen naar behoorlijk vrijpostig. De oudste kinderen rennen naar de deur als we naar de overkant gaan, zo blij zijn ze om sommige bewoners weer te zien”, zegt Alex Gowland, zij coördineert het intergenerationele programma. David Walker is populair – toen hij laatst in het ziekenhuis lag, vroegen de kinderen waar hij was gebleven.

Het mooie vindt Gowland dat de kinderen leren dat sommige mensen anders zijn. Iemand in een rolstoel een beetje vreemd? Hier niet, de kinderen leunen op de wielen als ze een praatje met de ouderen maken. Ouderen met een gehoorapparaat? Er kwam hier ook een kindje met een gehoorprothese. Ook overlijden hoort erbij. De opvang overlegt met ouders hoe ze dat bespreken met de kinderen. „Soms vertellen we over de hemel, soms niet”, zegt ze.

Samen dansen op de muziek van Frozen.

Gouden pompons

Recente onderzoeken bevestigen de positieve effecten van intensief contact tussen jong en oud, voor beide generaties, zegt hoofddocent geïntegreerde gezondheidszorg Jo-Pei Tan van de Manchester Metropolitan University. Ze is een van de weinigen in het Verenigd Koninkrijk die onderzoek doet naar intergenerationele zorg. „Bij ouderen verbetert hun emotionele welzijn, hun zelfvertrouwen en ze hebben meer het idee dat ze ertoe doen.”

Kinderen leren door het contact op een natuurlijke manier over ouderdom en hun empathisch vermogen neemt inderdaad toe, zegt Tan. Ook hun autonomie groeit. „Het cliché wil dat grootouders hun kleinkinderen verwennen. Maar als ze bijvoorbeeld aan de kinderen vragen wat die voor activiteit willen doen, is dat juist goed voor hun beslisvermogen.” Het maakt voor die positieve effecten niet uit of de ouderen en kinderen familie van elkaar zijn: „Het gaat vooral om de interactie en de emotionele verbinding.”

In Stockport lukt het leggen van zulke verbindingen soms wel en soms net niet. Bijvoorbeeld als de oudere bewoners klaarzitten met hun roze, gouden en groene pompons voor een danssessie met de dreumesen, de kinderen tussen één en twee jaar. Aan de grond genageld staren de peuters naar de grote televisie waar een liedje van de film Frozen op voorbijkomt. Zij kregen glittersjaaltjes, maar die hangen naar beneden. „Let it goooo!” De ouderen zwaaien wild met hun kleurige slierten, maar echt contact leggen de kinderen niet.

Pas als de begeleiders wat danspasjes voordoen, komen de kleintjes een beetje los. Daarna durven een paar kinderen de pompons op te halen bij de bewoners. „Tidy up time, tidy up time”, zingen de juffen. Achteraf laat Alex Gowland hun evaluatieformulier zien; ze vult er op in dat bewegingen voordoen beter werkt dan een scherm.

De ouderen vonden het alsnog een fijn verzetje. De kinderen zijn „just lovely”, zegt bewoner Margaret Crebbin. „Als je dan toch in een verzorgingshuis moet zitten, dan hier.”

Links: Alex Gowland, coördinator van het intergenerationele programma; Rechts: directeur Laura Claffey en dochter Louise Claffey, van communicatie.

Ouderen als ‘last’

Ondanks de voordelen zijn instellingen met intergenerationele zorg op één hand te tellen in het VK. Twee systemen botsen op elkaar, vertelt Jo-Pei Tan. „De veiligheidsvoorschriften en toezichteisen voor onderwijs en de gezondheidszorg zijn totaal verschillend. Je moet wel heel gemotiveerd zijn om dat te doorbreken.” Er is vooral veel staf voor nodig, want beide groepen hebben hun eigen begeleiders. Het maakt intergenerationele zorg duur.

Zo’n kleinschalige kinderopvang als die van hen kan niet uit, zegt Louise Claffey. Ze compenseren het verlies met de inkomsten van het verzorgingshuis. „Om winst te maken zou je honderden kinderen opvang moeten bieden.” Vijf doordeweekse dagen kinderopvang kost bij Fernbees 375 pond (ongeveer 435 euro), dat is iets meer dan gemiddeld in Manchester. Een kamer in het verzorgingshuis kost meer dan vier keer zo veel, 1.600 pond (ongeveer 1.850 euro) per week. Dat is inclusief alle maaltijden en ook ’s nachts zorg en toezicht.

Jo-Pei Tan vindt dat de Britse overheid subsidie moet geven aan instellingen om te experimenteren met intergenerationele zorg. Al is het onwaarschijnlijk dat zoiets ervan komt, erkent ze. „Britten hebben een complexe verstandhouding met ouderen. Ze worden vaak neergezet als last. Als een tikkende tijdbom, omdat het er steeds meer worden en de kosten aan gezondheidszorg zo sterk toenemen.”

Gemeenten zijn in Engeland verantwoordelijk voor ouderenzorg en hun criteria om in aanmerking te komen voor financiële hulp zijn de afgelopen jaren strenger geworden. De meeste verzorgingshuizen zijn privaat en ouderen die meer dan 23.250 pond (bijna 27.000 euro) aan eigen vermogen hebben, moeten zelf aan hun verblijf meebetalen. Anders dan bij de gratis ‘algemene’ gezondheidszorg in het VK. Politieke plannen om die vermogenseis voor ouderenzorg te verzachten, worden al jaren uitgesteld. Te duur.

Aan het einde van de dag druppelen ouders bij de opvang binnen om hun kinderen op te halen. Nathan heeft twee kinderen bij Fernbees, zijn dochter van vier jaar en een zoon van twee. Hun achternaam houdt hij liever privé, die is wel bekend bij de redactie. Toen ze op zoek gingen naar opvang voor hun dochter was Fernbees net open: „Het was een gok, er zaten hier pas een paar kinderen. Maar we zijn enorm blij met hoe het is uitgepakt.” Zowel zijn eigen ouders als die van zijn vrouw wonen niet in de buurt, dus de opvang is voor hun kinderen een mooie gelegenheid toch met ouderen in contact te komen.

Vorig jaar was er een zomerrommelmarkt waar ouders mochten langskomen. Nathan stond versteld van de vriendschappen die zijn dochter had opgebouwd: „Allerlei bewoners zeiden haar gedag, zij zwaaide en kletste met hen. Het was ontzettend lief om te zien. Ik had geen idee van al die banden die ze hier heeft.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Zorg

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next