Chris Kraus In plaats van een roman over interessante intellectuelen en dwarse kunstenaars schreef ze een true crime-verhaal, waarin de hoofdpersoon wel heel erg samenvalt met de schrijfster zelf. Toch zit Kraus haar onderwerp niet in de weg.
Op dinsdag 8 januari 2019 leest schrijver Catt Greene in de krant over een opzienbarende moord in de Iron Range, een voormalig mijngebied in Minnesota. Drie jongeren hebben een man van drieëndertig vermoord, leest Catt, door hem twee keer in het gezicht te schieten en hem vervolgens in de berm te dumpen. Het slachtoffer, Brandon, had betaald voor seks met een van de daders, Brittney, en Brittneys jaloerse vriendje wilde hem daarvoor straffen. Maar de moord lijkt niet met voorbedachten rade te zijn uitgevoerd. De vier brachten eerst samen de dag door, schrijft het krantenartikel.
Chris Kraus: The Four Spent the Day Together. Scribe, 308 blz. €22,95
Catt – het alter ego van schrijver Chris Kraus – is direct gefascineerd door het verhaal, en vooral door dat laatste zinnetje. Ze bezit een romantisch, authentiek buitenhuisje op slechts twintig mijl van het stadje waar het drama plaatsvond, in het noorden van de Verenigde Staten. Catt kent de streek goed, maar de omgeving van haar schrijfhuisje is een totaal andere wereld dan het door drugs en werkeloosheid geteisterde Harding, de plaats delict. Ze heeft direct allerlei vragen. Waarom brachten daders en slachtoffer samen de dag door? Wat spookten de vier de hele dag uit, waar praatten ze over, hoe leven jonge mensen van nu in een kansloos stadje in Minnesota? Was er drugs in het spel? Catt besluit het verhaal te onderzoeken, als een echte true crime-journalist.
The Four Spent the Day Together, de eerste roman van Chris Kraus sinds Summer of Hate in 2012, is alleen niet wat je verwacht van een ware true crime novel, één van de succesvolste genres van de laatste jaren. De crime mag dan true zijn; pas in het derde en laatste deel beschrijft Kraus de misdaad en de aanloop daar naartoe. De eerste twee delen van het boek gaan over Catt zelf, die vrijwel samenvalt met Chris Kraus (tot aan de titels van haar boeken aan toe), over haar ouders, en Catts huwelijk met de alcoholverslaafde Paul Garcia. Dat maakt The Four aanvankelijk tot een merkwaardig, wat onevenwichtig boek, gezien de verwachtingen die de titel en flaptekst hadden gewekt. Zit de schrijver haar onderwerp zo niet in de weg, is ze niet te veel met zichzelf bezig? Toch niet. Impliciet ontstaan allerlei verbanden tussen Catt en jeugddelinquent Brittney; Kraus spiegelt de twee aan elkaar zonder dat uit te leggen, ze legt overeenkomsten en diepe kloven bloot. Dan blijkt The Four een geniale en relevante roman, die het hedendaagse Amerika scherp in beeld brengt.
Catt, schrijft Kraus, heeft altijd over haar eigen leven geschreven. Ooit was Catt/Kraus een bestsellerauteur, dankzij het succes van de cultroman I Love Dick (in 2022 in het Nederlands verschenen met dezelfde titel). Dat brutale brievenboek over Kraus’ eenzijdige verliefdheid op een andere man (genaamd Dick) dan haar echtgenoot, verscheen in 1997 in bescheiden oplage, maar werd tien jaar later herontdekt door een groot (online) publiek van jonge feministen. Amazon Prime baseerde een gelijknamige tv-serie op het boek, en plots kende iedereen Chris Kraus.
Maar toen draaide de wind. Rond 2017 werd Catt/Kraus op Twitter aangevallen omdat ze een verloederd appartementencomplex in Albuquerque bezat, waarover ze openhartig schreef in Summer of Hate. „Catt Greene is een huisbaas, geen schrijver”, twitterde iemand. „Een sloppenbaas”, reageerde een ander. In tijden van woningcrisis waren huisbazen het kwaad zelve. Kraus was niet meer dat coole feministische icoon, maar de elite, de bezittende klasse, oftewel, de verkeerde kant. En het was de tijd van Trump, de allergrootste bullebak van iedereen, die pesterij tot politiek verhief. Wat had het nog voor zin om boeken te schrijven, vroeg Catt zich af. En voor wie?
Het nieuwsbericht geeft Catt echter nieuwe schrijfzin. Ze mag dan een huisbaas zijn, meent ze, juist omdát ze zich dagelijks bezighoudt met lekkende kranen en verstopte wc’s in een buitenwijk staat ze dichterbij gewone mensen in het echte Amerika dan die wraakzuchtige linkse kunstenaars die Los Angeles aan het gentrificeren zijn. Maar blijkbaar nog niet dicht genoeg. Catt wil de afstand tussen haar en de daders van de moord op Brandon overbruggen, ze wil het Amerika van vandaag werkelijk begrijpen.
Om dat te kunnen doen kiest ze er niet voor om zo goed mogelijk te assimileren in Harding, als een vlieg op de muur, in de hoop iets van dat echte Amerika te begrijpen. Kraus’ literaire ingreep in The Four Spent the Day Together is om haar eigen leven te spiegelen aan dat van de hoofdrolspeelster in de misdaad, Brittney.
Net als Brittney groeit Catt op in een verarmd arbeidersmilieu, al is Catts opvoeding gedrenkt in literatuur, en heeft Brittney geen toegang tot boeken. Net als Brittney was Catt als kind een weirdo, een buitenstaander, een wildebras die niet lijkt te passen in de wereld waarin ze geworpen is. Catt hunkert naar avontuur, ze lift stiekem in haar eentje de hele staat door, experimenteert met drugs en seks. Ook zij wordt gepest, net als Britt. Het zijn de tijden van de Black Panther-beweging, van sociale onrust en aanhoudende protesten, die haar leeftijdsgenoten en zij via de tv leren kennen. Catts klasgenoten staan op een dag ook met spandoeken en leuzen op Catts stoep, maar in plaats van „Black Power”, schreeuwen de tieners „Catherine Greene Sucks” en „Greene Get Out Now!”.
Brittneys toekomst, ondanks haar intense karakter en borrelende creativiteit, lijkt kansloos. Bijna iedereen om haar heen raakt verslaafd aan crystal meth, en de weinige banen die er zijn voor mensen zonder een goed diploma leveren niet genoeg op voor de hoge huren van vandaag. Voor meisjes als Brittney zijn er weinig andere opties dan zich via social media als sekswerker aan te bieden. Catt weet zich daarentegen te ontworstelen aan haar milieu. Kraus laat zien dat dat niet alleen te danken is aan haar stel goede hersens. Amerika lijkt vandaag gewelddadiger, grimmiger, uitzichtlozer dan de wereld waarin zij opgroeide. Een detective in Harding vertelt Catt dat er bij alle moorden en geweldsdaden die hij op zijn pad krijgt drugs in het spel is.
Catt begrijpt hoe het haast onmogelijk is om uit de klauwen van verslaving te komen in het Amerikaanse justitiesysteem. In een derde verhaallijn beschrijft ze de worstelingen in haar huwelijk met Paul Garcia, een ex-alcoholverslaafde met een strafblad, die ze leert kennen wanneer hij bij haar solliciteert voor de functie van vastgoedbeheerder. Zonder de financiële hulp van Catts ex-man komt hij bijna niet uit de financiële strop die justitie hem oplegt, zoals de verplichte dure blaastest in zijn auto, die hij nodig heeft om naar zijn slecht betaalde, mentaal zware werk te kunnen gaan. Uit wanhoop gaat Paul weer drinken, en zo slingert hij heen en weer, tussen fles, justitie, en de verwoede pogingen tot een normaal leven.
Met haar nieuwe roman beweegt Kraus steeds verder van haar eerdere werk af, dat bevolkt werd door interessante intellectuelen en dwarse kunstenaars. In The Four is haar blik strikt materialistisch. We lezen weinig over Catts of Brittneys innerlijk leven. De vertelling – ‘verhaal’ dekt de lading niet – is een haast feitelijke aaneenschakeling van gebeurtenissen, nieuwsberichten, reizen, zakelijke transacties. Saai is dat niet; de stijl versterkt het ontnuchterende effect van het tijdsbeeld in de roman. The Four Spent the Day Together is kil, grimmig, maar, voor wie tussen de regels leest, niet zonder onderkoelde humor.
Zo begint elk van de drie delen met een beschrijving van vastgoed. Vastgoed is hier de deur naar de wereld daarbuiten, de sleutel die de kunstenaarsbubbel doorbreekt. Zonder triomfantelijkheid maakt Chris Kraus van ‘huisbaas’ een geuzennaam.
Het laatste boekennieuws met onze recensies, de interessantste artikelen en interviews