Home

Van de peeskamer naar de politiek: wie is het nieuwe Amsterdamse raadslid Pim van Burk?

De Amsterdamse gemeenteraad is een kleurrijk raadslid rijker: Pim van Burk. De raamexploitant, bekend van Bij ons op de Wallen, zal namens Volt meepraten over (bijna) alles. ‘Als inwoner van de binnenstad sta ik met mijn poten in de modder, of beter gezegd, in het straatvuil.’

is regioverslaggever van de Volkskrant in Amsterdam en omstreken.

Wie een artikel over Pim van Burk schrijft, heeft aan allitererende woordgrapjes geen gebrek. Als ‘bovenbuurman rolde hij het bordeel’ in, en nu gaat hij ‘van de peeskamer naar de politiek’. Of anders gezegd: ‘van sekswerk naar de Stopera, van raamexploitant tot raadslid’. Hij is zelf de eerste om de alliteraties aan te dragen.

Woensdag werd raamexploitant Van Burk (41) voor Volt geïnstalleerd in de Amsterdamse gemeenteraad. Met zijn komst is de lokale politiek een opvallende nieuwkomer rijker.

‘Hij voldoet niet aan het stereotiepe beeld van een raamexploitant’, zegt Janny Alberts. Ze was tot voor kort directeur van NV Zeedijk, een organisatie die monumentale panden beheert en tegen verloedering strijdt op de Amsterdamse Wallen. Afgelopen jaren kwam ze Van Burk steeds vaker tegen, in het voorbijgaan of tijdens buurtoverleggen. ‘Hij was altijd in gesprek, over de buurt, over de straat. Op zeker moment dacht ik: wie is dit? Want wat hij zegt, snijdt hout. Hij heeft een stem die dwingt dat je naar hem luistert.’

Rommelige loopbaan

Van Burk werd geboren in Wadenoijen; na een studie rechten in Leiden gaat hij op de Zuidas aan de slag als headhunter. Zelf omschrijft hij zijn loopbaan als rommelig. In 2018 probeert hij voor zichzelf te beginnen, werkt hij een tijdje als barman bij homocafé The Queen’s Head in Amsterdam en coördineert hij bij de Regenbooggroep een noodopvang voor jonge, dakloze lhbti’ers.

Het is in die periode dat hij als bovenbuurman aan de praat raakt met Consuelo, een Dominicaanse sekswerker van in de 70. ‘Ik ging geregeld even naar de supermarkt. Dan nam ik een pakje sigaretten voor haar mee.’ Via haar komt hij in contact met het stichtingsbestuur van My Red Light, het Amsterdamse gemeentebordeel dat in 2016 begon als een idealistisch project van wijlen burgemeester Eberhard van der Laan en gerund werd door de sekswerkers zelf.

‘Ik woonde boven hun ramen, toen er een keer lekkage was in het trappenhuis vroeg iemand van het stichtingsbestuur: wil jij niet een beetje toezicht houden’, zegt Van Burk, die zelf homoseksueel is en daarom denkt dat sekswerkers hem eerder vertrouwen. ‘Dat vond ik chill, in die periode was ik toch veel thuis.’

Moderne opvatting over sekswerk

Van het één komt het ander. In 2019 gaat hij officieel aan de slag als manager bij My Red Light. Als het gemeentebordeel twee jaar later roemloos ten onder gaat, wordt Van Burk benaderd om de raamexploitatie, samen met een zakenpartner, over te nemen.

HIj begint met veertien ramen in de Boomsteeg, inmiddels zijn daar zeventien werkplekken bij gekomen op Oudezijds Achterburgwal, in de Bloedstraat en Molensteeg. Zijn huurders zijn voornamelijk vrouwen, en een enkele man. Overdag betalen ze 115 euro voor een peeskamer, ’s avonds en ’s nachts geldt het dubbele tarief. ‘Voordat de sekswerkers hier mogen huren, houden we een IND-achtig gesprek. We moeten voorkomen dat slachtoffers van mensenhandel een raam huren. Dus ik wil alles weten, ook hoe de situatie thuis is’, zegt hij daarover.

Zijn manier van werken is wat burgemeester Halsema betreft een voorbeeld van hoe het zou moeten in een sector die vatbaar is voor misdaad en uitbuiting. ‘Hij is ter goeder trouw, geëmancipeerd en heeft een moderne opvatting over wat sekswerk is’, zei Halsema vorig jaar over hem in de podcast Bureau Warmoesstraat.

Een bekende verschijning

Op de Wallen is Van Burk inmiddels dan ook een bekende verschijning. ‘Hij is geen roeptoeter, hij is echt in de rol gegroeid’, zegt Janny Alberts, die hem waardeert omdat hij opkomt voor de rechten van sekswerkers. ‘Hij kijkt ook breder naar de belangen van de buurt, naar wat een goede balans is tussen wonen, werken en vertier.’

Zo denkt ook wijkagent Marcel Rijkeboer erover. ‘Hij is verfrissend, denkt buiten de kaders om problemen op te lossen.’ Zo huurde Van Burk vorig jaar samen met buurtgenoten een hond die oogde als drugshond. Op deze manier wilden ze overlastgevende drugsdealers verjagen. Met succes: blafte de hond, weg waren de dealers.

Van Burks stap naar de gemeenteraad is wat wijkagent Rijkeboer betreft dan ook logisch. ‘Hij kan ook goed kletsen, krijgt dingen voor elkaar.’

Binnenstad positief op de kaart

Het idee hiervoor ontstond tweeënhalf jaar geleden toen de raamexploitant een vergadering van de stadsdeelcommissie bezocht. ‘Ik zag daar mensen zitten die geen flauw benul hadden van sekswerk, en op basis van hun onderbuik slecht geïnformeerde besluiten namen’, zegt hij. ‘Ik begon te rekenen: zoveel stemmen heb je niet nodig om in een stadsdeelcommissie te komen. Ik dacht: dát lijkt me wel wat.’

Hij was al eerder lid geworden van Volt, en na gesprekken met lijsttrekker Juliet Broersen besloot hij hoger te mikken dan het stadsdeel. ‘Ik zocht een verbinder’, zegt Broersen. ‘Pim weet wat er speelt, zet de binnenstad op een positieve manier op de kaart en is duidelijk als hij een probleem aankaart.’

Toch zal Van Burk zich in de gemeenteraad niet over alles uitspreken. Om belangenverstrengeling te voorkomen, zal de raamexploitant zwijgen over alles wat zijn sector raakt. ‘Maar er zijn genoeg andere onderwerpen waar ik me ook druk over maak’, zegt hij. ‘De rechten en vrijheden van de queer gemeenschap staan onder druk. Net als die van andere minderheden. En ik kan niet wachten tot ik me in het vuilnis-debat mag mengen. Als inwoner van de binnenstad sta ik met mijn poten in de modder, of beter gezegd: met mijn poten in het straatvuil.’

Vanaf het najaar is Van Burk weer te zien in het derde seizoen van de realityserie Bij ons op de Wallen (BNNVara) over bewoners, ondernemers en bezoekers van de Amsterdamse Wallen.

In 2024 spanden bewoners in het Wallengebied een kort geding aan tegen de komst van een tijdelijke daklozenopvang. Onder leiding van Van Burk kwam een andere groep bewoners juist in verzet tégen dit verzet. ‘Wij willen daklozen niet letterlijk en figuurlijk in de kou laten staan’, schreef hij destijds in Het Parool.

Sinds kort is Van Burk ook een van de uitbaters van het Paleis van de Weemoed. In dit roemrijke theaterrestaurant worden dragshows, burleske voorstellingen en bingoavonden georganiseerd.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next