Een hoofdpersonage met synesthesie (het neurologische verschijnsel waarbij bijvoorbeeld cijfers een kleur krijgen): dat belooft wat. Maar wie een bonte expressie van zintuiglijke botsingen verwacht, komt van een koude kermis thuis.
schrijft voor de Volkskrant over film.
Toen Lionel nog een kind was, in het Kentucky van 1910, dacht hij dat iederéén geluiden kon zien. Hij wist precies in welke noot zijn moeder hoestte, in welke toonhoogte de kikkers in de lente kwaakten. Geluid had voor hem zelfs een smaak. ‘B-mineur is bitter’, zegt de stem van de bejaarde Lionel, terugblikkend op zijn leven, in de idyllische openingsscène van liefdesdrama The History of Sound.
Dat belooft wat, zo’n hoofdpersonage met synesthesie, een neurologisch verschijnsel waarbij bijvoorbeeld cijfers een kleur krijgen en muziek kan worden geproefd.
Wie een bonte expressie van zintuiglijke botsingen verwacht, komt van een koude kermis thuis. De Zuid-Afrikaanse regisseur Oliver Hermanus (42) houdt van het understatement. Na onder meer zijn fraaie verbeelding van onderdrukte seksualiteit van twee soldaten tijdens het apartheidsregime in Moffie (2019), en van verfijnde melancholie omtrent een stervende ambtenaar in de Ikiru-remake Living (2022), schenkt hij zijn publiek in The History of Sound het volste vertrouwen om het onzichtbare eigenhandig zichtbaar te maken.
Eenmaal in de twintig verruilt Lionel (dan gespeeld door Paul Mescal) de boerderij in Kentucky voor het conservatorium in Boston. In het café stapt hij voorzichtig af op de zelfverzekerde David (Josh O’Connor), die achter de piano zomaar een lied van Lionels platteland zingt. De aantrekkingskracht is overduidelijk.
Tegenover Lionels muzikale gevoeligheid – Mescal laat hem zingen met de ogen dicht – staat Davids ontzagwekkende muziekkennis. Dankzij zijn fotografische geheugen kent hij zeker duizend liedjes uit zijn hoofd die hij heeft opgedaan tijdens zijn folkliedjesverzameltochten. Die bestonden echt: vanaf de eerste helft van de 20ste eeuw werd muziek, die daarvoor enkel mond op mond werd doorgegeven, met provisorische opnameapparatuur vastgelegd. Een mooi gegeven om nadrukkelijk aan de liefde te verbinden.
Mescal en O’Connor, vertegenwoordigers van een nieuwe generatie steracteurs, mogen veel zwijgen om hun verder verrassend onproblematische liefde te etaleren. Oók tijdens de levensbepalende liedjesverzameltocht waarvoor David Lionel uitnodigt.
Het energiepeil van The History of Sound ligt daardoor laag. Er hangt toch ook een deken van droefenis over hun samenzijn. Mooi gedaan, en een logisch gevolg van een film die kijkt met de blik van de bejaarde Lionel op deze periode uit zijn leven, maar het is wel een blik die de kijker op afstand houdt.
Pas tijdens de gevoelige epiloog vindt Hermanus, een beetje laat, een manier om die afstand te overbruggen.
Drama
★★★☆☆
Regie Oliver Hermanus
Met Paul Mescal, Josh O’Connor, Molly Price, Chris Cooper
128 min, in 45 zalen.