Home

Opinie: Nederland blijft prioriteit geven aan gendernormen die mannen volledig uitsluiten

In het huidige Nederlandse klimaat is de discussie over gendernormen verworden tot een soort spiekbriefje om seksueel grensoverschrijdend gedrag te stoppen. Ten koste van mannen die óók op grote schaal slachtoffer zijn van huiselijk en seksueel geweld.

De afgelopen jaren heeft Nederland een noodzakelijke rekenschap afgelegd op het gebied van seksueel geweld. Wat begon met onthullingen over seksueel wangedrag, mede bij The Voice of Holland, groeide uit tot een Nationaal Actieprogramma (NAP) en discussies over psychisch geweld, fatale gevolgen en de aanpak van daderschap.

Toch klinkt er door dit alles heen een zachte echo van een onderbelichte groep die snakt naar erkenning en inclusie: de vergeten derde.

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is een op de drie slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag een man. Onderzoek toont aan dat deze mannen te maken hebben met specifieke, hoge drempels bij het zoeken naar hulp; zij hebben behoefte aan genderspecifieke ondersteuning, maar kampen met een extreem lage meldingsbereidheid. Deze onzichtbaarheid heeft ertoe geleid dat het nationale debat bijna volledig is vernauwd tot (seksueel) geweld tegen vrouwen en meisjes.

Over de auteur

Thomas Garrod-Pullar is ervaringsdeskundige en directeur van MenAsWell, de Nederlandse stichting van mannelijke en queer slachtoffers van seksueel geweld.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Hiërarchie

Als homoseksuele man heb ik zelf de nodige ongewenste ervaringen met mannen meegemaakt. Mijn geschiedenis is echter niet eendimensionaal. Als kind werd ik door een verpleegkundige – een vriendin van de familie – herhaaldelijk overgehaald om mijn geslachtsdeel aan haar te tonen. Deze ervaringen hebben mijn leven gevormd, maar worden in het publieke debat in een hiërarchie geplaatst als ‘minder belangrijk’, simpelweg omdat ze niet passen binnen de ‘heilige’ piramide van gendergerelateerd geweld.

In het huidige Nederlandse klimaat is de discussie over gendernormen verworden tot een soort spiekbriefje om seksueel geweld te stoppen. Men wil ons doen geloven dat deze piramide alles verklaart, terwijl de meest fatale gevolgen van geweld – zoals suïcide – weinig aandacht krijgen. Waarom? Wellicht omdat twee derde van de zelfdodingen in Nederland mannen betreft; een realiteit die niet strookt met het heersende narratief.

Deze piramide en het onderliggende Duluth-model daarvan verklaren echter niet ‘alles’. Ze doen geen recht aan de ervaringen van mannen en bieden een foutieve diagnose van de werkelijke oorzaken van geweld. In 1999 nam de bedenker van het Duluth-model, Ellen Pence, nota bene zelf afstand van haar raamwerk. Ze noemde het model gender-uitsluitend en een ‘miskenning van de waarheid’.

Federaal loket

Wanneer een model zo eenzijdig is dat de grondlegger zelf de tekortkomingen ervan adresseert, worden die inzichten normaal gesproken geïntegreerd in nieuw beleid. Landen als het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten zijn dan ook van dit model afgestapt, en Duitsland heeft inmiddels een federaal loket voor mannelijke slachtoffers van geweld geopend. Nederland is echter stug blijven vasthouden aan het idee dat alle geweld voortkomt uit gendernormen en dat de kern altijd bij mannelijkheid ligt. Dat is, in de woorden van Pence, ronduit onoprecht.

Maatschappelijke verandering moet gebaseerd zijn op feiten, niet op ideologie. Toch blijft Nederland prioriteit geven aan gendernormen die mannen volledig uitsluiten. Toen ik onlangs door Amsterdam liep en de posters van Oxfam Novib zag met de tekst ‘Niet alle mannen, maar altijd een man’, werd ik er pijnlijk aan herinnerd dat ‘feiten’ soms minder zwaar wegen dan ideologische soundbites. De campagne riep terecht veel weerstand op: de ervaringen van mannen, en die van veel lhbti-personen onder wie lesbische en biseksuele vrouwen, werden gewist ten gunste van een slogan.

Dergelijke soundbites leiden tot gepolariseerd beleid. Waar het vorige NAP mannen mannelijke slachtoffers nog (in theorie) includeerde, sluit het nieuwe programma hen volledig uit door de focus te leggen op vrouwen en meisjes. Dit is niet alleen een falen van evidence-based beleid, maar een directe schending van het principe van universele bescherming. Simpel gezegd: het is onrechtmatig om mannen uit te sluiten, maar het is wel het directe gevolg van deze ideologische polarisatie.

Laten we eerlijk zijn over de feiten:

1. 70 procent van de aanvragen voor herstelbetalingen door slachtoffers van seksueel geweld in Oekraïne, is ingediend door mannen. Diverse organisaties proberen deze data te herkaderen, omdat de waarheid ongemakkelijk is.

2. Hoewel 35 procent van de slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag man is, meldt slechts 11 procent zich bij een Centrum Seksueel Geweld (CSG). Dit legt een enorme kloof bloot in de hulpverlening.

3. De grondwet, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en het Verdrag van Istanbul eisen de evenredige inclusie van mannen. Een specifiek actieplan voor mannelijke slachtoffers is geen morele gunst, maar een wettelijke vereiste.

Geweldspatronen

Het helpen van mannen leidt niet alleen tot een ‘gelukkigere mannelijke partner’. Het draagt ook bij aan het structureel doorbreken van geweldspatronen en stopt generatieoverstijgende trauma’s. Dit maakt de samenleving uiteindelijk ook voor vrouwen en meisjes veiliger. Door mannen te negeren, ontnemen we onszelf de kans om geweld echt uit te bannen.

Het vasthouden aan het Duluth-model versterkt juist de genderstereotypen die we zeggen te bestrijden: de mythe dat mannen geen slachtoffer kunnen zijn en vrouwen geen dader. In werkelijkheid is geweld complexer dan een zucht naar macht. Zoals Louis Theroux in zijn Netflix-documentaire The Manosphere recentelijk liet zien, handelen veel mannen niet uit dominantie, maar vanuit een wanhopige zoektocht naar verbondenheid.

Zolang we een achterhaald sociaal model gebruiken om onze samenleving in te richten, blijven we menselijke ervaringen in hokjes duwen. Het categoriseren van trauma leidt alleen maar tot meer leed, omdat het de erkenning blokkeert die nodig is voor herstel. Dat helpt niemand, maakt niemand veiliger en is allesbehalve inclusief.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next