Eindhoven zag dinsdag een uitstekend elftal voetballen, maar helaas voor het thuispubliek was dat Ecuador. Dat Oranje het duel met tien man op 1-1 hield, was de enige meevaller.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
In de categorie bizarre oefenduels van Oranje gaat de wedstrijd tegen Ecuador, gespeeld op de avond voor 1 april, de geschiedenis in als een serieuze nominatie voor de top tien. De snelle rode kaart van Denzel Dumfries in de twaalfde minuut, bij de stand 1-0, maakte het duel op slag waardeloos als oefenduel zoals bondscoach Ronald Koeman het had bedacht. Nederland kon van geluk spreken dat Ecuador doorgaans moeilijk scoort.
Afgezien van de toenemende wil om de schade beperkt te houden, was het qua voetbal droevig gesteld met Oranje. Afgetroefd, vrijwel overal op het veld. Technisch en fysiek overklast, maar ook totaal geen rust aan de bal getoond. Nooit eens vijf of zes keer achter elkaar naar de goede kleur gespeeld. Dat is waarop de hoop dan is gevestigd, met een mannetje minder. Technisch of tactisch overwicht. Het ontbrak allebei.
Heb je twee oefenduels in maart, is er eentje vrijwel verpest. Vanaf minuut dertien was het vooral nog een kwestie van tegenhouden voor Nederland. Maar wie weet blijkt deze mentale proef uiteindelijk leerzamer dan een normaal oefenduel met tal van spelers die op het WK toch niet in de basisploeg zullen staan, tegen in eerste instantie Japan, Zweden en Tunesië. In die zin was het misschien een goede test: weten dat aanvallend nog maar weinig mogelijk was, dat tien mannen in flitsend tenue het werk moesten doen van elf, en dat de tegenstander gemotiveerd was tot op het bot.
De scheidsrechter, de Duitser Sascha Stegemann, liet veel toe en had weinig op met vals sentiment. Makkelijk vallen, van Xavi Simons of een ander, wuifde hij weg. Bij een van de weinige keren dat Oranje na rust gevaarlijk over de middenlijn kwam, blesseerde Brian Brobbey de doelman van de tegenstander, Gonzalo Valle, mede omdat hij het duel nogal fors aanging. Op het moment dat de brancard onderweg was voor Valle, deed het publiek de wave. Zo’n wedstrijd dus, waarin vrijwel niets bij elkaar paste.
Bij Nederland viel Jeremie Frimpong uit, ongeveer een kwartier nadat hij was ingevallen. Nederland ging na rust met zogenoemde wingbacks spelen, met vijf verdedigers, maar eigenlijk verdedigde iedereen, en leefde het publiek één keer op tijdens een uitbraak via Brobbey.
De KNVB wilde zware tegenstanders in maart, minder dan drie maanden voor de start van het WK. Noorwegen dus, al was die ploeg afgelopen vrijdag zonder Erling Haaland. Plus Ecuador. Al zestien duels ongeslagen, tot dinsdag. Als tweede geëindigd in de Zuid-Amerikaanse kwalificatiegroep, achter wereldkampioen Argentinië. Ecuador is hard en goed. Oefenvoetbal, dat doen tegenstanders maar in hun eigen tijd, maar niet tegen Ecuador. Goede spelers, technisch begaafd, kneiterhard, een trainer die de aanval zoekt.
Ecuador is zo’n land dat de groei van het voetbal weergeeft in een wereld waarin Nederland nog best goed kan zijn, maar niet per se toonaangevend. Bondscoach Sebastian Beccacece, die een broer kon zijn van voormalig topspeler Claudio Caniggia, is een leerling van Jorge Sampaoli, en die is weer geïnspireerd door Marcelo Bielsa. Mannen die houden van lopen, van druk zetten, overal op het veld, van lef. Ecuador was vroeger vooral stug en defensief, maar heeft een heerlijke injectie van aanvalskracht gekregen. Ja, daar gaan Duitsland, Ivoorkust en Curaçao iets mee te stellen krijgen op het WK.
En het was zo mooi begonnen voor Oranje, met zeven andere basisspelers dan afgelopen vrijdag tegen de Noren, en een fantastisch doelpunt, al was het laatste tikje van verdediger Willian Pacho. De aanval begon bij doelman Flekken en ging via Jerdy Schouten, Stefan de Vrij, Donyell Malen, Xavi Simons en Cody Gakpo, tot bij de ongelukkige aanraking van Pacho. De wedstrijd begon als een spektakelstuk, met dat doelpunt, de schuiver van John Yeboah op de paal en het schot van ver van Malen, net uit het doel getikt door Gonzalo Valle.
En toen kwam dus die rode kaart voor Dumfries, die de doorgebroken Gonzalo Plata naar de grond trok. Dom. Oefenduel. 1-0 voor. Maar ja, het was een reflex, een reflex zoals een speler die ook kan hebben op het WK zelf. Plata vroeg ook om rood. Dat is voetbal in Zuid-Amerika. Wat nou oefenen. Jammer dan. Winnen. Koeman wisselde Malen, en dat was toch bevreemdend. Met tien man is het logisch de snelste te laten staan, en dat is Malen, die de diepte aanvalt en in elk geval twee man achterin zou houden. Lutsharel Geertruida bracht het aantal verdedigers weer op vier. Maar de afspraak was dat Brobbey in het tweede duel spits zou zijn en het was ook raar geweest om hem na twaalf minuten te wisselen.
Vanaf nu was het alleen nog tegenhouden. Het voetbal zelf leek nergens meer op, ook vanwege de soms schrijnende technische vaardigheid in de kleine ruimte. Geen balbezit, geen mooie aanvallen. Een test was het zeker voor bijvoorbeeld Stefan de Vrij en Nathan Aké, aan wie je ziet dat ze bij hun clubs weinig ritme opdoen. Brobbey was de eenzame strijder in de spits. En toch scoorde Ecuador slechts één keer, nadat de soms spectaculair keepende Flekken de doorbrekende Plata neerhaalde en routinier Enner Valencia de strafschop benutte. Het leek erop dat Oranje kansloos ging verliezen, maar het bleef 1-1.
Source: Volkskrant