De politieke worsteling in Nederland met radicaal- en extreemrechts is niet van vandaag of gisteren. In de nu openbare notulen van de ministerraad uit 2000 is Oostenrijk een terugkerend onderwerp.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.
Tijdens het tweede paarse kabinet vergaderde de ministerraad in 2000 meerdere malen over hoe om te gaan met de regeringsdeelname van de extreemrechtse FPÖ in Oostenrijk, blijkt uit dinsdag door het Nationaal Archief vrijgegeven notulen.
Op 28 januari stelt vicepremier Els Borst (Volksgezondheid, D66) de Oostenrijkse kabinetsformatie aan de orde. Tussen de conservatieve volkspartij ÖVP en de rechtsextremistische FPÖ van Jörg Haider zijn onderhandelingen begonnen. Roger van Boxtel (Integratie, D66) wijst zijn collega’s erop dat nota bene in Wenen het (toenmalige) Europees waarnemingscentrum voor racisme en vreemdelingenhaat is gevestigd.
Minister van Buitenlandse Zaken Jozias van Aartsen (VVD) antwoordt de ontwikkelingen ‘nauwlettend’ te volgen, maar vindt het prematuur er nu ‘publiekelijk een oordeel over te geven’. Premier Wim Kok (PvdA) denkt daar een slag anders over en kondigt aan dat hij in de wekelijkse persconferentie zijn ‘bezorgdheid’ zal uitspreken.
Een week later is het opnieuw Borst die om een toelichting vraagt. Die dag wordt de gevreesde coalitie in Oostenrijk beëdigd. De EU heeft sancties aangekondigd. Op regeringsniveau zullen landen bilateraal geen contacten onderhouden met Oostenrijk. Maar koningin Beatrix gaat niettemin, voor de 35ste keer, op skireis naar Lech. Daarover zijn in de media door enkele bewindspersonen ‘verschillende standpunten uitgedragen’, stelt Van Boxtel vast. ‘Spreker pleit voor het aanhouden van een eenduidige lijn’, noteert de secretaris van de ministerraad.
Beatrix vormt met de ministers de regering en onttrekt zich met haar reis aan deze beleidslijn. Kok antwoordt Van Boxtel zoals hij eerder vragen uit de Kamer heeft beantwoord: ‘Een persoonlijke keuze voor een vakantie in Oostenrijk moet niet worden beschouwd als een politieke daad.’ De notulen gaan er verder niet op in. Desgevraagd herinnert Van Boxtel zich dat de bewindslieden akkoord gingen met Koks formulering. ‘Het is op die manier afgeconcludeerd’, zegt Van Boxtel.
Ook op 11 en 18 februari staat Oostenrijk op de agenda, met name de niet-eenduidige toepassing van de sancties door de – toen – vijftien EU-landen. In mei bespreekt de ministerraad het niet-uitnodigen van de Oostenrijkse ambassadeur voor het jaarlijkse ambassadeursdiner van Beatrix. Na de zomer liggen de kaarten anders: de EU besluit de sancties op te heffen.
De Oostenrijkse coalitie strandde na twee jaar. ‘Maar het was een grote schok en raakte mijn portefeuille’, zegt Van Boxtel. ‘We kenden toen alleen Hans Janmaat, en Jean-Marie Le Pen in Frankrijk. Wat we nu om ons heen zien, is een déjà vu, alleen dieper en mondialer.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant