Rivierprikken planten zich na jarenlang handmatig overzetten succesvol voort op de Veluwe. De beestjes worden sinds 2019 jaarlijks overgezet naar het Veluwse beeksysteem zodat ze zich daar kunnen voortplanten. De vissoort is tegenwoordig zeldzaam in Nederland, maar bestaat al vele miljoenen jaren.
De rivierprik is een kaakloze vissoort die begint als een blinde larve in de bodem van rivieren en beken. Nadat ze hun 'pubertijd' bereiken krijgen ze een zuigmond met tandjes en trekken er op uit naar de zee. In het zoute zeewater leven ze als een parasiet op andere vissen en zodra ze hun buikje rond hebben gegeten trekken ze weer terug naar zoet water om zich voort te planten. Daar hebben ze overigens geen vaste locatie voor, ze volgen de feromonen van soortgenoten en aanverwante beekprikken om de beste paaiplaats te vinden.
In 2017 werd ontdekt dat rivierprikken via het Apeldoorns Kanaal optrekken tot in de Oude Grift bij Hattem, gelokt door feromonen van grote aantallen beekprikken stroomopwaarts. Daar stuiten ze echter op barrières zoals de Hezenbergerstuw en een waterkrachtcentrale. Sinds 2019 zet RAVON, samen met Waterschap Vallei en Veluwe en de provincie Gelderland, de dieren over zodat ze het Veluwse beeksysteem kunnen bereiken om te paaien.
Tegenwoordig proberen ze de rivierprik te helpen, vroeger werden ze echter voor tal van andere dingen gebruikt. Zo zijn ze eeuwenlang gebruikt als aas in de zeevisserij omdat ze relatief makkelijk wekenlang levend gehouden konden worden in zogenaamde prikkenbakken. En ietwat luguberder gebruiken was tijdens de Romeinse tijd waar ongehoorzame slaven in een bassin met prikken werden gegooid en langzaam werden leeggezogen tot ze stierven. Al moet dat verhaal mogelijk wel met een korreltje zout worden genomen, over de Romeinen doen nogal wat sterke verhalen de rondte tenslotte.
Fernando Losada Rodríguez (Wikimedia Commons)
Source: Fok frontpage