Home

Onvermoeibaar vocht Chan Santokhi (1959-2026) tegen de erfenis van Bouterse

Chan Santokhi kon tijdens de dictatuur van Desi Bouterse kiezen voor een veilig bestaan in Nederland. Maar hij keerde juist terug naar Suriname en werd als politieman, minister en president de belangrijkste opponent van Bouterse. Santokhi overleed maandag op 67-jarige leeftijd.

is verslaggever voor de Volkskrant

De zorgelijke blik waarmee Chan Santokhi op verkiezingsavond naar het televisiescherm keek, verraadde zijn stemming. Op 25 mei 2025 zag hij hoe zijn partij de verkiezingen verloor. Daar stond niet alleen een politicus die zijn functie verloor, maar ook iemand voor wie politiek steeds meer een roeping was geworden.

Dagen eerder had Santokhi nog gezegd dat hij het eindelijk begreep. ‘Alle uitdagingen in mijn jeugd. Al die keren dat ik boos ben geweest, al die keren dat ik moest huilen. Het heeft me voorbereid op het presidentschap. Ik ben voorbestemd. Er is maar één functie boven mij, en dat is God.’

Die overtuiging wortelde in zijn jeugd. Chandrikapersad (‘Chan’) Santokhi werd in 1959 geboren in Lelydorp, een plattelandsdorp in de buurt van Paramaribo. Hij is het jongste kind in een hindoeïstisch gezin van negen. Zijn vader is landbouwer en havenarbeider, zijn moeder werkt als bediende in een supermarkt.

Na zijn vwo krijgt hij een beurs om te studeren aan de Nederlandse Politieacademie in Apeldoorn. Hij staat bekend als een slimme en hardwerkende student, herinnert klasgenoot Lieke Sievers (66) zich. ‘Hij viel goed in de groep vanwege zijn humor en de geintjes die hij met de jongens uithaalde.’

Terwijl er in Apeldoorn wordt gestudeerd en gesport, wordt Paramaribo opgeschrikt door een staatsgreep. Een groep militairen onder leiding van sergeant Desi Bouterse zet de regering af; Suriname verandert in een militaire dictatuur.

Vanwege de onrust en onzekerheid proberen sommige Surinamers naar Nederland te komen. Maar Santokhi keert terug in de zomer van 1982, slechts enkele maanden voor de Decembermoorden, waarbij Bouterse vijftien politieke tegenstanders laat martelen en executeren. De rechtsstaat moest worden hersteld, zal hij er later over zeggen, ‘en ik wilde mijn bijdrage daaraan leveren.’

Onverschrokken crimefighter

Santokhi begint als inspecteur op bureau Geyersvlijt in Paramaribo en valt direct op vanwege zijn discipline, zegt voormalig collega Armand van der San (83). ‘Hij hield zich nauwkeurig aan de aanwijzingen, nam initiatief. Je kon zien dat hij hogerop wilde komen.’

Hij maakt rap carrière en eindigt als baas van de justitiële dienst. In die rol leidt hij vanaf 2000 het onderzoek naar de Decembermoorden, waarvan Bouterse de hoofdverdachte is.

Ook in bestuurlijke kringen valt de naam van Santokhi steeds vaker. Naar verluidt is hij tweemaal eerder gepolst voor een ministerschap en in 2005, op 46-jarige leeftijd, komt hij voor de derde keer bovendrijven. Ditmaal gaat Santokhi overstag: hij trekt het uniform uit en wordt minister van Justitie en Politie.

Hij komt te boek te staan als onverschrokken crimefighter en populair politicus. Suriname kampte volgens politiemedewerker Van der San nog altijd met de naweeën van de militaire dictatuur. De dictatuur was weliswaar al lang voorbij, maar Bouterse is niet van het toneel verdwenen. Via zijn partij NDP houdt hij grote politieke invloed.

Santokhi versterkt het politieapparaat, waardoor de criminaliteit daalt. Hij treedt hard op tegen drugscriminaliteit en zorgt dat het onderzoek naar de Decembermoorden blijft doorgaan. Het levert hem de bijnaam ‘de sheriff’ op.

Bedreigingen

Vanwege dreiging uit het drugsmilieu en aanhangers van Bouterse geldt Santokhi als de meest bedreigde man van het land. Hij wordt continu bewaakt, werken doet hij vanuit een werkkamer die wordt vergeleken met een bunker, met gepantserde ramen en tralies. Uit Amerikaanse ambtsberichten, die later via WikiLeaks zullen uitlekken, blijkt dat Bouterse samen met een Guyanese drugsbaron een plan beraamde om Santokhi te liquideren.

Vanaf 2010 kunnen de mannen niet langer om elkaar heen. Bouterse wordt president, Santokhi kort daarna partijleider van de VHP. Ze zijn al jaren gezworen vijanden, nu verplaatst de rivaliteit zich naar de politieke arena. Tijdens de verkiezingen van 2015 probeert Santokhi hem te verslaan, tevergeefs.

In 2020 staan de mannen opnieuw tegenover elkaar, en ditmaal wint Santokhi de krachtmeting. Hij heeft zijn partij VHP opengebroken. De Surinaamse bevolking bestaat uit nazaten van mensen uit onder meer Afrika (creolen), India (Hindostanen) en Indonesië (Javanen). De VHP zet steeds meer kandidaten van allerlei kleuren en etniciteiten op de lijst. Het levert de grootste verkiezingswinst in de partijgeschiedenis op: 20 van de in totaal 51 parlementszetels.

Economische crisis

Maar de jubelstemming is van korte duur. Zodra Santokhi zijn intrek neemt in het presidentieel paleis, blijkt hoe zwaar de Surinaamse staatsfinanciën zijn belast. De nieuw aangetreden regering komt zelfs geld tekort om de ambtenarensalarissen te betalen.

De economische crisis, verergerd door de coronapandemie, noopt Santokhi tot harde maatregelen. Zijn regering gaat in zee met het Internationaal Monetair Fonds, dat bereid is Suriname geld te lenen, mits het stevig bezuinigt. Santokhi moet binnen afzienbare tijd subsidies op benzine, elektriciteit en gas afbouwen – vaak subsidies en voordelen die onder Bouterse waren ingevoerd.

De saneringsrondes maken hem zeer impopulair onder grote delen van de bevolking, zag VHP-minister Krishna Mathoera. ‘Wij hebben puin geruimd, maar de samenleving wilde dat niet horen. Die wilde het voelen in de portemonnee. Dat is terecht, maar het duurt even voordat je het geld terug kan geven.’

Wat niet helpt, is dat hij zijn vrouw benoemt tot commissaris bij het Surinaamse staatsoliebedrijf. Een besluit dat hij na kritiek terugdraait, maar het beeld van nepotisme blijft hardnekkig aan hem kleven.

Zelf hoopt Santokhi desondanks dat hij bij de verkiezingen van 2025 opnieuw de grootste wordt. Zijn rivaal Bouterse is dan al overleden, en hij ziet verder geen ‘serieuze tegenstander’, zei hij tegen deze krant. ‘Ik ga niet verliezen. Ik heb een missie en die wil ik afmaken.’

Het liep anders. De partij van Bouterse, die het land bankroet in 2020 achterliet, beloofde de kiezer meer geld uit te zullen geven. Nu de staatskas zich enigszins had hersteld, koos een deel van de kiezers opnieuw voor hogere uitgaven. De NDP werd de grootste partij, met 18 zetels. De VHP eindigde met 17 zetels als tweede.

Dharma

Santokhi was zichtbaar aangedaan op de verkiezingsavond. Zijn lot deed denken aan dat van oud-president Ronald Venetiaan (1991-1996 en 2000-2010), die eerder een door Bouterse achtergelaten economische crisis herstelde, waarna kiezers opnieuw voor Bouterse kozen.

Voor Santokhi was politiek bovendien meer geworden dan een functie: het was een levensopdracht. ‘Je bent als mens op aarde gekomen met een bepaalde missie en die moet je volbrengen’, zei hij, verwijzend naar het hindoeïstische idee van dharma, de levensplicht die ieder mens heeft. ‘Die missie wordt geleid door de kracht van de almacht en daarvoor moet je niet bang zijn.’

Aan die missie kwam snel een einde. De NDP vormde binnen amper 48 uur een regering met alle partijen behalve de VHP. De oud-president belandde in de oppositie. Santokhi zag het als een tijdelijke tegenslag en zinde op een comeback in 2030. ‘De geschiedenis van Suriname is er een van opstaan na vallen’, zei hij in een afscheidsrede. Hij voelde zich tekortgedaan. ‘Ik hoop dat men mij niet alleen zal herinneren om de beeldvorming’, zei hij, ‘maar om mijn inzet.’

De kritiek viel Santokhi zwaar, zegt klasgenoot Sievers. ‘De tragiek van mensen die op zulke plekken zitten: tegen beeldvorming kun je je niet goed verweren.’ Santokhi trok het zich persoonlijk aan, aldus Sievers. ‘Je gaat niet op je 67ste dood als je een heel makkelijk leven hebt gehad.’

Volgens politicoloog Giwani Zeggen (46) staat Santokhi’s nalatenschap echter minder ter discussie dan hij zelf vreesde. Hij wijst erop dat Santokhi de verkiezingen weliswaar verloor, maar gezien de zware bezuinigingen ook nauwelijks kon winnen. Hij haalde bovendien meer voorkeursstemmen dan ieder ander politicus. ‘Santokhi was een van de populairste politici die Suriname heeft gekend. En hij was niet bang om moeilijke besluiten te nemen. Hij wist dat het IMF-programma niet goed was voor zijn populariteit, maar wel goed voor het land. Dat is volwassen leiderschap.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next