Home

‘Football Island’ blijkt toch vooral een gezellige tv-vakantie waarin af en toe een potje gevoetbald moet worden om een pak koffie

is tv-recensent voor de Volkskrant en schrijft over film.

Het is een subgenre op televisie waar ik doorgaans dolgelukkig van word: oud-voetballers die opduiken in een tv-programma dat ogenschijnlijk totaal niet bij ze past. Denk aan John de Wolf in Dancing with the Stars. Of aan Ronald de Boer, die ineens een meesterkok bleek te zijn in Superstar Chef.

Zelf denk ik nog minimaal wekelijks aan Wim Kieft die met een geit over een berg rent in De pelgrimscode (idee: BN’ers op pelgrimstocht), een hoogtepunt in de moderne televisiegeschiedenis. Zet de oud-topvoetballer in een atypische setting, en ik ben aan boord.

Gelukkig is daar nu Football Island, waarin ‘elf voetbalhelden de strijd met elkaar aangaan’ op een verlaten strand in de Dominicaanse Republiek, waar ze moeten leven zonder tandenborstels, douches en eten. Op televisie heet zoiets dan snel ‘uit de comfortzone gaan’.

Eindelijk, dacht ik. Eindelijk moet ook de ex-topvoetballer mee in het inmiddels vertrouwde tv-regime van verraad, uithongering en pure overleving. Lijden zullen ze, en wat zullen we smullen van hun leed!

Niets bleek minder waar, want Football Island blijkt toch vooral een gezellige tv-vakantie waarin af en toe een potje gevoetbald moet worden om een pak koffie te verdienen. Natuurlijk was het heus een beetje afzien, maar het grootste leed was toch vooral dat oud-Feyenoorder Mike Obiku héél hard snurkte.

Zonde, want ergens in dit programma schuilt volgens mij een heerlijk eigentijdse Lord of the Flies. Laat ze inderdaad maar los op zo’n onbewoond eiland met alleen een bal en verder niets. Bloed, zweet en tranen alstublieft!

De bingoballen van Gerard Joling

Misschien kwam het ook omdat ik in mijn hoofd was blijven steken bij de bingoballen van Gerard Joling. Eerder op de avond was daar een nieuwe aflevering van de onvolprezen reallifesoap Only Joling. Tussen alle boeren, scheten en typische Geer-gebbetjes door zie je in dat programma een fascinerende tragikomedie over een artiest die voortdurend geleefd wordt.

Ik werd in ieder geval doodmoe van het gemiddelde dagschema van Joling, dat hem van huwelijksfeest naar studentenfeest stuurt, om elke keer weer te openen met Maak me gek. Om nog maar te zwijgen over de bingo op de fanmiddag waar hij een panterprintvibrator mocht verloten. Maar, zoals Joling het zelf samenvatte: het is gewoon ‘even je vrolijke neus opzetten’.

Hoelang clowntje Joling dat nog kan, is maar de vraag, want in de aflevering van zaterdag werd zowaar wat existentiële twijfel zichtbaar bij de zanger. In een onderonsje met chauffeur Mark gaf Joling aan dat hij ‘gewoon moet stoppen, omdat het anders zielig wordt’. Sterker nog: ‘Het is al zielig.’

Dat laatste snapte ik heel goed. Ik zou het in ieder geval wel weten, als ik zou kunnen kiezen tussen het Joling-leven en een balletje trappen op een onbewoond eiland met Kees Kwakman en Kenneth Pérez.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next