Met een nietsontziend oorlogsplan probeert Israël in Libanon af te rekenen met de militante beweging Hezbollah. Het leger vernietigt cruciale infrastructuur en landbouwgrond, maakt woonwijken onbewoonbaar en bereidt een langdurige bezetting van het zuiden voor.
Door Jenne Jan Holtland
De explosie is oorverdovend. Het is zondagmiddag 22 maart, rond vier uur lokale tijd, als de Qasimiya-brug in zuidelijk Libanon getroffen wordt door een Israëlische luchtaanval. Een camera legt vast hoe de brug kortstondig verdwijnt in een verstikkende, donkergrijze wolk. Als de wolk is opgetrokken en het duidelijk wordt dat de brug deels nog begaanbaar is, bombardeert Israël die enkele uren later opnieuw. De brug is nu echt kapot.
De beschadigde Zrarieh-brug over de Litani-rivier in Zuid-Libanon.
Foto: Amr Abdallah Dalsh / Reuters
In een tijdsbestek van twee weken heeft het Israëlische leger zes cruciale bruggen gebombardeerd, waarvan de Qasimiya-brug over de Litani-rivier een van de belangrijkste was. In vredestijd staken tienduizenden Libanezen deze brug dagelijks over in hun auto’s, forenzend van noord naar zuid of andersom. Nu wordt die oversteek vrijwel onmogelijk. Het gevolg is ingrijpend: het zuiden raakt losgesneden van het noorden.
Dit alles is een integraal onderdeel van Israëls oorlogsplan in de strijd tegen de militante beweging Hezbollah. Zonder bruggen, is het idee, kan de groepering zijn zware wapentuig niet verplaatsen. Door infrastructuur te raken, probeert premier Benjamin Netanyahu bovendien de druk te verhogen op de Libanese regering, die op haar beurt Hezbollah zou moeten ontwapenen.
In oorlogstaal heet dit een ‘tactiek van de verschroeide aarde’, een strategie die verboden is onder het internationaal recht. Israël raakt cruciale infrastructuur, variërend van benzinestations tot bruggen en van waterpompen tot woonwijken. ‘Het Gaza-model, maar dan in Libanon’, zeiden militaire bronnen eerder deze maand tegen het Israëlische dagblad Yedioth Ahronoth.
Zarariya-Tirseflay-brug
Qasimiya-brug
Khardali-brug
Al Dalafa-brug
Al-Kinayat-brug
Qaqaya-brug
Op foto’s is te zien hoe de kapotte bruggen erbij liggen. Hele betonplaten zijn losgekomen, terwijl in de Qasimiya-brug nu een immense krater gaapt.
ABACAPRESS, AFP, AP en via X
Sinds het begin van deze oorlog zijn 1.094 Libanezen gedood, het aantal gewonden is bijna driemaal zo hoog. Ruim een miljoen burgers zijn op drift. Menigeen houdt rekening met een lange oorlog, vermoedelijk langer dan de Amerikaans-Israëlische bommencampagne in Iran. Aan een van de twee fronten lijkt Netanyahu (het is een verkiezingsjaar in Israël) koste wat kost een overwinning te willen boeken – zo niet in Teheran, dan in Libanon.
In het zuiden maakt Israël zich op voor een langdurige bezetting, mogelijk tot aan de Litani-rivier. Alles ten zuiden van de Litani (zo’n 30 kilometer landinwaarts) moet een onbegaanbaar niemandsland worden, zei minister van Defensie Israel Katz afgelopen dinsdag.
Een collega-minister sprak van ‘steriele veiligheidsstroken’, terwijl Katz het zelf eufemistisch over een bufferzone had, bedoeld om Hezbollah buiten de deur te houden. ‘Het principe is duidelijk’, vervolgde de minister. ‘Waar terrorisme en raketten zijn, zullen geen huizen of bewoners zijn.’
Nieuw is deze nietsontziende tactiek niet. In 2006, tijdens de zomeroorlog met Libanon, verwoestte Israël ook al meer dan honderd bruggen en viaducten, niet alleen in het zuiden maar ook elders in het land. Ook het vliegveld van Beiroet werd toen geraakt. Die stap durft Israël, naar verluidt onder Amerikaanse druk, dit keer niet aan. Overigens staan er over de Litani elders nog kleine bruggen overeind: hoeveel precies is onduidelijk.
Hassan Jouni, generaal in ruste van het Libanese leger, denkt dat het effect van de opgeblazen bruggen voor Hezbollah beperkt zal zijn. Voor de man-tegen-mangevechten die de groepering nu uitvecht, zijn zware wapens niet langer noodzakelijk, zegt hij aan de telefoon. ‘Lichte handwapens volstaan, die kunnen ze zelf dragen. De Litani staat op sommige plekken zo laag dat strijders te voet kunnen oversteken. En hun raketten kunnen ze ook afschieten vanuit de Bekaavallei.’
Geen bruggen betekent geen aanvoerlijnen voor zware wapens, maar ook dat er geen normaal verkeer mogelijk is van burgers. De toevoer van voedsel, water, medicijnen of zorg (met ambulances) dreigt onmogelijk te worden. ‘Bruggen zijn niet enkel cement en ijzer’, schreef de Libanese journalist Dianna Moukalled in een veel gedeeld bericht op X. ‘Ze zijn de stille verbinding tussen ons en de plekken waar we van houden.’ De bombardementen verbrijzelen het ‘eenvoudige gevoel dat er altijd een weg terug is.’
Een ander onderdeel van het landschap dat door Israël wordt verwoest, is Libanons landbouwgrond. Begin dit jaar, al voor het uitbreken van de huidige gevechtsronde, zagen inwoners nabij de dorpen Labbouneh en al-Bustun Israëlische vliegtuigjes de grond besproeien met het omstreden landbouwgif glyfosaat. Het was een opzichtige poging iedere vorm van landbouw in het gebied onmogelijk te maken. ‘Een milieu- en gezondheidsmisdaad’, oordeelde Libanons president Joseph Aoun. Diezelfde Aoun bood recent aan met Israël te onderhandelen, maar die optie wordt door zowel Israël als Hezbollah afgehouden.
Satellietfoto’s tonen hoe groot de kaalslag in het uiterste zuiden is. Kilometers brede, bosrijke zones die bekend stonden om hun biodiversiteit, zijn door het Israëlische leger verwoest. Wat rest zijn kale, bruine vlaktes. ‘We konden ons voorstellen dat een huis werd verwoest, omdat Israël beweerde dat er strijders schuilden’, zei de onderburgemeester van het dorp Tayr Harfa tegen mensenrechtenorganisatie Amnesty International. ‘Maar de bomen? Dat was ondenkbaar.’
Op satellietbeelden uit 2024 en 2026 van Planet Labs is goed te zien dat de grond geel uitgeslagen is en er weinig meer op groeit
Foto: Planet Labs
Het is, zo luidt de Israëlische redenering, bedoeld om te voorkomen dat Hezbollah-strijders de dichte begroeiing kunnen gebruiken om hen te bestoken. Het creëren van ‘bufferzone’ zonder vegetatie is in die redenering een keiharde militaire noodzakelijkheid.
Op de lange termijn betekent dat echter dat een waardig bestaan in het zuiden, waarbij tabak wordt verbouwd of citrusvruchten, onmogelijk wordt, mogelijk voor meerdere generaties. Ter vergelijking: de laatste keer dat Israël het hele zuiden van Libanon bezette, in 1982, bleef het leger achttien jaar, voor het zich in 2000 terugtrok.
Tijdens eerdere rondes van deze oorlog (volgend op de Hamas-aanval van 7 oktober) zette Israël in Zuid-Libanon bommen in met wit fosfor, hetgeen verboden is onder het oorlogsrecht. Olijfgaarden zijn tegen de vlakte gewerkt, oogsten mislukt, terwijl de bodemvruchtbaarheid voor vele jaren is aangetast.
En het blijft niet bij het zuiden. Ontwikkelingsorganisatie Oxfam Novib meldt deze week dat er inmiddels zeven waterinstallaties zijn beschadigd in de oostelijke Bekaavallei (waar Hezbollah eveneens actief is), als gevolg van Israëlische bombardementen. Het gaat om onder meer reservoirs en pompstations die duizenden mensen van water voorzien. Mirte Bosch, humanitair expert van Oxfam Novib, spreekt van ‘het inzetten van watergebrek als oorlogswapen’. De ‘straffeloosheid’ waarmee Israël in Gaza te werk ging, ziet ze in Libanon herhaald worden.
Een derde tactiek is om zuidelijke dorpen en kleine steden structureel onbewoonbaar te maken. Het hele zuiden kleurt rood in Israëls kaartjes met evacuatiebevelen, hetgeen neerkomt op zo’n 14 procent (inclusief delen van de Bekaa en hoofdstad Beiroet) van Libanons gehele oppervlakte. Ook daarin lijkt het draaiboek op dat van de Gaza-oorlog.
Israëlische militairen en bulldozers voeren een operatie uit in een Zuid-Libanees grensdorp, gezien vanuit het noorden van Israël.
AFP
De honderdduizenden Libanezen die het gebied zijn ontvlucht, ‘mogen niet terug naar huis, zolang noordelijk Israël niet veilig is (voor Hezbollah’s raketten, red.)’, aldus Defensieminister Katz. Hoelang dit gaat duren, weet niemand. ‘Oorlog is geen vrijbrief om mensen van hun land te verdrijven’, oordeelde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch.
De Volkskrant bezocht vorig jaar het grensdorp Kafr Kila. Nagenoeg geen enkel huis stond nog overeind; hetzelfde geldt inmiddels voor tal van andere dorpen in de streek. In de stad Nabatieh, een belangrijk knooppunt in het zuiden met voorheen negentigduizend inwoners, zouden volgens een schatting in de Britse krant The Guardian nog slechts 150 families over zijn.
Een Israëlische tank manoeuvreert in de grensstreek, terwijl rookpluimen opstijgen boven de huizen van een Zuid-Libanees dorp.
Getty Images
Hoewel de Israëlische legerleiding eropuit lijkt een niemandsland te creëren, gaan er in het extreemrechtse kamp stemmen op om er juist burgers te vestigen: Israëliërs welteverstaan.
Het meest luidruchtig is een kolonistenbeweging die zichzelf Uri Tzafon noemt, oftewel ‘Ontwaak, o noorden’, een spreuk uit het Oude Testament. Zuidelijk Libanon noemen de oprichters simpelweg de ‘noordelijke Galilea’. Ze verspreiden kaartjes met daarop de namen van hun geplande (illegale) nederzettingen. Begin dit jaar wisten enkele kolonisten al over te steken naar Libanon, voor ze door het Israëlische leger werden teruggestuurd.
De rabiate minister Bezalel Smotrich (Financiën), een erkend voorstander van nieuwe nederzettingen in bijvoorbeeld Gaza, zei maandag dat de Litani wat hem betreft Israëls ‘nieuwe grens’ moet worden, vergelijkbaar met de ‘gele lijn’ die Gaza in tweeën snijdt. Voorstanders verwijzen vaak naar de aartsvaders van het zionisme, onder wie Chaim Weizmann, die een eeuw geleden de Litani-rivier al noemden als mogelijke noordgrens voor Israël.
De beschadigde Zrarieh-brug over de Litani-rivier in Zuid-Libanon.
Reuters
Gepensioneerd generaal Jouni vermoedt dat Israël er zelf niet uit is tot hoever het precies wil optrekken. Een volledige bezetting tot aan de Litani is kostbaar en wellicht niet nodig, merkt hij op, nu de Israëliërs met drones en andere snufjes het gebied permanent kunnen controleren. Of het drones worden of soldaten – de boodschap aan gewone Libanezen uit het zuiden komt op hetzelfde neer: jullie zijn hier niet welkom.
De Amerikaans-Israëlische aanvallen op Iran raken niet alleen militaire en civiele doelen; ook het cultureel erfgoed van Iran ligt onder vuur. Sinds het uitbreken van de oorlog zijn er volgens het Iraanse ministerie van Cultureel Erfgoed 56 historische plekken beschadigd.
De Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz is niet compleet. Een select aantal schepen, vaak van bevriende naties, mag doorvaren. Wie krijgt groen licht en durft het erop te wagen?
Indonesië treedt eindelijk op tegen illegale plantages en belooft verdwenen natuur te herstellen en dieren hun leefgebied terug te geven. Te beginnen op Sumatra waar het leger hele dorpen ontruimt in een natuurpark. ‘Jullie beschermen de dieren, maar wie beschermt de mensen?’
Source: Volkskrant