Zuid-Soedan President Salva Kiir vecht al jaren een machtsstrijd uit met oppositieleider Riek Machar. Daarbij mobiliseren zij elk hun eigen achterban. Ondanks een vredesakkoord in 2018 blijft het geweld terugkeren, terwijl de VN waarschuwen voor een nieuwe humanitaire catastrofe.
Medisch personeel onderzoekt een 41-jarige man met brandwonden die hij opliep tijdens gevechten tussen de South Sudan People's Defence Forces (SSPDF) en het South Sudan People's Liberation Army in Opposition (SPLA-IO), in een ziekenhuis in de Zuid-Soedanese plaats Akobo, 12 februari.
President Salva Kiir (74) van Zuid-Soedan is een gevangene van zichzelf. Zo ziek dat hij nauwelijks meer kan lopen, zo bang voor een staatsgreep dat hij niet lang in het buitenland verblijft voor een medische behandeling. Een videoclip op sociale media over zijn bezoek aan Ethiopië vorige maand toont een moeizaam schuifelende man. Eerder kwam hij in verlegenheid omdat hij in zijn broek plaste tijdens een openbare bijeenkomst. Maar de gezondheid van de president is een staatsgeheim. „Iedereen om hem heen durft het echte probleem van Zuid-Soedan niet te benoemen”, zegt een Zuid-Soedanese journalist die vanuit Nairobi werkt, „en dat is de ziekte van de president en wat er na zijn overlijden gaat gebeuren met Zuid-Soedan.” Uit veiligheidsoverwegingen blijft de journalist hier anoniem. Eerder deze maand sloegen honderdduizend Zuid-Soedanezen op de vlucht naar Ethiopië nadat het regeringsleger het grensstadje Akobo in handen nam. Kiir vecht al jaren een machtsstrijd uit met oppositieleider Riek Machar. Daarin mobiliseren zij elk de twee belangrijkste bevolkingsgroepen van het land: de Dinka van Kiir, de Nuer van Machar. Sinds 2011 werden zo’n 400.000 burgers gedood door het geweld. Ondanks een vredesakkoord in 2018 bleven er gevechten uitbreken. Kiir zette zijn politieke rivaal Machar zelfs gevangen.
De president van Zuid-Soedan, Salva Kiir, in september 2022 tijdens de beëdiging van de Keniaanse president William Ruto in Nairobi.
De VN-missie UNMISS waarschuwde eind januari dat in Zuid-Soedan inmiddels „alle voorwaarden voor een humanitaire catastrofe aanwezig” zijn, nadat het geweld de afgelopen maanden is toegenomen. Hulpverlening wordt steeds vaker geblokkeerd, waardoor burgers vast komen te zitten in conflictgebieden.
Onder luid gejuich en met feestelijkheden wereldwijd bereikte Zuid-Soedan in 2011 zijn lang bevochten onafhankelijkheid. De voormalige rebellenleider en later president Salva Kiir beloofde zijn volk vrijheid en democratie. Twee jaar later verzandde de jongste natie van de wereld in oorlog, als gevolg van interne ruzies in de rebellenbeweging. Inmiddels zijn er naar schatting 9,3 miljoen mensen – bijna 70 procent van de bevolking – aangewezen op hulp, van wie 7,7 miljoen te maken hebben met acute voedselonzekerheid en 83.000 het risico lopen op hongersnood, aldus de VN.
De strijdkrachten van Kiir beheersen nu alle bolwerken van de oppositie in Jonglei en Upper Nile, de regio’s die bewoond worden door Nuer in het noorden. Ook elders in het land, zoals in de zuidelijke regio Equatoria, vinden militaire botsingen plaats met aan Machar gelieerde strijdgroepen. Volgens een VN-rapport gebruiken regeringstroepen brandbommen bij luchtaanvallen op Nuer-gebieden.
De VN ziet hoe aan beide zijden de militaire discipline is verdwenen, waarbij geweld tegen burgers niet wordt geschuwd. Zowel de regerings- als de oppositiekrachten zijn gefragmenteerd, soldij wordt niet betaald en investeringen in het nationale leger blijven uit. Zo ontstond een lappendeken van geüniformeerde soldaten, overlopers en gewapende burgerwachten die zich concentreren op kleine lokale conflicten en plunderingen.
Ondanks het geweld hoeft Kiir voorlopig niet te vrezen voor zijn positie. De gewapende oppositie is sterk verzwakt en heeft onvoldoende wapens en brandstof om grote offensieven te beginnen. Bovendien stuurde Oeganda militairen naar Zuid-Soedan om Kiir te beschermen.
Het grootste gevaar voor Kiir komt van binnenuit, door zijn wanbestuur. De weinig charismatische leider wist na de onafhankelijkheid een tijdje alle gewapende groepen bijeen te houden door patronage, maar het geld daarvoor is op. Zuid-Soedan is een van de meest corrupte en slechtst bestuurde landen ter wereld, waar militairen politici worden en vervolgens onderling met wapens strijden.
De Zuid-Soedanese oppositieleider en voormalig vicepresident Riek Machar (midden) in de beklaagdenbank tijdens zijn proces in Juba op beschuldiging van misdaden tegen de menselijkheid en verraad, 24 september 2025.
Carlos Castresana Fernández van de VN-commissie voor mensrechten in Zuid-Soedan zei vorig jaar dat het conflict „aangewakkerd werd door corruptie – puur en simpel”. Volgens hem zijn miljarden aan olie-inkomsten verduisterd terwijl de bevolking honger lijdt. „Ziekenhuizen hebben geen medicijnen, scholen hebben geen leraren en militairen worden niet betaald terwijl elites zichzelf verrijken via ondoorzichtige contracten en deals buiten de begroting.” Volgens een onderzoek uit 2024 van de Amerikaanse ngo The Sentry bezitten of controleren familieleden van Kiir, onder wie zijn kleinkinderen, minstens 126 bedrijven in Zuid-Soedan.
De Wereldbank schat dat de economie in Zuid-Soedan afgelopen jaar met 30 procent kromp. De overheid besteedt slechts 1,3 procent van haar budget aan gezondheidszorg. Voor 80 procent van de kosten voor het gezondheidszorgsysteem draaien buitenlandse donoren op. Ambtenaren worden niet of nauwelijks betaald. Niet verrassend dus dat Zuid-Soedan onderaan de ranglijst staat van zowel de Human Development Index van de VN als de Corruption Perceptions Index van Transparency International.
De overheid incasseerde sinds de onafhankelijkheid meer dan 25 miljard dollar aan olie-inkomsten, maar door systemische corruptie belandden dat geld nauwelijks bij de bevolking. Grootschalige projecten, zoals de aanleg van wegen, kwamen nooit van de grond. Door de oorlog in buurland Soedan stortten die olie-inkomsten bovendien in. De export loopt over Soedanees grondgebied en is sinds een jaar grotendeels stilgevallen.
De economische crisis zorgt voor een interne strijd om Kiirs opvolging. Eind 2024 begon de president een constante stoelendans voor zijn krimpende groep naaste medewerkers en hij zuiverde potentiële opvolgers weg. Kiir stelt voortdurend ministers aan om ze in korte tijd weer te ontslaan. Zijn regering benoemde onlangs een hoge ambtenaar die al jaren dood bleek te zijn. Op het departement Financiën heeft hij inmiddels acht keer een nieuwe minister aangesteld.
Zelfs Kiirs naaste financiële medewerker en gedoodverfde opvolger Bol Mel ontsnapte niet aan dit wispelturige beleid. Na zakelijke geschillen over de financiën van de familie Kiir werd hij ontslagen en onder huisarrest geplaatst. Na het vertrek van Bol Mel lijkt Kiir zijn blik op zijn eigen familie te richten in de zoektocht naar een opvolger. De president stelde zijn dochter Adut Salva aan als zijn economische adviseur. Kennelijk is zij nog een van de weinigen die hij wél vertrouwt.