Van een afstandje bekeken mag de Nederlandse economie er gezond uitzien, in werkelijkheid dreigen vele gevaren, zegt DNB-president Olaf Sleijpen. ‘We leven in een wereld met steeds nieuwe schokken.’
is verslaggever macro-economie van de Volkskrant.
In de zes jaar dat Olaf Sleijpen (55) directielid is bij De Nederlandsche Bank – sinds juli vorig jaar is hij de president – hebben zich al vier grote economische schokken voorgedaan. Onhandig getimede schokken ook: elke keer als Sleijpen en zijn collega’s net klaar zijn met het jaarverslag over het jaar ervoor, breekt een nieuwe crisis uit, en leest niemand dat verslag meer.
Ga maar na: Sleijpen begon 1 februari 2020 als directielid. Een daar weken later: corona. In 2022 was de inkt nog niet droog of Rusland viel Oekraïne binnen. Vorig jaar kwam Trump met zijn importheffingen op ‘Liberation Day’. En dit jaar happen alle financiële experts naar adem vanwege de oorlog in het Midden-Oosten.
DNB besloot daarom dit jaar niet alleen een jaarverslag te presenteren, maar ook een vooruitblik op 2026. Voornaamste conclusie: het is code oranje, donkere wolken pakken zich samen. En daar komt de Iran-oorlog, met hogere inflatie en lagere economische groei als gevolg, nog eens bovenop.
Waarom maakt u zich zo’n zorgen?
‘Er is een groot rijtje risico’s waardoor de financiële stabiliteit in gevaar is. Van de geopolitieke risico’s heeft zich er nu eentje gemanifesteerd. De financiële markten waren in elk geval tot voor kort allemaal heel duur, zoals we dat noemen. De aandelen waren tot historische hoogtes gestegen. Dat kan ertoe leiden dat er correcties optreden. Als dat snel gaat, kan dat ook weer tot schokken leiden.
‘De cyberrisico’s zien we ook toenemen. Niet alleen door de criminelen, maar ook door statelijke actoren. Op al die fronten zie je dat het risicobeeld slecht is. Daar kunnen we ons op voorbereiden, maar dat wil niet zeggen dat je onder alle omstandigheden tegen zo’n schok bestand bent.’
Toch lijdt het humeur van Sleijpen er niet onder. Op zijn werkkamer vertelt hij monter en geduldig. Als hij een grapje maakt, twinkelen zijn ogen. Sleijpen verdeelt zijn tijd tussen Amsterdam en Frankfurt: als DNB-bankpresident heeft hij automatisch ook zitting in het bestuur van de Europese Centrale Bank, de ECB.
U bent nu negen maanden president van De Nederlandsche Bank. Nog geen spijt?
‘Toen ik ging nadenken of ik deze baan zou willen, heb ik mij gerealiseerd dat er meer schokken zouden komen. Maar dat maakt het werk ook leuk, met leuk tussen aanhalingstekens. Van die uitdagingen krijg ik energie. Het is eervol om in roerige tijden verantwoordelijkheid te dragen voor het bestrijden van inflatie en voor prijsstabiliteit. Ik ben niet heel bijbelvast, maar de uitspraak ‘Gij kent tijd noch plaats’ ken ik nog wel. In deze wereld leven we met steeds nieuwe schokken, dat verrast me niet.’
Maar dat is toch ingewikkeld, als stabiliteit het belangrijkste doel is van een centrale bank?
‘Dat is het zeker, en wat het nog lastiger maakt is dat de oorzaak van de aanbodschokken van de laatste jaren niet economisch van aard zijn. De inval in Oekraïne heeft met economie niets te maken en centrale bankiers gaan ook niet over virussen.
‘Wij hebben de olie- en gasprijzen ook niet aan touwtje. Er ligt geen gasveld onder ons kantoor op het Frederiksplein en ook niet in Frankfurt bij de Europese Centrale Bank. Op korte termijn kunnen we dus niets doen. Maar we kunnen wel voorkomen dat die olie- en gasprijsschok zich gaat vertalen naar schokken elders in de economie.’
Hoe dan?
‘Op het moment dat de inflatie van onze doelstelling van 2 procent op middellange termijn gaat afwijken, dan gaan we de rente verhogen. Daarmee rem je de economie af en dan gaat de inflatie omlaag.’
In uw vooruitblik zegt u stellig: de inflatie zal door de hoge olieprijzen toenemen, maar niet zoveel als tijdens de gascrisis in 2022. Hoe kunt u daar zo zeker van zijn?
‘Laat ik het zo zeggen: als Europese Centrale Bank zullen wij ons best moeten doen het niet meer zo ver te laten komen.’
In 2022 kwam de ECB te laat in actie en liep de inflatie veel te ver op.
‘Uiteindelijk is het goed gekomen, omdat de ECB op een gegeven moment echt fors de rente is gaan verhogen. En de inflatie is omlaaggegaan. Maar aanvankelijk gebruikte de ECB ook woorden als ‘tijdelijke schok’. Nou, tijdens haar persconferentie vorige week heeft ECB-president Lagarde het woord ‘tijdelijk’ niet gebruikt. Wij zitten er bovenop om te voorkomen dat de inflatie te veel gaat afwijken van die 2-procentdoelstelling.’
Uw Amerikaanse collega Jerome Powell was minder stellig. Hij zei: de waarheid is dat we niet weten wat er gaat gebeuren.
‘Dat klopt, dat weten we ook niet. Want je kunt natuurlijk ook de vraag stellen: waarom hebben jullie niet vorige week al de rente verhoogd? En het antwoord is dan: omdat we niet precies weten wat er gaat gebeuren, hoelang het gaat duren, en hoe hoog de prijzen zullen worden. Daarvoor hebben we meer tijd nodig. Eén ding weet ik wel zeker: we hebben een heel duidelijke doelstelling en dat is prijsstabiliteit. Daar zijn we voor op aarde.’
Wat is er eigenlijk zo erg aan een hoge inflatie?
‘Inflatie is nooit goed. Inflatie holt de koopkracht uit, het holt je spaargeld uit en het holt ook andere vermogens uit. En inflatie is altijd het slechtst voor de zwakkeren in de samenleving.’
Is het lastige van de huidige olieschok ook niet dat het zowel de inflatie verhoogt als de economische groei dempt?
‘Wat het leven bij de ECB makkelijk maakt, is dat wij maar één doelstelling hebben: de inflatie beteugelen. Wanneer een renteverhoging de inflatie verlaagt, maar de economische groei dempt, vinden wij dat oké.’
Bent u daarom ook geen fan van steunmaatregelen van de overheid? Omdat die de inflatie kunnen aanwakkeren?
‘Uiteindelijk zijn compensatiemaatregelen een politieke keuze. Wat wij wel zeggen is: zorg dat je het doet voor de mensen die het echt nodig hebben, geef gerichte steun en doe het tijdelijk. Doe je het te generiek, dan komt het terecht bij mensen die het niet nodig hebben, gaat het je heel veel geld kosten en maak je de problemen alleen maar erger.
‘Neem tanken; als je de brandstofaccijns met 10 cent verlaagt, kost je dat 1 miljard euro. Benzine wordt dan 10 cent goedkoper, maar de prijs blijft hoog, en die miljard ben je kwijt. Privé rijd ik een hybride, dus ik moet ook nog af en toe tanken. Als ik eerlijk ben: voor Sleijpen hoef je die accijns niet te verlagen.’
Zou je vanaf de maan door een telescoop naar de Nederlandse economie kijken, dan zie je ‘een economie die rustig voortzoemt als een elektrische auto op een zonnige dag’, schrijft DNB over het afgelopen jaar. Groei boven verwachting, werkloosheid laag, staatsschuld keurig binnen te perken. Maar schijn bedriegt, waarschuwt Sleijpen, er zijn fundamentele problemen zoals de woningmarkt en de stikstofcrisis. Met name de internationale veiligheid en geopolitiek zijn ‘donkere wolken aan de horizon’.
U klinkt bijna verbaasd dat het nog zo goed gaat met de Nederlandse economie.
‘De economie kan een stootje hebben, omdat die zich ook aanpast. Tijdens covid vonden mensen toch hun wegen om activiteiten te ontplooien. Je moet voor de grap onze ramingen uit juni 2020 er nog maar eens bij pakken. We voorspelden daar de economische apocalyps. Onze ramingen moesten we keer op keer naar boven bijstellen.
‘Na de gascrisis in 2022 pasten mensen hun gedrag aan, en bleven dat doen. Ik zet sindsdien thuis de verwarming nooit meer hoger dan 19 graden. Ook na de importheffingen van Trump bleek de economie opmerkelijk veerkrachtig, er kwamen andere handelsstromen voor in de plaats.’
Toch zegt u: het is code oranje. Het KNMI zegt in zo’n geval: blijf binnen, ga niet de weg op. Wat moeten de lezers doen bij een code oranje van DNB?
‘Ze moeten vooral niet binnenblijven. Het voorjaar komt eraan, en binnenblijven is slecht voor de economie. Voor een operationele schok, de elektriciteit valt uit bijvoorbeeld, zeggen wij: zorg dat je 70 euro cash per volwassene en 30 euro per kind in huis hebt. Zodat je voor 72 uur boodschappen kunt doen.
‘Belangrijk is dat mensen zich realiseren dat de wereld er echt anders uitziet dan een paar jaar geleden. Dat de vorige crises goed zijn afgelopen, wil niet zeggen dat dit ook voor de volgende crisis geldt. Daarom moeten we ook een aantal structurele problemen in Nederland aanpakken. Om onze veerkracht nog verder te versterken. Daarbij moeten we kiezen voor een sterk Europa, want daar laten we veel potentieel liggen.’
We hebben toch al één markt en één munt?
‘De belemmeringen op de Europese markt zijn er nog altijd, en staan gelijk aan een importheffing van tussen de 67 en 95 procent. Ik kom uit Zuid-Limburg, dat is Europa in het klein. Van mijn geboortedorp was het een half uur naar Aken en een half uur naar Luik. Maar iemand uit Aken kan niet een loodgieter uit Vaals of Kerkrade aan het werk zetten, want die voldoet niet aan de Duitse regels. Ik ken ondernemers in Zuid-Limburg die Belgen en Duitsers in dienst hebben, of Nederlanders die net over de grens wonen. De administratieve rompslomp die zij hebben, dat is niet te geloven. Dat zijn allemaal belemmeringen die we moeten wegnemen.
‘Ik denk weleens: zou het niet mooi zijn als we bij wijze van experiment in die grensregio even doen alsof al die regels er niet zijn. Dat een loodgieter uit Vaals gewoon een cv-ketel in Aken kan installeren. Wat dat voor de lokale economie zou doen! En je hebt er geen euro subsidie voor nodig.’
Een andere belangrijke belemmering die u noemt is de hypotheekrenteaftrek. Die zit de groei van de arbeidsproductiviteit in de weg, zegt u. Op welke manier?
‘Als mensen een huis kunnen vinden dat betaalbaar is, dat past bij hun werk, dan is dat beter voor de arbeidsproductiviteit. Ze kunnen dan makkelijker een baan uitzoeken die ze leuk vinden en waarvoor ze willen verhuizen. Daarvoor moet je de woningmarkt gezond krijgen. Afschaffing van de hypotheekrenteaftrek is een belangrijk ingrediënt om die woningmarkt vlot te trekken, denken wij. En daarnaast moeten er simpelweg meer huizen worden gebouwd.
‘Nu is iemand met een huurhuis een dief van zijn portemonnee in vergelijking met degene die een eigen huis heeft. En dat komt onder andere door die hypotheekrenteaftrek. Trek je huurders en woningbezitters gelijk, dan krijg je ook een veel grotere private huurmarkt. Dat zorgt voor een goede doorstroming, die er nu niet is omdat de woningbezitter wordt bevoordeeld. Probeer in de Randstad als verpleegkundige of als politieman maar eens een huis te huren of te kopen, dat is niet meer op te brengen. Dat willen we toch niet met elkaar?’
Hoe frustrerend is het voor u dat de politiek dit soort rationele, voor economen volstrekt logische oplossingen negeert?
‘De mensen in de politiek zijn niet dom, laat dat helder zijn. Je kunt het ook omdraaien: het lijkt mij juist frustrerend dat je als beleidsmaker met een politieke werkelijkheid te maken hebt. Ik heb daar veel bewondering voor, ik weet niet hoe goed ik daarin zou zijn. Als centrale bankiers staan we meer aan de kant. Wij hebben soms makkelijk praten.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant