Home

Het is wachten tot het misgaat in het nieuwe atoomtijdperk

Kernwapens Is er nog hoop voor toekomstige generaties? Harvardhistoricus Serhii Plokhy schreef een geschiedenis van de ontdekking en de functie van de atoombom. Nu de non-proliferatiestrategie (het tegengaan van de verspreiding van kernwapens) van het Westen heeft gefaald, is de situatie gevaarlijker dan ooit.

Een naoorlogs schaalmodel van 'Little Boy', de atoombom die boven de Japanse stad Hiroshima tot ontploffing werd gebracht.

Op 7 juni 1981 voerde Israël een preventieve luchtaanval uit op het Irak van Saddam Hoessein. De aanleiding was het sterke vermoeden bij de Israëli’s dat het land bezig was met de bouw van een kernbom. En zoiets moest, met het oog op Israëls veiligheid, te allen tijde worden voorkomen. De aanval was een succes: de Iraakse, door Frankrijk geleverde kernreactor, die oorspronkelijk bedoeld was voor de verrijking van uranium voor medische doeleinden, werd vernietigd. Saddam Hoesseins droom om op korte termijn over een eigen kernwapen te beschikken, loste in een wolk van teleurstelling op.

Serhii Plokhy: Het atoomtijdperk. Een ijzingwekkende strijd om wapens, macht en voortbestaan. (The Nuclear Age) Vert. Linda Broeder, Gretske de Haan, Arjanne van Luipen, Nannie de Nijs Bik-Plasman. Querido Facto, 430 blz. €29,99

Opmerkelijk is dat Israël zijn belangrijkste bondgenoot, de VS, pas achteraf van die actie op de hoogte stelde. De toenmalige Amerikaanse president Ronald Reagan schrok zich rot toen hij het nieuws vernam. Hij vreesde zelfs dat door het Israëlische optreden ‘het armageddon’ nabij was, want stel dat Irak al wel een kernbom had en die als vergelding tegen Israël zou inzetten.

In Het atoomtijdperk haalt de vooraanstaande Harvard-historicus Serhii Plokhy deze gebeurtenis aan om te betogen dat zo’n preventieve aanval misschien kortstondig soelaas biedt, maar ook een kernoorlog kan ontketenen. Als preventieve aanvallen de norm worden om de verspreiding van kernwapens tegen te gaan, betekent dat volgens hem tevens het definitieve failliet van de non-proliferatiestrategie, waarmee het Westen decennialang heeft getracht om de wereld met onderhandelingen veiliger te maken.

Het atoomtijdperk is daarom alleen al vanwege de huidige oorlogen in het Midden-Oosten en Oekraïne razend actueel. Doordat Plokhy de historische gebeurtenissen op een rij zet en met elkaar verbindt, besef je eens te meer dat we sinds het begin van deze eeuw met een nieuwe kernwapenwedloop te maken hebben die met enige pech of ondoordachte besluitvorming op een ramp kan uitlopen. De speelfilm Dr. Strangelove or: How I Learned to Stop Worrying and Love the Bomb van Stanley Kubrick uit 1964 zou dankzij het onbesuisde optreden van de Amerikaanse president Donald Trump wel eens een eigentijdse remake kunnen krijgen.

Bestoken van Londen en Parijs

Plokhy begint zijn boek met de ontwikkeling van de eerste atoombom in de VS tijdens de Tweede Wereldoorlog en eindigt bij het dreigement van de Russische president Poetin uit 2024 om kernwapens in te zetten als het Westen Oekraïne in zijn oorlog tegen Rusland blijft steunen. Poetin heeft daartoe in 2024 zelfs de Russische kernwapendoctrine herzien. Sindsdien acht Rusland zich gerechtigd kernwapens in te zetten als het wordt aangevallen door een kernwapenvrij land dat op steun kan rekenen van een land dat wel over kernwapens beschikt. In talkshows op de Russische staatstelevisie wordt dat dreigement dagelijks versterkt door studiogasten die oproepen tot het met kernraketten bestoken van Londen, Parijs en Brussel.

Uitvoerig beschrijft Plokhy, die van Oekraïense afkomst is, maar in Rusland is opgegroeid en opgeleid, de ontwikkeling van de kernbom vanaf het moment dat de Britse natuurkundige Ernest Rutherford in 1901 ontdekte dat een atoom te splitsen was in andere deeltjes, waarbij een enorme hoeveelheid energie vrijkwam. Maar pas in de jaren dertig drong het besef tot wetenschappers in met name Duitsland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten door wat het potentieel van die ontdekking was.

De Amerikaanse regering stak als eerste een enorme hoeveelheid geld in kernonderzoek, daartoe aangemoedigd door Joodse natuurkundigen zoals Einstein die voor Hitler naar de VS waren gevlucht. Zij wezen president Roosevelt erop dat een nieuwe grote oorlog op het Europese continent ook een gevaar voor zijn land vormde. Roosevelt ging overstag. Zonder dat geld was de bom er niet gekomen.

Plokhy benadrukt daarbij de rol van de Britten, die er voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog bij de Belgische regering op aandrongen geen uranium uit het uraniumrijke Congo aan Duitsland te leveren. De nazi’s, die beschikten over de geniale kernfysicus Werner Heisenberg, liepen mede daardoor achter op de VS in hun onderzoek naar de bom. Een extra vertraging werd veroorzaakt doordat Hitler het aanvankelijk geen prioriteit gaf en hij na de nederlaag bij Stalingrad in 1943 zijn geld nodig had om de gevechtscapaciteit van het reguliere leger overeind te houden.

Hiroshima

Toen in Hiroshima in augustus 1945 de vernietigingskracht van de kernbom bewezen werd, streefden ook andere landen ernaar een kernbom te ontwikkelen. De Russen, die er al mee bezig waren, maar noch over genoeg geld noch over bekwame onderzoeksleiders beschikten, voerden hun tempo op, mede dankzij de onderzoeksgegevens die hun spionnen in de VS hadden verkregen. De Britten wilden een bom ter afschrikking van potentiële vijanden, met name de Sovjet-Unie, die in 1949 hun eerste test deden met een lichte kernexplosie. De Britse bom kwam er drie jaar later. De Fransen huppelden achteraan en zouden pas in 1960 hun eigen kernwapen hebben. De rest is geschiedenis, die je misschien nog het best van de titel De wapenwedloop kunt voorzien, waarin de VS en de Sovjet-Unie tegen elkaar opboksen als het gaat om wie de meeste kernkoppen en draagsystemen zoals vliegtuigen, onderzeeërs en raketten heeft.

Uitvoerig behandelt Plokhy zowel die wapenwedloop als de onderhandelingen om deze in te tomen, zo niet te beëindigen. Het overheersende beeld daarbij is dat de VS als rijkste en machtigste land ter wereld altijd op kop willen lopen waar het om het grootste aantal kernkoppen gaat. Opmerkelijk daarbij is dat juist een conservatieve president als Ronald Reagan in de jaren tachtig het initiatief nam om het wereldwijde kernarsenaal af te bouwen, uit angst voor een allesvernietigende kernoorlog. Ondanks zijn soms ongelukkige uitspraken, zoals zijn benaming van de Sovjet-Unie als het Rijk van het Kwaad, lukte het hem om het wantrouwen van de Sovjetleiding grotendeels weg te nemen, al stonden zijn plannen voor een ruimteschild tegen inkomende raketten een positief resultaat van de onderhandelingen aanvankelijk in de weg. Maar de instortende Sovjeteconomie en de dalende levensstandaard van de bevolking van de Sovjet-Unie dwongen de toenmalige partijleider Gorbatsjov om over de brug te komen. De wederzijdse agressie verdween nu uit het debat tussen Washington en Moskou. In navolging van de Britten, die na 1945 met Amerikaanse hulp hun eigen bom ontwikkelden, beschouwde ook de vredelievende Gorbatsjov kernwapens hoogstens nog als afschrikkings- en niet als aanvalsmiddel.

Plokhy behandelt in de tweede helft van zijn informatieve boek ook de korte duur van de sinds begin jaren tachtig gesloten ontwapeningsverdragen. De opmaat daartoe was de Amerikaanse terugtrekking uit het ABM-verdrag in 2001. Als argument voor die verreikende stap werd aangevoerd dat de VS een nationale raketverdediging moest opbouwen tegen nucleaire chantage door schurkenstaten.

Nadat de Sovjet-Unie eind 1991 uiteenviel en een groot deel van haar kernkoppen op het grondgebied van het nu onafhankelijke Oekraïne bleek te staan, verloren die een deel van hun werking. Het memorandum van Boedapest van 1994, waarin de VS, Groot-Brittannië en Rusland de grenzen van Oekraïne, Belarus en Kazachstan garandeerden in ruil voor het overdragen van hun kernwapens aan Moskou, was het begin van die neergang. Dat dit memorandum van geen enkele waarde was, bleek toen Rusland in 2014 Oekraïne binnenviel en delen van het land annexeerde. Grote vraag is of dit ook zou zijn gebeurd als Oekraïne toen nog over zijn kernwapens had beschikt. Nu Rusland ook Oekraïense kerncentrales heeft gebombardeerd, moeten die volgens Plokhy ook als aanvalswapens worden beschouwd, want als ze ontploffen worden hele gebieden onbewoonbaar. Het navrante van al deze gebeurtenissen is hoogstens dat het Westen eindelijk ontwaakt is uit een zachte droom van een door de VS gegarandeerde veiligheid. Sindsdien kan niemand nog ontkennen dat het tijdperk waarin we leven gevaarlijker is dan ooit.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Geopolitiek

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next