Home

Nederland schuilt (een beetje) onder Franse nucleaire paraplu: ‘een aanvulling’ op NAVO-afspraken, benadrukt het kabinet

Nucleaire afschrikking De Franse president Macron deed maandag een historische aankondiging: de nucleaire afschrikkingsmacht wordt uitgebreid, waarbij wordt samengewerkt met Europese landen, waaronder ook Nederland. Het belang is volgens experts nauwelijks te overschatten.

Minister Tom Berendsen (Buitenlandse Zaken, CDA), deze donderdag.

Vergeleken met de theatrale aankondiging door de Franse president Emmanuel Macron was het een kort en nogal vaag briefje dat minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) en minister van Defensie Dilan Yesilgöz (VVD) afgelopen maandag naar de Tweede Kamer stuurden.

Tijdens een bezoek aan de Franse marinebasis op het Île Longue in de baai van Brest, staande voor een droogdok met daarin een kernonderzeeër van de Triomphant-klasse, kondigde Macron afgelopen maandag grote veranderingen aan op het gebied van de Force de dissuasion, Frankrijks nucleaire afschrikkingsmacht. Frankrijk gaat zijn kernwapenarsenaal (nu minder dan 290 kernkoppen) uitbreiden, zo zei Macron. Frankrijk gaat bovendien bij zijn nucleaire afschrikking voortaan samenwerken met Europese landen – waaronder ook met Nederland.

Het was een historische aankondiging, al gaf Macron weinig details over hoe de Frans-Nederlandse samenwerking eruit zal komen te zien. In de afgelopen decennia heeft Nederland immer gerekend op het enorme arsenaal van de Verenigde Staten om Rusland af te houden van een nucleaire aanval. Nog steeds liggen er op de vliegbasis Volkel Amerikaanse kernbommen, die in het nachtmerriescenario van een nucleaire oorlog zullen worden afgeworpen door Nederlandse F-35’s.

Nu kijkt Nederland naar alternatieven – al sprak het kabinet in zijn brief aan de Kamer liever van een „een strategische dialoog” met de Fransen. In hun brief benadrukten Berendsen en Yesilgöz dat volgens de NAVO de afspraken die zijn gemaakt met de Fransen „een aanvulling op” en „geen vervanging” zijn van de bescherming door de VS. „De Amerikaanse nucleaire paraplu via de NAVO blijft het fundament van NAVO’s nucleaire missie”, zo schrijven de ministers.

Stroomversnelling

 Al deze relativeringen ten spijt kan het belang van de overeenkomst die Frankrijk heeft getekend met Duitsland, Nederland en andere Europese landen (Polen, België, Denemarken, Zweden en Griekenland) nauwelijks worden overschat, zo zegt Tim Sweijs van het Haagse Centrum voor Strategische Studies (HCCS). „Toen Macron een jaar geleden voorstelde dat Europa betrokken zou worden bij het Franse kernwapen werd zijn voorstel afgedaan als het zoveelste Franse proefballonnetje. Nu is alles binnen een stroomversnelling gekomen. We leven in bijzondere tijden.”

In zijn brief aan de Kamer wil het kabinet geen nadere informatie geven over hoe de samenwerking met de Fransen eruit zal komen te zien. In zijn speech op de basis op het Île Longue noemde Macron wel een aantal elementen: Europese deelname aan Franse nucleaire oefeningen, (tijdelijke) stationering van Franse nucleaire ‘assets’ (zoals Rafale gevechtsvliegtuigen met nucleaire kruisraketten) in andere landen, en ‘niet-nucleaire’ bijdragen van bondgenoten aan de Franse afschrikking.

Bij dat laatste, zo zegt Sweijs, moet men vooral denken aan investeringen in conventionele precisiewapens voor de (middellange) afstand. De Franse kernmacht bestaat – net als de Britse overigens – uitsluitend uit zware strategische kernwapens van een paar megaton, bedoeld om een hele stad in de as te leggen. Daarmee heeft Frankrijk volgens de geldende militaire doctrines een capability gap: als Rusland besluit om een kleiner tactisch kernwapen in te zetten in het Baltisch gebied, dan is Frankrijks enige antwoord daarop het vernietigen van Russische steden – wat onherroepelijk zal leiden tot een kernbom op Parijs.

Het ‘Parijs in ruil voor Talinn’-dilemma, zo schreven Sweijs en zijn collega’s eind vorig jaar in het rapport Shields and spears over de verdediging van Europa zonder de VS, kan worden opgelost met Europese investeringen in de ‘deep precision strike’. „Een Europese capaciteit die onafhankelijk is van de VS”, verduidelijkt Sweijs, zal andere keuzes van Nederland vergen. Zo heeft de Nederlandse marine onlangs besloten tot de aanschaf van Amerikaanse Tomahawks en kiest de luchtmacht voor Amerikaanse standoff-wapens. Op de langere termijn is dat geen goed idee, zo zegt Sweijs: „Als je de strategische autonomie van Europa serieus wil nemen dan moet je ook uit de Amerikaanse buidel durven te springen.”

Dat wil niet zeggen dat de Franse nucleaire paraplu meteen een volwaardig alternatief is voor de Amerikaanse. In zijn toespraak maakte Macron duidelijk dat de Europese partners geen inspraak krijgen bij de inzet van de Force de dissuasion – die beslissing blijft het prerogatief van de president van de Franse Republiek. Maar als Frankrijk wil dat Polen, Duitsland en Nederland meedraaien in de nucleaire afschrikking, zal Parijs toch enig inzicht moeten gaan bieden in de Franse nucleaire machinekamer, zo zegt Sweijs.

Frankrijk maakt op dit moment geen deel uit van de Nuclear Planning Group van de NAVO. Als Nederlandse gevechtsvliegtuigen samen met Franse Rafales moeten gaan oefenen op een nuclear strike op Russische troepenconcentraties onder Minsk, zullen er echter afspraken moeten worden gemaakt over de manier waarop, en de scenario’s waarin kernwapens worden ingezet. „Nadere uitwerking met de Fransen over de inzet van deze verschrikkelijke wapens is nodig”, zo zegt Sweijs. „Tegelijkertijd moeten we ook bedenken: Nederland heeft nu ook geen zeggenschap over de inzet van Amerikaanse kernbommen.”

Argwaan VVD

Binnen het kabinet-Jetten is Europese nucleaire samenwerking een potentiële splijtzwam. In de tekst van het coalitieakkoord is opgenomen dat Europa militair autonomer moet worden, maar er staat ook dat Amerika „de grootmacht is met wie wij de meeste waarden delen”. Vooral op de rechterflank van de VVD bekijkt men Europese militaire integratie met grote argwaan. ‘Klassiek Liberaal’, een invloedrijke rechtse lobby binnen de VVD, reageerde op X nogal cynisch op Macrons aankondiging. „De Franse agenda is altijd: Frankrijk beslist, Nederland en Duitsland betalen.”

Die reactie doet Sweijs denken aan voormalig VVD-minister van Verkeer en Waterstaat Annemarie Jorritsma, die in 1996 Frankrijk ‘een leuk land’ noemde, maar het jammer vond ‘dat er Fransen wonen’.

Sweijs: „Als we Europa strategisch autonoom willen maken moeten we af van die Jorritsma-retoriek.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Geopolitiek

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next