Aardverschuiving Een maand na de zware aardverschuiving in de Siciliaanse stad Niscemi kunnen ruim vijftienhonderd bewoners nog niet terug naar huis. Sommigen maakten in 1997 ook al een aardverschuiving mee. „We beseften niet dat hier wonen gevaarlijk was.”
Op dronebeelden is goed te zien hoe de aardverschuiving een gat sloeg in het Siciliaanse stadje Niscemi.
In het gemeentehuis van Niscemi, een stad van ongeveer 25.000 inwoners in het zuidoosten van Sicilië, lopen bewoners de deur van burgemeester Massimiliano Conti plat. „Burgemeester, wij zijn alles kwijt, wanneer zien wij iets van die schadevergoeding?”, zegt een vrouw op hoge leeftijd met bibberende stem. Troostend drukt de burgemeester haar de hand, de zoveelste vandaag. „De eerste schadevergoedingen zijn deze week betaald, later volgt meer hulp.” Op het plein voor het gemeentehuis staan de voertuigen van de brandweer zij aan zij, naast een rode noodhulptent.
Op zondag 25 januari rond één uur ’s middags verschoof de aarde bij Niscemi zo krachtig, dat er een slingerende kloof van meer dan vijf kilometer rond het oude stadscentrum ontstond. Het glooiende landschap rond Niscemi, opgebouwd uit natuurlijke terrassen, werd door de aardverschuiving in stukken gesplitst. Huizen, auto’s en boerderijen kieperden naar beneden, in de metersdiepe gleuf. Ruim 1.500 inwoners moesten worden geëvacueerd.
De extreem natte winter in de streek heeft de aardverschuiving mede in de hand gewerkt. „Het bodemoppervlak van Niscemi is zanderig, bovenop een ondergrond van klei”, zegt de Siciliaanse geoloog Giuseppe Collura van het Italiaanse agentschap voor milieugeologie. „Het zand laat water doordringen tot de kleilaag, die op zich niet waterdoorlatend is, maar door grote hoeveelheden water kan verzwakken en gaan schuiven.”
Volgens Collura waren alle omstandigheden aanwezig voor een aardverschuiving, al viel die uitzonderlijk groot uit. Tegelijkertijd veroorzaakte cycloon Harry een ravage aan de oostkust van Sicilië. Zowel de cycloon als de zware regenval in korte tijd zijn symptomen van klimaatverandering.
Burgemeester Conti was die zondagmiddag opgeroepen om enkele barsten in het wegdek te bekijken. „Ik voelde meteen dat er iets flink mis was”, zegt hij vanachter zijn bureau, met daarop een kaart van de stad waarop de getroffen zone van 800 hectare rood is gemarkeerd. „In een paar uur tijd zakte een stuk van de stad tien meter in, en zo ging het de hele nacht door.” De volgende ochtend was een stuk van de eeuwenoude stadswijk bij de heuvel nog eens 25 meter verder omlaag gezakt: „Er werd een half miljard kubieke meter aarde verplaatst”, zegt Conti, die het nog altijd moeilijk kan geloven.
In Niscemi vielen geen slachtoffers en gewonden, al is de plek van de aardverschuiving een populaire ontmoetingsplaats van de lokale jeugd. Op zaterdagavond waren er nog honderden jongeren samengekomen. Veel bewoners wijzen dankbaar naar burgemeester Conti. „Hij ging die zondagmiddag van deur tot deur om ons te waarschuwen dat we meteen moesten vertrekken”, zegt Manuel Zafarana (35), een wiskunde- en wetenschapsleraar, die met zijn vriendin Maria Rita Sentina (38) halsoverkop hun woning verliet.
Een maand later haalt het stel onder begeleiding van de brandweer thuis wat spullen op. Besluiteloos kijken ze rond en nemen dan een stapeltje documenten en wat boeken mee uit een boekenrek achter de felgroene sofa in hun woonkamer. „Hier hangen zoveel herinneringen”, zegt Zafarana met een zucht. „Er is al zoveel ineengestort”, zegt zijn vrouw. „Hopelijk storten ook wij straks niet in.”
Het deel van de stad het dichtst bij de kloof is ontruimd en afgeschermd.
Alleen onder begeleiding van de brandweer en met een veiligheidshelm op is het mogelijk een kijkje te nemen op de ‘Belvedere’, een hooggelegen omheind plein met zicht op de omgeving van Niscemi. Schuin boven de gapende kloof bungelt een rij huisjes, alsof ze op een klif zijn gebouwd.
Boven het rampgebied zoemen drones rond. Wetenschappers van de universiteiten van Florence, Catania en Enna bestuderen de aardverschuiving en hoe de massa onder het omgewoelde landschap zich nu verder zal bewegen. Mede op basis van hun rapport wordt bepaald vanaf welke afstand van de kloof de Italiaanse burgerbescherming de huizen moet slopen. Het openbaar ministerie van de nabijgelegen stad Gela is daarnaast een onderzoek naar mogelijke nalatigheid gestart, en heeft drie deskundigen van de universiteit van Palermo aangesteld.
Francesco Trombino (47), een man in korte broek, met een stoppelbaard en meerdere oorringen, baatte twintig jaar lang een gym uit in wat nu de hermetisch afgesloten rode zone is. Hij vreest dat het historische centrum van Niscemi nooit meer het oude wordt: „Het wordt vreselijk lelijk. Als een kerkhof. De aardverschuiving zoog ook een stukje leven uit Niscemi.”
Benedetta Ragusa (links) heeft met vriendinnen plantenpotten uit haar pizzeria gehaald.
Benedetta Ragusa (41) en Antonio Rinnone (47), eigenaars van een populaire pizzeria, verloren niet alleen hun zaak, maar ook hun huis. Hun woning brokkelde als een van de eersten af. Burgemeester Conti zag het gebeuren: „De auto stond nog voor de deur. Ik kreeg het doodsbenauwd bij de gedachte dat Benedetta en Toni nog in bed lagen.”
Het stel bleek niet thuis en is daardoor ongedeerd, al hebben ze bijna alles verloren: hun huis, het restaurant en de lap grond op de gebarsten heuvel, waar eeuwenoude olijfbomen, granaatappels, vijgen- en citroenbomen op stonden. „Het was paradijselijk. We woonden in het stadscentrum, maar hoorden enkel kakelende kippen en blatende schapen”, zegt Ragusa. Terwijl veel Zuid-Italianen werk en een toekomst gaan zoeken in het noorden van Italië, of in het buitenland, keerde Benedetta Ragusa, die een tijd in Bologna woonde, terug naar haar Siciliaanse roots.
Benedetta Ragusa haalt ook glazen uit haar restaurant.
Andere inwoners van Nescemi halen net als Benedetta Ragusa hun bezittingen op uit hun woningen en bedrijfspanden die in de gevarenzone staan.
De inwoners vormen een hechte gemeenschap, zeker nu. Afgelopen week hielden ze een fakkeltocht om het drama te herdenken. Achter winkelramen in de stad hangen bordjes met teksten als: „Niscemi, recht opnieuw je rug!” Maar voor toekomstplannen voelt het voor de rechtstreeks getroffenen nog te vroeg. De ontheemden hopen vooral dat ze niet worden ‘overgeplaatst’ naar een ‘nieuwbouwstad’, met tijdelijke woningen die na eerdere natuurrampen in Italië niet zo tijdelijk bleken. Zo moesten duizenden ontheemden na de zware aardbeving in het Zuid-Italiaanse L’Aquila in 2009 jarenlang in containers wonen.
In Niscemi zijn een maand geleden 1.540 bewoners geëvacueerd. De meesten logeren bij familie of vrienden, of in een B&B. Emanuela Moscato (38) verblijft met haar man Salvatore Cannizzo (40) en hun twee jonge kinderen bij haar zus, maar die heeft niet genoeg plek. „Mijn man en ik slapen op een matras op de grond”, zegt Moscato, die na een eerdere aardverschuiving in 1997 ook al werd geëvacueerd. Toen moesten zo’n vierhonderd inwoners hun huis verlaten. Samen met haar man heeft ze een kantoor voor zakelijk advies. „Gelukkig hebben we nog onze baan”, zegt hij. „Maar de kosten lopen snel op. We huren het kantoor, en straks ook een nieuwe woning, waarvoor we nog meubels moeten kopen.”
De regering in Rome maakte tot dusver 150 miljoen euro vrij voor Niscemi, om de beschadigde huizen af te breken, het gevaarlijke stadsdeel af te schermen en nieuwe woningen te bekostigen. Premier Giorgia Meloni (Fratelli d’Italia) kwam al tweemaal op bezoek en stelde een speciale regeringscommissaris aan voor de ramp in Niscemi. Maar een oom van Emanuela Moscato wacht al sinds de vorige aardverschuiving, in 1997, op een deel van de beloofde schadevergoeding voor zijn getroffen huis. Een andere oom kreeg helemaal geen vergoeding. „Ondanks die ramp beseften wij niet dat wonen in het oude stadsdeel zo gevaarlijk was”, zegt Moscato. „Moest de overheid ons dan niet waarschuwen?”
„In de 29 jaar sinds de vorige ramp gaf de gemeente geen enkele nieuwe bouwvergunning in het getroffen gebied”, zegt Giuseppe Caruso, een boomlange Siciliaan en hoofd van de dienst stedenbouw. Zijn kantoor met een okerkleurige gevel uit de Siciliaanse barok ligt vlak bij het met dranghekken omsingelde stratenblok, waar de spookstad begint. „De aarde verschoof onder het historische deel van deze stad, met soms eeuwenoude woningen.” Hoewel zelfs in 1790 al een grote aardverschuiving plaatsvond in Niscemi, ontbrak lange tijd het bewustzijn dat de streek hiervoor gevoelig was. De ramp in de 18de eeuw was te lang geleden om echt op de radar te staan, klinkt het in de stad, waar tussen de jaren veertig en zeventig van de vorige eeuw nog in risicogebied is gebouwd.
Hoeveel extra woningen nog moeten worden gesloopt, durft Caruso niet te voorspellen. „Het hangt af van wat de professori, de deskundigen zullen concluderen, maar ik ga uit van een strook van minstens vijftig meter vanaf de kloof. Dat komt neer op bijna 250 huizen.” Net als na de vorige grote aardverschuiving zullen de getroffen gezinnen uiteindelijk worden gecompenseerd. „Omgerekend ging het toen om zo’n 750 euro per vierkante meter. Zoiets verwacht ik nu ook”, zegt hij.
Volgens geoloog Collura gaat het te vaak op deze manier in Italië. „Achteraf wordt er een hoop geld op tafel gelegd, terwijl preventie een stuk goedkoper is. Welke maatregelen zijn er sinds de vorige aardverschuiving genomen? Geen enkele.” Door het oppervlaktewater beter weg te leiden, was de aardverschuiving misschien niet vermeden, maar was de impact ervan mogelijk kleiner geweest, zegt de geoloog. „Nul risico op natuurrampen bestaat niet in de geologie. Maar met efficiënt waterbeheer kun je de gevolgen van aardverschuivingen en overstromingen wel degelijk afzwakken.”
Brandweerlieden begeleiden bewoners die onder toezicht terug mogen naar hun huizen in de gevarenzone om bezittingen op te halen.
De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid