Noem een Nederlandse topbasketballer en de kans is groot dat hij met Jard Schuit (37) werkt. De Amsterdamse trainer heeft flink bijgedragen aan de Nederlandse successen in het 3x3-basketbal en de NBA.
schrijft voor de Volkskrant over Amerikaanse sporten.
Over basketbal raakt Jard Schuit niet snel uitgepraat, zo blijkt in zijn kantoortje in het Velodrome in Amsterdam-West. Hij heeft er een lange, intense trainingsdag met de 3x3-mannen en -vrouwen op zitten, maar spreekt alsof hij net, fris en fruitig, aan de dag is begonnen. ‘Ik kan ongelimiteerd tijd en energie in basketbal steken’, verklaart Schuit. ‘Zonder dat ik er moe van word of het saai begin te vinden.’ Het is een gave en een vloek tegelijk.
Veel vrije tijd heeft de 37-jarige Amsterdammer niet. Vaak staat hij hele dagen op de basketbalvloer. Thuis besteedt hij nog eens uren aan het analyseren van videobeelden, soms tot diep in de nacht. Sinds hij een vriendin heeft, is de balans beter, zegt Schuit, maar een druk baasje zal hij altijd blijven. ‘Nee’ kan hij maar moeilijk zeggen. Als een basketballer zijn hulp nodig heeft, staat hij altijd klaar.
Het veld op het middenterrein van het Velodrome, zijn vaste trainingslocatie, is zijn tweede thuis. Sinds kort huurt Schuit met zijn bedrijf All Day Athletes een kantoor in het gebouw. Aan de muur hangen ingelijste shirtjes van de basketballers die hij op weg hielp naar de Amerikaanse NBA. Als hun schema het toelaat, trainen ze in de zomer nog altijd bij hem.
Quinten Post werd een vaste waarde bij Golden State Warriors, de club waar dit seizoen ook Malevy Leons zijn eerste minuten mocht maken. Tristan Enaruna verdiende in januari een contract bij Cleveland Cavaliers en Jesse Edwards kreeg afgelopen seizoen al speeltijd bij Minnesota Timberwolves, voor hij dit seizoen bij het Australische Melbourne United tekende.
In de jonge basketballers zag Schuit potentie die veel anderen niet zagen. Ooit werd hij uitgelachen toen hij voorspelde dat er over een aantal jaar twee Nederlanders in de NBA zouden spelen. ‘Ik zat er inderdaad naast’, zegt hij met een veelzeggende glimlach. Het werden er vier. En als het aan hem ligt, is dat nog maar het begin.
Schuit is een expert op het gebied van ‘skills development’, zoals het heet. Met individuele trainingen probeert hij de best mogelijke basketballers uit zijn pupillen te beitelen. Hij begeleidt ongeveer honderd basketballers, die buiten hun club of seizoen om bij hem trainen. Ook stond hij mede aan de basis van het Nederlandse succes in het 3x3-basketbal. De mannen werden in 2024 olympisch kampioen, de vrouwen wonnen het laatste WK en EK.
In het Velodrome werkt hij op een donderdagmiddag met de Nederlandse mannenselectie, samen met bondscoach Aron Rojé. De voertaal is Engels – de taal van het basketbal, maar bovendien werd een van de spelers in de VS geboren. ‘Got him!’, schreeuwt Schuit, bal onder zijn arm, witte sokken over de pijpen van een grijze joggingbroek, als een van de basketballers zijn tegenstander met een fake (schijnbeweging) de lucht in stuurt.
Worthy de Jong, de man die Nederland in 2024 naar olympisch goud schoot, kent Schuit al sinds zijn jeugd in Amsterdam. ‘In Nederland is er geen coach zoals Jard’, zegt hij na de training op een bankje naast het veld. Hij corrigeert zichzelf. ‘Misschien in heel Europa niet.’
Als basketballer haalde Schuit met hard werken de Nederlandse eredivisie, al zat hij meestal op de reservebank. Het frustreerde hem toen al dat hij zijn honger om beter te worden maar moeilijk kon stillen. ‘Ik merkte dat ik snel vooruitging naarmate ik meer tijd in mijn spel stak’, zegt Schuit; maar voor extra individuele trainingen kon hij nergens terecht.
Samen met andere jonge basketballers, onder wie leeftijdsgenoot De Jong, struinde hij Amsterdam en omstreken af, op zoek naar beschikbare zaaltjes. Zijn voormalige compagnon Dominique Schemmekes, inmiddels eigenaar van een club in Haarlem, sloot aan met zijn eigen groep spelers. Na het online plaatsen van filmpjes begon het gezelschap hard te groeien. Schuit nam een coachingsrol aan.
Ook Quinten Post, bezig aan zijn tweede seizoen in de NBA, maakte vanaf zijn 17de deel uit van de groep. Als Schuit ergens een zaaltje had gevonden, sprong de toenmalige jeugdspeler van Apollo Amsterdam op zijn fiets om aan te sluiten. ‘Het allerbelangrijkst was dat je een plek had om te trainen’, zegt Post, ‘en tegen jongens van jouw level kon spelen.’
Via de groep van Schuit leerde hij de beste spelers van zijn generatie kennen. Bij de trainingen trokken de basketballers zich aan elkaar op, in appgroepjes leerden ze elkaar beter kennen. ‘Veel van die jongens spelen nu in Amerika of Europa op hoog niveau’, zegt Post. ‘Jard heeft dat toch wel voor een groot deel gefaciliteerd.’
Nog altijd werkt hij samen met Schuit. Post scrollt door zijn telefoon. Een, twee, drie, vier, begint hij te tellen. Hij stopt bij achttien. ‘Zo veel filmpjes kreeg ik laatst nog van hem doorgestuurd. Het zijn clipjes uit mijn wedstrijden. Voorbeelden van dingen die ik kan verbeteren. Soms bespreken we de beelden aan de telefoon.’
Schuit heeft hem onder meer geholpen met zijn voetenwerk, zegt Post. ‘Daar ben ik door hem anders naar gaan kijken. Waar begin ik mijn dribbel? Waar pak ik die op? Dat soort dingen.’
Worthy de Jong omschrijft de werkwijze van Schuit als onorthodox. ‘Heel erg creatief, out of the box. Hij kijkt naar kwaliteiten die spelers op basis van hun fysiek aan hun spel kunnen toevoegen, ongeacht de positie waarop ze spelen.’
In plaats van het eindeloos herhalen van dezelfde oefeningen, plaatst Schuit zijn pupillen in situaties die in de wedstrijd kunnen voorkomen. Altijd heeft een speler een tegenstander tegenover zich, meestal Schuit zelf.
‘Bij zijn trainingen probeert hij bepaalde live-elementen te simuleren’, zegt Tristan Enaruna, die onlangs zijn debuut maakte bij Cleveland Cavaliers. ‘Hij laat je op verschillende manieren en onverwacht een schot nemen. De ene keer na één dribbel, de andere keer na twee dribbels. Dat soort dingen zijn makkelijk te vertalen naar de wedstrijd.’
Volgens Schuit zelf is zijn werkwijze niet in een oneliner te vangen. Elk individu vraagt om een andere aanpak, zegt hij. Een universele blauwdruk voor de basketballer bestaat niet. ‘Het is een complex proces. Je moet telkens uitvinden wat wel werkt en wat niet. Ik heb ook kritisch naar mezelf moeten kijken en heb veel kennis uit het buitenland opgedaan.’ Tegenwoordig kloppen coaches en scouts uit grotere basketballanden juist bij hem aan.
Graag wil Schuit zijn rol nuanceren, hoezeer de spelers met wie hij werkt hem ook bewieroken. Zeker bij het 3x3-basketbal doet hij het niet alleen. ‘En uiteindelijk moeten de spelers het zelf doen’, zegt Schuit. Maar tegelijk klinkt hij zelfbewust, overtuigd van zijn aanpak. Ook hij ziet dat geen andere trainer in Nederland dezelfde resultaten behaalt.
Vooral als hij over één bepaalde speler spreekt, klinkt de trots door in zijn stem. Endurance Aiyamenkhue, heet de 18-jarige uit Amstelveen, inmiddels in dienst van het Duitse Ulm. Zijn ‘basketbalbaby’, grapt Schuit.
Basketbaltalent Endurance Aiyamenkhue uit Amstelveen in actie tijdens een training met Jard Schuit.
Toen hij hem voor het eerst zag, had de 2,09 meter lange ‘Endi’ nog maar zelden een basketbal aangeraakt. Inmiddels speelt Aiyamenkhue tegen grote mannen in Duitsland en wordt hij uitgenodigd voor trainingskampen van de NBA, waarvoor alleen de beste niet-Amerikaanse talenten in aanmerking komen.
Schuit plukte Aiyamenkhue bij wijze van spreken van de straat. Andere spelers, zoals Post, hadden al een bepaalde basis, maar bij Endi moest Schuit op nul beginnen. ‘Ik zag hem rondlopen bij een toernooitje en dacht meteen: deze jongen moet gaan basketballen. Hij was 14 jaar oud en 2,04 meter lang. Aan zijn manier van bewegen kon je zien dat hij aanleg had.’
Om hem te overtuigen nodigde Schuit eerst een vriendje uit voor een training, ‘want zelf was hij toen nog superschuw’. Maar ook Aiyamenkhue kwam uiteindelijk mee. Schuit liet hem in de zomer meetrainen met Jesse Edwards, Malevy Leons en andere jongens die op dat moment al aan een universiteit in de VS speelden. ‘Je zag hem langzaam geïnspireerd raken.’
Toch kon ook Aiyamenkhue aanvankelijk niet bij een club terecht. Volgens Schuit is het nog altijd een van de grootste problemen van het Nederlandse basketbal: de animo onder de jeugd is behoorlijk, maar de wachtlijsten bij clubs zijn lang. Door het gebrek aan plek kunnen talenten als Aiyamenkhue verloren gaan, vreest hij. Bij hem kunnen ze wél terecht.
Sinds een tijdje kan Schuit leven van het basketbal. Bij zijn bedrijf heeft hij een handvol mensen in dienst, anderen werken op freelancebasis voor hem. De liefde voor zijn sport is altijd zijn belangrijkste drijfveer geweest, maar het is meegenomen dat hij nu ook op financieel vlak eindelijk de vruchten kan plukken van zijn investeringen.
Een kleine vijftien jaar geleden moest Schuit het huren van zaaltjes en materiaal vaak nog uit eigen zak betalen. Hij had het ervoor over. Schuit ziet zichzelf als meer dan een basketbalcoach. Hij begon ooit met coachen omdat hij merkte dat hij kansarme jongeren via sport kon raken.
‘Ik kwam jongens tegen die helemaal niks hadden: geen stroom, geen eten. Ik wist niet dat dat bestond in Nederland. Ze konden met niemand praten, maar door basketbal wist ik ze te bereiken.’
De Jong ziet hoeveel Schuit overheeft voor zijn basketballers. ‘Hij wil het beste in ze naar boven halen. Als dat vereist dat hij iemand onderdak moet bieden, of financiële hulp omdat ze de training niet kunnen betalen, dan komt hij diegene tegemoet.’
Wel vraagt Schuit er wat voor terug. ‘Als jij je best doet, doe ik dat ook’, zegt hij. ‘Dan gaan we er alles uitpersen.’ Een blik op zijn laptop maakt duidelijk dat hij het meent. Zijn scherm staat vol planningen en spreadsheets. Elk uurtje van een trainingsweek is tot in de kleinste details ingevuld. Voeding, rust, krachttraining: alles is uitgestippeld, voor elk van zijn spelers.
Een van hen is Enaruna. Lang stond hij bekend als het grootste talent van zijn generatie, voorbestemd voor de NBA. Maar het duurde even voor hij die competitie bereikte. Dat Cleveland Cavaliers hem onlangs een contract bood, was volgens de basketballer deels het gevolg van een pittige trainingszomer met Schuit.
In het Velodrome werkte hij aan het vertrouwen in zijn schot. ‘Jard heeft mijn gedachtegang tijdens het schieten aangepast. Hoe reageer je op een misser? Wat als je een paar keer achter elkaar raak schiet? Hij weet dat ik, zeker tijdens trainingen, emotioneel kan zijn, omdat ik alles perfect wil doen. Maar de negatieve emotie na een misser mag niet je volgende schot beïnvloeden. Daar hebben we aan gewerkt.’
Bij de begeleiding van de Nederlandse NBA’ers werkt Schuit samen met hun Amerikaanse clubs – ook in het basketbalwalhalla weten ze de Nederlander inmiddels te vinden. Ja, hem is weleens een baan in het buitenland aangeboden, maar in Nederland is hij voor zijn gevoel nog niet klaar. Schuit wil helpen bij het wegwerken van wachtlijsten bij clubs, leidt coaches op en wil zomerse clinics met de NBA-spelers opzetten.
Voor de 3x3-basketballers ziet hij goede kansen bij de Spelen van Los Angeles in 2028, voor zowel de vrouwen als de mannen. En als alles meezit, zullen de komende jaren nog meer Nederlandse talenten de NBA halen. Zijn pupil Dwayne Aristode, nu eerstejaars bij de sterke University of Arizona, staat er goed op bij NBA-scouts, en volgens Schuit maakt ook Endurance Aiyamenkhue een kans.
Meer namen wil hij liever niet noemen, maar hij denkt dat een stuk of zeven Nederlandse talenten aanspraak maken op een plek in de NBA. Uitgelachen wordt hij niet meer.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant