Ede werd de afgelopen week drie keer opgeschrikt door nachtelijke pogingen tot brandstichting bij verschillende kerken. Donderdag werd een verdachte aangehouden. ‘We wisten dat het niet specifiek gericht was tegen een van ons.’
is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.
Naast de zwartgeblakerde deur en het door hitte geknapte glas in lood wordt op een geplastificeerd A4’tje met historische feiten over de Oude Kerk in Ede kort melding gemaakt van de vorige noemenswaardige brand die er woedde. ‘Na een brand in 1635 is de kerk hersteld.’
Met dezelfde nuchterheid benadert Dirk Duijzer, voorzitter van de Raad van Kerken Ede, de jongste brand bij de kerk met het 12de-eeuwse fundament. ‘We zijn vooral opgelucht’, zegt hij verwijzend naar het politiebericht dat donderdagochtend uitging, kort voor zijn aankomst bij de kerk.
Een 27-jarige man is aangehouden op verdenking van brandstichting bij de Oude Kerk en de twee andere Edese kerken die de afgelopen week doelwit waren. Hij zal waarschijnlijk deze week worden voorgeleid bij de rechter-commissaris.
De arrestatie maakt een voorlopig einde aan de staat van alertheid waarin de kosters van circa dertig kerkgebouwen in Ede de afgelopen dagen verkeerden. ‘Het was toch spannend dat ze, al dan niet met hond, ’s nachts gingen posten om te zien of het rustig was bij hun kerk’, zegt Duijzer staand voor de zwaargehavende deur van de Oude Kerk. Onder zijn voeten is de straat tot anderhalve meter van het gebouw aangetast door vlammen.
In tegenstelling tot de politie wil Duijzer wel speculeren over de dader: een ‘verward persoon’, gevalletje ‘dader maar ook slachtoffer van zijn eigen gedrag’, zegt hij. ‘Wie gaat anders midden in de nacht zijn bed uit om een kerk in de brand te steken? En dan ook nog zo klungelig, met wat vloeibare brandstof op een deur.’
Bij een zijdeur van de kerk was in dezelfde nacht, van 24 op 25 februari, ook kortstondig brand. Schilder Thijs Gorts (65) is al begonnen met herstellen. De brandplekken zijn weggeschuurd, nu polijst hij de messing deurklink. Over de veel zwaarder getroffen, monumentale toegang tot de klokkentoren, zegt hij: ‘Dat is einde oefening’.
De stad in de Bijbelgordel lijkt goed op de hoogte van de gebeurtenissen van de afgelopen dagen. De ene na de andere inwoner houdt stil om naar de deur te kijken, een foto te maken en het hoofd meewarig te schudden. ‘Treurig’, zegt mevrouw G. de Pater (60) na het maken van een foto. ‘Geen goed teken, een kerk in de brand steken. Ik vind dat pure haat.’
Ongevraagd blijken meerdere voorbijgangers een profielschets van de dader paraat te hebben. ‘Je mag het niet zeggen, maar ik moet meteen aan een moslim denken’, zegt een man met rode Kipling-rugzak„ al is er geen bewijs voor zijn bewering. Zijn naam wil de 70-jarige Edenaar niet geven vanwege de ‘ontiegelijk christelijke fanatiekelingen’ in zijn stad.
Een 80-jarige man die iedere zondag naar de Oude Kerk gaat, en zijn naam niet wil geven omdat hij niet graag in de belangstelling staat, houdt het net als Duijzer op ‘een van de vele mensen’ die tegenwoordig in de war zijn. Van het kaliber dat ook ‘zomaar iemand van zijn fiets schopt’, analyseert hij voor de vuist weg. ‘Ik zie het nut er niet van in’, zegt hij over de brandstichting. ‘Probeer nou toch toleranter te zijn naar elkaar.’
In de nachten voor de brandstichting in de Oude Kerk was het raak bij de Evangelisch Lutherse Kerk en de evangelische gemeente De Schuilplaats. De politie laat weten dat de brandweer het vuur in alle gevallen snel onder controle had.
Dat de Oude Kerk niet het enige doelwit was in zijn stad, gaf Duijzer als voorzitter van de Raad van Kerken Ede ‘iets van rust’. ‘We wisten daardoor dat het willekeurig was, niet specifiek gericht op een van ons.’
De circa twintig gesprekken die hij de afgelopen dagen met kerken voerde in zijn stad, sterkte hem in zijn gedachten hierover. ‘Iedereen was tamelijk rustig’, zegt Duijzer. ‘Niemand die vijanden heeft en onderling is er ook geen haat.’ Hij sprak ook met de leiding van de twee moskeeën in Ede. ‘Die vinden het ook vervelend.’
De predikant van de Oude Kerk, J.C. Breugem, zegt te zijn ‘geraakt’ door de branden. Hij hoopt op een goed moment met de dader in gesprek te kunnen. Hij voelt zich desgevraagd eerder verdrietig dan geïntimideerd. ‘Laten we het vooral niet groter maken dan het is’, zegt hij. ‘Zondag is de kerk gewoon weer in gebruik.’
Breugem zal dan zelf voorgaan en ‘enige aandacht’ besteden aan de brand, omdat hij weet dat dit in zijn kerkgemeente ‘wel degelijk hard is aangekomen’. Hij beseft dat mensen verknocht zijn aan een gebouw met zoveel schoonheid.
‘Maar zoals elke zondag in twee diensten gebeurt, zal het vooral gaan over de reddende boodschap van Jezus’, zegt hij. ‘Dat is belangrijker, want we zijn er niet om hout en een stapel stenen te beheren.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant