Home

Hoe Trumps heffingen steeds meer hun doel voorbijschieten

Opnieuw veroorzaakten de Amerikaanse importheffingen afgelopen week veel commotie. Vrijdag schrapte het Hooggerechtshof een deel van de heffingen, direct daarna voerde president Donald Trump een rits nieuwe in. Enkele grafieken om orde te scheppen in de chaos.

Door Pepijn de Lange

Graphics Eleanor Mohren

Juridische strijd drukt vooral de importheffingen voor Trumps grootste vijanden

Alsof je na een heftige storm naar buiten stapt om de schade aan je huis te overzien. Welke muren zijn weggevaagd? Wat staat nog overeind? Zo moeten Amerikaanse economen zich deze week voelen na de uitspraak van het Amerikaanse Hooggerechtshof over Trumps importheffingen en de furieuze reactie van de president zelf.

Eerst de tijdlijn: vrijdagochtend (lokale tijd) verklaarde het hoogste gerechtelijke orgaan in de Verenigde Staten een groot deel van Trumps heffingen illegaal. Halverwege de middag kondigde de president daarop een nieuwe, tijdelijke wereldwijde heffing van 10 procent aan. Een dag later zei hij die te verhogen tot 15 procent. Toen het nieuwe beleid dinsdag om middernacht daadwerkelijk van kracht ging, bleek Trumps regering toch de heffing van 10 procent te hebben ingevoerd.

Vooral Trumps grootste vijanden profiteren van deze juridische strijd. Tot vorige week hadden China, Brazilië en India te maken met de hoogste gemiddelde importheffingen.

Voor die landen viel de resterende heffing na de uitspraak van het Hooggerechtshof flink lager uit, becijferde onderzoeksbureau Global Trade Date. Brazilië bijvoorbeeld zag zijn heffing teruglopen van 26,3 tot 6,8 procent.

De nieuwe heffing van 15 procent die Trump aankondigde, treft alle importpartners ongeveer even hard: landen worden alleen zwaarder geraakt als ze meer handel drijven met de VS.

Omdat de daadwerkelijk ingevoerde heffing iets lager is (10 procent), pakken de verschillen tussen importpartners nog wat kleiner uit.

Het afgelopen jaar gebruikte Trump zijn heffingen onder meer om Brazilië en India om politieke redenen onder druk te zetten. Vanwege zijn economische slagkracht moest ook China het ontgelden. In de nieuwe situatie zien deze landen de importheffingen op hun producten het meest dalen, blijkt uit de analyse van Global Trade Data, een in Zwitserland gevestigd onafhankelijk onderzoeksbureau.

De totale Amerikaanse goederenimport wordt nu fors minder belast. Kort voordat het Hooggerechtshof ingreep, bedroeg de gemiddelde heffing 15,4 procent. Inmiddels is die gedaald tot 11,6 procent. Als Trump alsnog de hogere basisheffing invoert, komt de belasting op de invoer ongeveer in het midden uit.

Voor sommige sectoren zijn de gevolgen groter dan voor andere. Kinderspeelgoed en sportartikelen bijvoorbeeld, die Amerikanen vooral uit China halen, worden volgens Global Trade Data een stuk goedkoper om te importeren. Hetzelfde geldt voor kleding, veelal afkomstig uit Zuidoost-Aziatische landen. Voor productcategorieën waarin veel ijzer en staal wordt verwerkt, zijn de verschillen minder, omdat die stoffen met andere heffingen belast worden.

Het is nog onduidelijk of de nieuwe, wereldwijde heffing eerder afgesloten handelsakkoorden verwerpt. De Europese Commissie, die afgelopen zomer tot een overeenkomst met Trump kwam, bezweert van niet. Eurocommissaris Maros Sefcovic (Handel) zei dinsdag dat de Amerikaanse regering hem had verzekerd nog altijd achter de overeenkomst te staan.

Heffingen beïnvloeden niet hoeveel, maar vooral in welk land Amerikanen producten inkopen

Als belangrijke reden voor alle importheffingen noemt Trump dat hij de Amerikaanse afhankelijkheid van het buitenland wil verkleinen. Keer op keer herhaalt de president dat zijn beleid de goederenimport zou doen verminderen, om zo de binnenlandse industrie nieuw leven in te blazen. Het tegenovergestelde lijkt echter te gebeuren.

Sinds Trumps terugkeer in het Witte Huis is de import juist gestegen. Dat komt vooral omdat bedrijven massaal voorraden insloegen toen Trump aan het begin van zijn nieuwe presidentschap de eerste heffingen afkondigde. In maart, kort voor Trump op ‘Liberation Day’ (2 april) tientallen heffingen aankondigde, nam de goederenimport zelfs toe tot een nieuw record van 346 miljard dollar.

Het Amerikaanse ‘handelstekort’ dat Trump zo stoort, bereikte zo afgelopen jaar het hoogste niveau in de geschiedenis van het land. In totaal importeerden de VS voor 3,4 miljard dollar aan goederen, terwijl ze maar voor 2,2 miljard verkochten, blijkt uit cijfers die het Amerikaanse overheidsbureau voor Economische Analyse vorige week publiceerde. Het handelstekort voor goederen bedroeg daarmee ruim 1,2 miljard dollar. Qua diensten is de handelsbalans van de VS wel positief.

Hoewel de import niet is afgenomen, hebben de heffingen wel geleid tot grote verschuivingen in de precieze handelsstromen naar de VS. In 2024 haalden de Amerikanen nog voor bijna 439 miljard dollar aan goederen uit China. Afgelopen jaar daalde dit met 30 procent tot 308 miljard. In de Europese Unie en Mexico, maar vooral in Taiwan en Vietnam kochten de Amerikanen juist meer producten in.

Heffingen op goederenhandel als goudmijn voor Amerikaanse overheid

Trumps liefde voor importheffingen lijkt vooral gestoeld op de extra inkomsten die ze genereren. Het geld dat de douane ontvangt, kan op termijn zelfs ‘grotendeels het huidige systeem van inkomstenbelasting vervangen’, beweerde de president dinsdag in zijn State of the Union – maar daarvoor leveren de heffingen bij lange na niet genoeg op.

Vaststaat dat de Amerikaanse overheid de inkomsten uit de importheffingen goed kan gebruiken. In het vorige boekjaar, dat liep van oktober 2024 tot en met september 2025, brachten importheffingen en andere douane-inkomsten in totaal 195 miljard dollar binnen, tweeënhalf keer zoveel als het jaar ervoor. In het huidige boekjaar vallen de inkomsten nog hoger uit, al blijft het bedrag vergeleken met de 2.600 miljard dollar aan inkomstenbelasting gering.

Met de uitspraak van het Hooggerechtshof zag Trump ineens een groot deel van deze inkomsten wegvallen. Volgens berekeningen van Penn Wharton, de handelshogeschool van de Universiteit of Pennsylvania, waren de illegaal verklaarde importheffingen de laatste maanden goed voor grofweg de helft van de douaneinkomsten. De Amerikaanse minister van Financiën, Scott Bessent, haastte zich dit weekend dan ook om te zeggen dat de nieuwe basisheffing de inkomsten ‘vrijwel ongewijzigd’ zou laten.

Importheffingen worden grotendeels betaald door Amerikanen zelf

De illegaal geheven belastingen zijn extra pijnlijk voor Trump, omdat het geld grotendeels afkomstig is uit de portemonnee van Amerikaanse burgers en bedrijven. De president heeft herhaaldelijk beweerd dat de importheffingen worden betaald door buitenlandse bedrijven, maar verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat dat een verkeerde voorstelling van zaken is.

In de eerste maanden van 2025 betaalden Amerikaanse bedrijven en consumenten 94 procent van de heffingen, becijferde de Federal Reserve Bank van New York. Vanaf het najaar verlaagden buitenlandse bedrijven hun prijzen enigszins, maar nog altijd zijn de importheffingen vooral een binnenlandse belasting. Twee andere onderzoeksbureaus (het Amerikaanse NBER en het Duitse Kiel Institute) trekken soortgelijke conclusies.

Welke Amerikaanse schakel in de handelsketen precies voor de kosten opdraait, is moeilijker te zeggen. De importheffingen worden in eerste instantie betaald door de bedrijven die daadwerkelijk producten uit het buitenland inkopen. Het is niet bekend in hoeverre zij kosten hebben doorgerekend aan tussenhandelaren en consumenten.

Inmiddels zijn de eerste bedrijven opgestaan om zich hard te maken voor terugbetaling van de illegaal geheven invoerbelastingen. Het Hooggerechtshof liet in zijn uitspraak van vrijdag het oordeel over restituties aan lagere rechters. Maandag spande koeriersdienst FedEx als eerste grote bedrijf een rechtszaak aan om de overheid daartoe te dwingen. Naar verwachting volgen meer bedrijven.

Op de Amerikaanse beurs wordt al langere tijd gespeculeerd op mogelijke terugbetalingen. Vooruitlopend op de uitspraak van het Hooggerechtshof meldde persbureau Reuters in december al dat verscheidene Amerikaanse bedrijven hun rechten op terugbetalingen voor een fractie van het bedrag overdroegen aan beleggingsfondsen.

De regering van Trump weigert te praten over welke vorm van terugbetaling dan ook. Verschillende Democratische senatoren hebben een wetsvoorstel ingediend om de Amerikaanse douane daartoe te dwingen, maar zonder meerderheid in het Huis van Afgevaardigden of Senaat kunnen zij dit plan moeilijk doorzetten. Wel kan dit een thema worden bij de tussentijdse verkiezingen in november.

Miljarden terugbetalen? Dit zijn de praktische gevolgen van de uitspraak over Trumps importheffingen

Het Amerikaanse Hooggerechtshof zette vrijdag een streep door het grootste deel van de importheffingen van Donald Trump. De president reageerde direct met een nieuw, tijdelijk invoertarief van 10 procent. Zaterdag verhoogde hij dat zelfs naar 15 procent. Hoeveel geld staat er op het spel? En wat betekent dit voor de handel met Europa?

Nieuw invoertarief van 10 procent is Trumps antwoord op nederlaag bij Hooggerechtshof

President Donald Trump heeft vrijdag een nieuw invoertarief van 10 procent aangekondigd, enkele uren nadat het Amerikaanse Hooggerechtshof het merendeel van zijn wereldwijde handelstarieven ongeldig verklaarde. De uitspraak van het hof geldt als een van de zwaarste nederlagen voor Trump sinds het begin van zijn tweede ambtstermijn.

Trumps invoertarieven zijn onwettig, oordeelt Hooggerechtshof, en herroept ze per direct

De invoerheffingen waarmee president Donald Trump vorig jaar de wereldhandel op zijn kop zette, zijn onwettig. Dat oordeelde het Amerikaanse Hooggerechtshof vrijdag. De heffingen worden per direct teruggedraaid.

Source: Volkskrant

Previous

Next